TEL AVIV (ANP) – Een Nederlands-Israëlische stuurgroep veroorzaakt in Tel Aviv grote beroering met plannen voor vier kunstmatige eilanden voor de kust van de stad. De eilanden moeten ruimte bieden voor woningen en eventueel een vliegveld. Tel Aviv is bezorgd over het uitzicht over zee en de gevolgen voor het eco-systeem.

Israël en Nederland besloten in 1996 tot een haalbaarheidsstudie naar de eilanden. De kosten van het onderzoek (vier miljoen gulden) delen beide landen. Als het project gerealiseerd wordt, valt er bijna acht miljard gulden te verdienen.
Donderdag presenteerde de stuurgroep het voorlopige rapport van de haalbaarheidsstudie, die in maart definitief klaar moet zijn. Ingenieur H.J. de Haan van Rijkswaterstaat noemt de kritiek over het algemeen nuttig en vaak zeer terecht. Maar wel een beetje voorbarig. ,,Men schijnt ten onrechte te denken dat de eilanden binnen anderhalf jaar al deel uit zullen maken van het landschap.’’ De eilanden zijn op zijn vroegst in 2020 klaar.
Rijkswaterstaat neemt samen met een aantal Nederlandse bedrijven deel in de haalbaarheidsstudie.

Vloedgolven
Wooneilanden of een vliegveldeiland, waardoor de luchthaven van Tel Aviv kan veranderen in een woongebied, kunnen tegen die tijd uitkomst bieden. De vooruitzichten voor de wooneilanden lijken gunstig. Israël is niet onderhavig aan vloedgolven, sterke getijden of extreem fluctuerende waterstanden. Een groot probleem is echter het aanwezige zand. Dat is in principe te fijn voor de bouw van de eilanden.
Ook de zogenoemde koerkar in de bodem, een soort kalksteen die te hard is om op te zuigen door de sleephopperzuigers van Nederlandse baggerbedrijven vraagt nog om oplossingen. De oplossing is wellicht om bij de kust van Egypte zand te halen, maar dat idee zou uit politiek overwegingen bij de buren op weerstand kunnen stuiten.