Verhoging van de verkeersveiligheid, imagoverbetering van de eigen branche en de mogelijkheid voor leden om tegen aantrekkelijke voorwaarden het eigen wagenpark te verzekeren, waren de voornaamste redenen voor de VKE (Verenigde Koeriers en Expresbedrijven) om onlangs met een verkeersveiligheidsproject van start te gaan. Voor die gelegenheid werd samenwerking gezocht met Mees en Zonen, Marsh en MacLennan, Royal Nederland en BOV (Beroepsopleidingen Verkeersveiligheid). Het voornaamste doel van het project is dat koeriersbedrijven voortaan bij een van de genoemde maatschappijen autoverzekeringen kunnen onderbrengen, die gekoppeld zijn aan een schadepreventieplan. ,,Rijvaardigheidstraining van de chauffeurs is voorwaarde voor deelname aan het project. Op die manier hopen we in de toekomst ongelukken te voorkomen’’, zegt D.K. Kamminga, de voorzitter van de VKE, een deelmarkt van Transport en Logistiek Nederland.
,,De koeriers krijgen tijdens de dagelijkse werkzaamheden een instructeur naast zich die hen – waar nodig – corrigeert in het rijgedrag en de chauffeurs opmerkzaam maakt op alles wat tijdens het rijden gevaar kan opleveren. Tevens zullen deelnemende bedrijven worden doorgelicht om te onderzoeken waardoor het komt dat er in sommige gevallen te veel schade ontstaat. Als we preventief kunnen werken en op deze manier knelpunten wegnemen, zal het schadeverloop in de branche verbeteren.’’
Van de ruim driehonderd leden die de VKE telt, doen momenteel vijftien bedrijven mee met het project. Dertig andere bedrijven hebben te kennen gegeven zich hierbij te willen aansluiten. Kamminga en zijn collegabestuursleden verwachten veel van het project. Het is één van de manieren, waarop de kleine en middelgrote koeriers- en expresbedrijven zich in de markt willen onderscheiden. Hij voorziet dat de kleinere expresbedrijven steeds meer klantgericht gaan operereren. ,,Goed luisteren naar signalen van opdrachtgevers en daar snel, adequaat en efficiënt op inspelen. Daar liggen de mogelijkheden voor kleinere bedrijven. Er zijn veel verladers die om die redenen bewust kiezen voor de kleinere en middelgrote koeriersbedrijven. Verdergaande specialisatie is de kracht van die bedrijven. Ik zie het bijvoorbeeld bij Kappa Koerier, het bedrijf waarvan ik zelf directeur ben. We hebben een bedrijfsonderdeel dat gespecialiseerd is in Expres Palletvervoer; een van onze specialisaties is ook het opslaan van gevoelig materiaal, dat we zeer snel kunnen uitleveren. Expres Koelvervoer past ook heel goed in die policy.’’
Om die reden is hij ervan overtuigd dat er altijd een aanzienlijke markt zal zijn voor de kleinere expresbedrijven. Er staan momenteel in ons land tweeduizend expresbedrijven ingeschreven bij de Kamers van Koophandel. Daarbij horen ook bedrijven die maar één auto hebben rijden.

Concentratie
De belangrijkste spelers zijn, volgens Kamminga, aangesloten bij de VKE. ,,Ik verwacht dat dat aantal in de toekomst ongeveer gelijk zal blijven. Er zullen wellicht concentraties plaatsvinden, maar het gaat hier om een goed functionerende groep die de markt uitstekend kent. Om die reden vinden steeds meer samenwerkingsverbanden plaats. Dat zie ik ook in de toekomst sterk toenemen. De kleinere koeriers blijven kleine ondernemers. Ze zullen dus waar mogelijk de eigen zelfstandigheid blijven nastreven. Wel is men zich bewust dat bepaalde vormen van samenwerking noodzakelijk zijn om een goed product te kunnen leveren. Kleinere bedrijven kunnen vaak niet altijd landelijk opereren, samen kan dat wel.’’
De afgelopen tijd hebben binnen de koeriers- en expresbranche tal van overnames plaatsgevonden. Zo nam de TNT Post Groep Jet Services over, terwijl de Duitse posterijen een belang namen in DHL (25 procent), Securicor (vijftig procent) en Danzas (honderd procent). Kamminga vindt dit soort overnames door grote bedrijven niet per definitie verkeerd. ,,Ons voornaamste bezwaar is gericht op de manier waarop er gefinancierd wordt. De nationale postbedrijven hebben in feite een oneerlijke voorsprong op de concurrentie. Het punt is natuurlijk: in hoeverre en in welke mate worden die overnames worden gefinancieerd door gelden die uit die monopoliepositie zijn verworven. Iedereen die daartoe mogelijkheden ziet, is geïnteresseerd in overnames. De markt ligt open, alleen de startpositie is niet eerlijk. Mijn grootste bezwaar is dat de openbare diensten van deze postbedrijven meeliften op de monopoliediensten binnen het concern. Het is nooit helder in hoeverre de auto’s van de exprespost van PTT mede zijn gefinancierd door de verkoop van postzegels.’’
Volgens Kamminga is de TNT Post Groep momenteel te prominent aanwezig in de markt, maar heeft de VKE op dit moment geen acties in petto, bijvoorbeeld in het kader van de Mededingingswet. ,,De TNT Post Groep zit momenteel net op de grens van wat wij acceptabel vinden. Men is in het verleden zeer actief geweest in het opkopen van expresdiensten. Met de overname van TNT is een grote stap voorwaarts gemaakt. Ik denk dat er momenteel niet zoveel in de markt van de kleinere bedrijven geacquireerd wordt. We volgen natuurlijk wel wat er gebeurt, want als de markt nog verder wordt afgeroomd ,dan acht ik zeker niet uitgesloten dat de koeriers in actie komen. Toch zou het me niet verbazen als het marktaandeel van de TNT Post Groep in de toekomst zelfs wat zal afnemen. De markt wordt steeds liberaler, de Europese grenzen vervagen. Alle grote spelers zullen ook in andere landen een belangrijke positie willen innemen.’’ Kamminga verwacht, ondanks de opmars van de moderne media, geen verschraling van het expresaanbod. ,,Natuurlijk is er van afkalving sprake geweest door toename van het elektronisch berichtenvervoer. Anderzijds vraagt deze maatschappij steeds meer om urgentie.

Duurder
Dat compenseert het verlies aan elektronisch berichtenvervoer ruimschoots. Wel verwacht ik dat expresdiensten in de toekomst steeds duurder zullen worden door de congestie op de Nederlandse wegen. Dit kan eigenlijk al niet meer. Er is voor het beroepsvervoer in het algemeen en het expresvervoer in het bijzonder vaak geen doorkomen aan. Dat zullen de opdrachtgevers uiteindelijk moeten betalen.’’