Van der Vorm is geen onbekende in de transportwereld. Als secretaris van het Hoofdbedrijfschap houdt hij zich veel bezig met transport en logistiek voor die tak van de agrarische sector. Zeker het spoorvervoer heeft zijn aandacht. Hij is dan ook bestuurslid van het European Rail Freight Customers Platform.
Zo vlak voor de verkiezingen blaakt de politicus in spe van zelfvertrouwen. Van der Vorm stond al niet bekend als een timide persoon, maar nu is zijn woordenstroom helemaal niet meer te stuiten. Een regen van woorden, die regelmatig uitmondt in een tirade tegen het linkse deel van politiek Nederland. Hij is ervan overtuigd dat hij wordt gekozen. Van der Vorm staat derde op de lijst van de LPF in Zuid-Holland en volgens hem staat de partij op acht tot tien zetels in de peilingen. Bij de landelijke verkiezingen mag de partij dan flink verloren hebben, in Zuid-Holland heeft de partij een grote aanhang, is zijn analyse.
Zijn eerste politieke daad was tegen links gericht. ,,In Dordrecht, waar ik woonde en nog steeds woon overigens, was in de jaren zeventig een linkse meerderheid. Na oeverloze debatten besloot het college dat de Dag van de Arbeid zichtbaar moest worden gemaakt door een rode vlag te hijsen op een openbaar gebouw. Wat iedereen thuis doet, moet hij zelf weten, maar op een openbaar gebouw kan dat niet, vind ik. Samen met enkele studiegenoten heb ik die vlag er toen af gehaald. Dat vond ik heel leuk’’, vertelt hij met zichtbare trots.
De politieke belangstelling komt niet uit de lucht vallen. In zijn jeugd was de 45-jarige Van der Vorm lid van de JOVD en later van de VVD. In die partij kwam hij naar eigen zeggen niet veel verder. ,,Die politieke belangstelling heeft te maken met een stukje onvrede. Ik zie zoveel dingen die ik anders zou doen. Je kunt altijd aan de kant blijven staan en cynisch commentaar leveren, daar sta ik ook wel bekend om, maar je kunt het op een gegeven moment ook zelf gaan doen.’’
De omslag kwam op 7 mei vorig jaar toen hij meeliep in de stille tocht in Rotterdam voor Pim Fortuyn, die toen net vermoord was. ,,Ik liep met mijn man en mijn dochter op de Coolsingel en toen ik zag hoeveel mensen daartoe bewogen werden en ik al die briefjes las bij de bloemenzee voor het stadhuis, toen dacht ik: ‘Hier is een grens overschreden’. Ik voelde toen dat de tijd gekomen was om zelf een steentje bij te dragen aan een andere wijze van publiek bestuur. 1,6 Miljoen mensen hebben op Fortuyn gestemd om de politici te laten merken dat we ons hier niet thuis voelen. In een jaar tijd is het politiek bestel ‘gefortuyniseerd’. Dat was voor mij het moment om het zelf ook te gaan proberen. Als een aantal mensen het lef heeft zijn nek uit te steken, dan moet je kijken of je die mensen kunt helpen.’’
Van der Vorm kiest met opzet voor Provinciale Staten. Hij wil zijn baan als secretaris van het Hoofdbedrijfschap Agrarische Groothandel Groenten en Fruit niet opgeven. ,,Mijn mogelijkheden zijn beperkt. Dat is reden om voor de provinciale overheid te kiezen. Eén woensdag in de maand is er vergadering en een à twee avonden per week ben je bezig met commissies. Ik wil me beperken tot die gebieden waar ik me dagelijks mee bezig houd, namelijk tuinbouw en logistiek. Daar ben ik al 23 jaar mee bezig.’’
Op dat terrein heeft de toekomstige politicus zijn verlanglijstje klaar. Een versnelde aanleg van de A4, aanleg van de verlengde Veilingroute, verbinding van de A13 met de A16, aanleg van de Tweede Maasvlakte en vermindering van de administratieve lastendruk voor bedrijven staan in het verkiezingsprogramma van de LPF Zuid-Holland. Van der Vorm kan zich aardig opwinden over die onderwerpen. ,,Zo’n A4 die er al dertig jaar ligt en alleen het asfalt ontbreekt over een stukje van zes kilometer, terwijl er stapels rapporten over zijn geschreven, dat kan toch niet. Gelukkig is er nu een doorbraak bereikt in de discussie over de verlengde Veilingroute. De huidige route heeft mensenlevens gekost. Ik ken mensen die kinderen hebben verloren op die Maasdijk. Je moet geen druk vrachtverkeer toestaan op wegen, waar schoolkinderen fietsen en mensen oversteken. Veiligheid is heel belangrijk.’’
,,In de tuinbouw heb je een productiegebied en daar hoort ook een logistiek gebied bij, een goede ontsluiting. Je moet logistiek en productie clusteren in een bepaalde regio. Het Westland heeft Rotterdam nodig en omgekeerd. Ik ga me daar heel erg druk over maken. Ik zie bij de huidige Statenleden geen mensen die een binding hebben met agrologistiek. Straks sta ik in de positie dat ik tijdig dingen kan signaleren en meer bij de planologie ben betrokken. Ik wil onze sector beter zichtbaar maken in de provincie.’’
Als Statenlid krijgt Van der Vorm ook te maken met de Betuweroute, hoewel dat geen competentie is van de provincie Zuid-Holland is, aldus de spreker. Een project waar hij zelf voor is en zijn partij officieel tegen. Hij nuanceert dat: ,,De LPF is niet tegen de Betuweroute, maar tegen de enorme hoge aanlegkosten als gevolg van een overdaad aan een politieke franje. Tunnels graven onder weilanden …daar zie ik het nut niet van in. Ik durf de voorspelling aan dat ze die geluidsschermen die gepland zijn, weer gaan afbreken omdat de kosten niet in verhouding staan met het effect. Dat is de decibeldogmatiek, iets van de oude politiek. Ik vind het visuele milieuvervuiling.’’
Hij wil ook proberen het negatieve imago van transport bij te stellen. ,,De linkerkant van het politieke bestel probeert vooral een andere wereld te scheppen waarbij op een andere manier of minder wordt vervoerd. Dat is niet realistisch. De groei van de welvaart is te danken aan transport. Helaas worden vervoerders als maatschappelijk ongewenst gezien. Dat moet veranderen. We moeten zorgen voor passende infrastructuur met gescheiden rijwegen. Daarvoor moeten andere argumenten maar even wijken.’’
Ook hem is het opgevallen dat meer ondernemers de politiek in gaan en hij vindt dat een goede zaak. ,,Veel ondernemers herkennen zich te weinig in de huidige manier van politiek bedrijven. Ondernemers zijn gedreven mensen. Daar tegenover staat de stroperigheid van de politieke besluitvorming en het eindeloze vergaderen. Een groot deel van de volksvertegenwoordiging bestaat uit ambtenaren en leraren. Dat leidt er mede toe dat er niet altijd verstandige besluiten worden genomen.’’
Zijn streven is het een goed ‘volkscontroleur’ te worden. ,,Ik gebruik met opzet dat woord. Ik wil namens de bevolking het bestuur controleren, met een knipoog naar de Ceteco-affaire. Als mij gevraagd wordt gedeputeerde te worden, ga ik daar eens goed over nadenken. Ik wil eerst een goed volkscontroleur worden. Dat doe je door beter te luisteren naar de kiezers.’’

Jens van der Vorm-De Rijke: ,,Ik wil een goed volkscontroleur worden.”