Dat schrijft demissionair minister De Boer van Verkeer en Waterstaat aan de Tweede Kamer, in een overzicht van de stand van zaken. Het huidige beleidsuitgangspunt is dat op hoofdvaarwegen in principe tweelaags containervaart mogelijk moet zijn. Onder hoofdvaarwegen, meestal in beheer bij de rijksoverheid, worden vaarwegen verstaan waarover jaarlijks en tenminste vijf miljoen ton en/of 25.000 teu worden vervoerd.
Op hoofdtransportassen moet in vier lagen kunnen worden gevaren, op doorgaande nationale hoofdvaarwegen in minimaal drie lagen en op overige hoofdvaarwegen in twee lagen. De Kamer heeft bij motie gevraagd te bekijken of de streefbeelden kunnen worden verhoogd. Op alle hoofdvaarwegen zou minimaal drielaags containervaart mogelijk moeten zijn.
De Boer heeft zijn departement daarom de knelpunten in het huidige vaarwegennet voor de containervaart in kaart laten brengen. Daaruit blijkt dat alle hoofdtransportassen (Rijn/Waal, Noordzeekanaal/Amsterdam-Rijnkanaal en de Rijn/Schelde-verbinding) nu al vierlaags containervaart mogelijk is.
In het nationale doorgaande hoofdvaarwegennet kan echter niet overal in drie lagen worden gevaren. Een voorbeeld is de verbinding Lemmer-Delfzijl. Die wordt op termijn, op grond van het Meerjarenprogramma Infrastructuur en Transport (MIT) geschikt gemaakt voor drielaags containervaart. Er wordt ook bekeken of het economisch verantwoord is deze vaarweg op te waarderen tot hoofdvaarweg voor vierlaags containervaart.
De Maas voldoet geheel aan het streefbeeld van drielaags containervaart. Vierlaags containervaart is echter op een aantal trajecten niet mogelijk. Op het belangrijkste traject, tussen Weurt en Born, wordt de rivier hiervoor geschikt gemaakt. De IJssel kan met drie lagen containers worden bevaren. Ook vierlaags containervaart is er grotendeels mogelijk, afhankelijk van de waterstand. De Lek kan al geheel met vier lagen containers worden bevaren.
De overige hoofdvaarwegen zijn stuk voor stuk met twee lagen containers te bevaren. Drielaags vaart is beperkt mogelijk op het Twentekanaal en in het geheel niet op de Zuidwillemsvaart. Het MIT omvat wel plannen om het gedeelte tussen Den Bosch en Veghel voor drielaags vaart geschikt te maken. Op de vaarweg Meppel-Ramspol kunnen al drie lagen containers worden meegenomen. De Gouwe en het Burgemeester Dekenkanaal zijn daarvoor eveneens reeds geschikt.
De meeste hoofdvaarwegen, zo luidt de conclusie, voldoen dus al aan het ‘verhoogde streefbeeld’ dat door de Tweede Kamer wordt bepleit. In het kader van de herziening van het Nationaal Verkeers- en Vervoersplan (NVVP) wil De Boer bekijken of kosen-batenanalyses moeten worden gemaakt voor opwaardering van de Maas tussen Born en de Belgische grens, het Twentekanaal en de IJssel. Of die studies, laat staan de projecten zelf, ook worden uitgevoerd, hangt af van het budget dat in het MIT in de toekomst wordt vastgelegd, schrijft De Boer.

Een containerschip bevaart de Maas in Rotterdam. Op de meeste plaatsen voldoet het hoofdvaarwegennet in Nederland redelijk aan het huidige ‘streefbeeld’ voor de meerlaagse containervaart. De Tweede Kamer wil nog een stapje verder gaan, maar dat gaat geld kosten, zegt minister De Boer van Verkeer en Waterstaat.