BCTN overgenomen door Britse investeerder Infracapital

Inland terminals

BCTN, de inlandterminal-operator met hoofdkantoor in Nijmegen, wordt overgenomen door de Britse investeerder Infracapital. De huidige Amerikaanse aandeelhouder van BCTN, Alinda Capital Partners LLC, en Infracapital hebben de overeenkomst waarmee BCTN 100% in handen komt van de nieuwe aandeelhouder al ondertekend.

Met het tekenen van de koopovereenkomst is de overname zo goed als rond. Joop Mijland, ceo van BCTN, stelt dat alleen nog de puntjes op de i gezet moeten worden, zoals het melden van de overname aan de mededingingsautoriteit ACM. De ceo verwacht dat eind juli de overname officieel afgerond is. Er zijn geen financiële details over de overname naar buiten gebracht.

Toekomst

Volgens Mijland zal er door de overname in de praktijk niets veranderen voor BCTN, dat de grootste speler is in het containervervoer over water binnen de Benelux. ‘Voor klanten, personeel en leveranciers is de overname een waarborg dat BCTN dezelfde koers kan blijven volgen.’

Het uitgangspunt van Infracapital is volgens Mijland het verder investeren in de intermodale services van de inlandterminal-operator. Mijland noemt de overname ‘logisch, omdat Alinda in bedrijven als BCTN investeert met als doel om ze uiteindelijk te verkopen.’

Over de precieze plannen die de nieuwe investeerder heeft met BCTN, zegt Mijland meer te kunnen vertellen zodra de overname definitief is en er gesprekken zijn geweest met Infracapital. Eind juli kan hij zich ook uitlaten over zijn eigen positie bij BCTN.

Infracapital

Infracapital is een Londense investeerder en onderdeel van M&G Investment Management. De investeerder is geen onbekende speler in de logistieke wereld, met belangen in terminals in Engelse havens, waaronder in Immingham en in Southampton, en in de Britse spoorgoederenvervoerder GB Railfreight. Het totale vermogen onder beheer van Infracapital bedraagt ​367 miljard pond (per 31 december 2020).

De afzwaaiende aandeelhouder, de Amerikaanse investeringsgroep Alinda, nam BCTN in 2009 over van de ondernemer Willem van den Heuvel. Alinda heeft verder belangen in onder meer de Londense luchthaven Heathrow en een containerterminal in Virginia.

BCTN bestaat al ruim dertig jaar. De eerste terminal in Nijmegen werd eind 1987 in gebruik genomen. Sindsdien zijn er zeven terminals bijgekomen; vier in Nederland en drie in België. Alblasserdam, oorspronkelijk als ‘transferium’ ontwikkeld door Havenbedrijf Rotterdam, kwam in 2015 in handen van BCTN. De vijf hectare grote terminal kan 140.000 teu per jaar aan. De BCTN-terminal in Den Bosch, die in 1995 werd geopend, is met 160.000 teu capaciteit net een slag groter.

Venray

Nijmegen, de oudste in bedrijf zijnde inlandterminal van Nederland, heeft dezelfde capaciteit, maar is met een terrein van drie hectare wat kleiner. Roermond is de kleinste van het gezelschap met een terrein van een hectare en 30.000 teu capaciteit. De inlandterminal in Venray bedient op een terrein van vierenhalve hectare de regio Venray/Venlo en kan 125.000 teu per jaar verwerken.

BCTN overgenomen door Britse investeerder Infracapital | NT

BCTN overgenomen door Britse investeerder Infracapital

Inland terminals

BCTN, de inlandterminal-operator met hoofdkantoor in Nijmegen, wordt overgenomen door de Britse investeerder Infracapital. De huidige Amerikaanse aandeelhouder van BCTN, Alinda Capital Partners LLC, en Infracapital hebben de overeenkomst waarmee BCTN 100% in handen komt van de nieuwe aandeelhouder al ondertekend.

Met het tekenen van de koopovereenkomst is de overname zo goed als rond. Joop Mijland, ceo van BCTN, stelt dat alleen nog de puntjes op de i gezet moeten worden, zoals het melden van de overname aan de mededingingsautoriteit ACM. De ceo verwacht dat eind juli de overname officieel afgerond is. Er zijn geen financiële details over de overname naar buiten gebracht.

Toekomst

Volgens Mijland zal er door de overname in de praktijk niets veranderen voor BCTN, dat de grootste speler is in het containervervoer over water binnen de Benelux. ‘Voor klanten, personeel en leveranciers is de overname een waarborg dat BCTN dezelfde koers kan blijven volgen.’

Het uitgangspunt van Infracapital is volgens Mijland het verder investeren in de intermodale services van de inlandterminal-operator. Mijland noemt de overname ‘logisch, omdat Alinda in bedrijven als BCTN investeert met als doel om ze uiteindelijk te verkopen.’

Over de precieze plannen die de nieuwe investeerder heeft met BCTN, zegt Mijland meer te kunnen vertellen zodra de overname definitief is en er gesprekken zijn geweest met Infracapital. Eind juli kan hij zich ook uitlaten over zijn eigen positie bij BCTN.

Infracapital

Infracapital is een Londense investeerder en onderdeel van M&G Investment Management. De investeerder is geen onbekende speler in de logistieke wereld, met belangen in terminals in Engelse havens, waaronder in Immingham en in Southampton, en in de Britse spoorgoederenvervoerder GB Railfreight. Het totale vermogen onder beheer van Infracapital bedraagt ​367 miljard pond (per 31 december 2020).

De afzwaaiende aandeelhouder, de Amerikaanse investeringsgroep Alinda, nam BCTN in 2009 over van de ondernemer Willem van den Heuvel. Alinda heeft verder belangen in onder meer de Londense luchthaven Heathrow en een containerterminal in Virginia.

BCTN bestaat al ruim dertig jaar. De eerste terminal in Nijmegen werd eind 1987 in gebruik genomen. Sindsdien zijn er zeven terminals bijgekomen; vier in Nederland en drie in België. Alblasserdam, oorspronkelijk als ‘transferium’ ontwikkeld door Havenbedrijf Rotterdam, kwam in 2015 in handen van BCTN. De vijf hectare grote terminal kan 140.000 teu per jaar aan. De BCTN-terminal in Den Bosch, die in 1995 werd geopend, is met 160.000 teu capaciteit net een slag groter.

Venray

Nijmegen, de oudste in bedrijf zijnde inlandterminal van Nederland, heeft dezelfde capaciteit, maar is met een terrein van drie hectare wat kleiner. Roermond is de kleinste van het gezelschap met een terrein van een hectare en 30.000 teu capaciteit. De inlandterminal in Venray bedient op een terrein van vierenhalve hectare de regio Venray/Venlo en kan 125.000 teu per jaar verwerken.