BCTN BV, waartoe de terminals in Venray, Den Bosch, Roermond, Alblasserdam en Nijmegen behoren plus BCTN Trucking, wist in het boekjaar 2019 het verlies dus wel sterk te reduceren, met -2,7 miljoen euro. Het resultaat voor belasting van de groep viel met 1,8 miljoen euro ook negatief uit, maar liet vergeleken met het fiscale jaar 2018 (-4,4 miljoen euro) een aanzienlijke verbetering zien.

De vijf Nederlandse binnenvaartterminals waren goed voor een totaal nettoverlies van 541.137 euro in 2019 (2018: -4 miljoen euro), blijkt uit het jaarverslag. De overige 1 miljoen euro aan verliezen kwamen voor rekening van de post ‘andere onkosten’.

Het meest verliesgevend was de terminal in Alblasserdam (-1,37 miljoen euro) gevolgd door de vestiging van BCTN in Roermond (-570.000 euro). Ook de terminal in Venray (-390.000 euro) en BCTN Trucking (-280.457 euro) schreven rode cijfers.

De vestigingen van BCTN in Den Bosch (+ 1,1 miljoen euro) en Nijmegen (+ 545.843 euro) waren de moneymakers binnen de groep. De twee overslagterminals zorgden in 2019 ook voor de volumegroei aan afgehandelde containers.

Opvallend in de onderliggende resultaatscijfers is het winstherstel van BCTN Nijmegen, dat in 2018 nog een fors verlies leed van ruim 800.000 euro, terwijl Venray in dat jaar nog in de boeken stond met een verlies van bijna 1 miljoen euro. BCTN Alblasserdam was in 2018 met een negatief nettoresultaat van 2 miljoen euro de grootste verliespost.

Omzetstijging

Het jaarverslag over 2019 – de jaarrekening over 2020 is nog niet gedeponeerd – laat verder een aanzienlijke verbetering zien van de omzet: met ruim 16% naar 28,3 miljoen euro. Die forse toename is blijkens het jaarverslag hoofdzakelijk toe te schrijven aan de groei (6,8%) van het aantal afgehandelde binnenvaartschepen en containers in Nijmegen en Den Bosch. De inkomsten uit die activiteit stegen daardoor met 1,2 miljoen euro. Ook een verhoging van de tarieven had een positief effect op de omzet uit de overslag, schrijft de directie van BCTN. Het barge-vervoer (+12,7%) nam eveneens toe, waardoor de inkomsten uit deze bedrijfsactiviteit met 1,1 miljoen euro stegen. Ook hier kon BCTN profiteren van de gestegen transportprijzen in 2019, stelt de directie. Het achterlandvervoer naar onder meer de magazijnen en fabrieken van klanten leverde bijna 900.000 euro extra op aan inkomsten.

Los van de gestegen volumes en tarieven, waren er in 2019 ook kostenbesparingen in onder meer de huisvesting (-667.000 euro), maar die lastenvermindering werd tenietgedaan door de groei van de personeelskosten (+1,1 miljoen euro). Die laatste kostenpost steeg door het inhuren van extra personeel (+15 fte’s) en salarisverhogingen. Daarmee kwam het totaal aantal werknemers van BTCN BV op 107. De beloning voor de tweehoofdige directie stond voor een bedrag van 466.973 euro in de boeken. In 2018 was er nog sprake van een directeur.

De Nederlandse terminalgroep BCTN is onderdeel van Inland Terminals BV, dat ook drie Belgische binnenvaartterminals bezit. Die zusterbedrijven waren in 2019 met zo’n zeventig medewerkers goed voor een omzet van ruim 39 miljoen euro.

Coronapandemie

De directie van BCTN ging voor het uitbreken van de coronapandemie uit van een groei van de omzet in 2020 met vijf miljoen euro naar 33,8 miljoen euro. Of dat ook wordt gehaald, is bij het ontbreken van de jaarrekening over 2020 nog steeds onduidelijk.

Uit het groepsverslag van de moederholding Alinda Europe over 2019 blijkt wel dat BCTN in het begin van de pandemie de terminal in Roermond voor drie weken heeft moeten sluiten. Verder wordt in het jaarverslag gewezen op een mogelijk lager overslagvolume aan containers (gemiddeld 10 tot 20%) door minder import en het tijdelijk sluiten van fabrieken als gevolg van de coronacrisis. Het gevolg daarvan is een mogelijk lagere benuttingsgraad, omzet en winstgevendheid, verwacht de BCTN-directie.

De volledige omvang van de schade door de pandemie kunnen de bestuurders van BCTN bij het deponeren van de jaarrekening over de 2019 nog niet overzien, voegen zij eraan toe. Zij wijzen er in het verslag wel op dat er, behalve minder volume, ook negatieve gevolgen kunnen zijn in de vorm van afwaarderingen van bezittingen. Tegenover deze risico’s stelt de directie wel dat in 2020 werd ingezet op het aantrekken van meer overslag, vervoer en extra besparingen. Het verhogen van de tarieven biedt bovendien soelaas om de inkomsten op peil te houden, stelt de directie.

Lees ook:

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding