De waterstanden zijn al dagen aan het dalen. Bij meetpunt Kaub op de Rijn in het westen van Duitsland is de pegelstand inmiddels onder de 80 centimeter gezakt, nadat die op 13 juli nog boven de meter lag. Bij Keulen werd dinsdag een pegelstand van 116 centimeter gemeten, terwijl die op zondag nog 126 centimeter bedroeg. De verwachting is dat de pegelstand nog verder daalt.

Bij de lage waterstanden komen toeslagen om de hoek kijken. Zo rekent logistiek dienstverlener Contargo bij een pegelstand van tussen de 70 en 80 centimeter bij Kaub een toeslag van 201 euro voor het vervoer van containers van 20 voet en 259 euro voor een container van 40 voet voor alle terminals ten zuiden van Koblenz. Bij een pegelstand bij Kaub van tussen de 60 en 70 centimeter loopt de toeslag op tot 283 euro voor een container van 20 voet en 354 euro voor een container van 40 voet.  Volgens brancheorganisatie Koninklijke Binnenvaart Nederland (KBN) ondervindt de binnenvaart nog geen grote hinder van de lagere waterstanden in de grote rivieren. De organisatie stelt dat klanten nog steeds goed kunnen worden bediend. Er zou nog een groot verschil zijn met de extreme droogte in de zomer van 2018, toen de binnenvaart te kampen had met zeer sterk gedaalde waterstanden.

Bezettingsgraad

KBN zegt dat binnenvaartschippers over het algemeen goed overweg kunnen met lagere waterstanden op grote rivieren als de Waal, IJssel en Maas. Bij lagere waterstanden wordt wat minder lading vervoerd, zodat schepen minder diep liggen. Dat betekent wel dat meer schepen ingezet moeten worden om alles te kunnen vervoeren.

Hoewel de situatie deze week nog niet zo problematisch was als in 2018, ondervindt de binnenvaart wel degelijk de gevolgen van de beperkte hoeveelheid lading die schepen kunnen meenemen. Matthijs Mannak, ceo bij logistiek dienstverlener Interrijn, meldt dat schepen nu met een bezettingsgraad van 25% naar Duitsland en Zwitserland varen. ‘Ik verwacht dat de pegel Kaub nog wel naar de 60 centimeter gaat zakken. Bij pegelstanden onder de 50 centimeter zouden sommige schepen gaan uitvallen. Dat laatste voorzie ik echter niet in de verwachting tot eind juli. Ik denk dat het eind juli wel een beetje zal gaan regenen en dat de waterstanden dan wat gaan oplopen. Desondanks denk ik dat we ook in augustus en september nog met lagere waterstanden te maken zullen hebben’, vertelt hij.

Bedrijven in de binnenvaart kijken al naar oplossingen. ‘Wij zoeken naar manieren om onze klanten te blijven bedienen en zijn bijvoorbeeld bezig met het huren van extra schepen op de vrije markt, en proberen daarnaast ook een deel van onze lading naar het spoor en de weg te verplaatsen’, vertelt Richard Ronteltap, operations manager bij Contargo.

Prijsopdrijvend effect

‘Maar we hebben overal een tekort aan capaciteit. Iedereen zit in hetzelfde schuitje en onze concurrenten proberen het ook zo op te lossen. Daar komt bij dat je zeker een kwart tot een half jaar van tevoren afspraken moet maken om treinen te mogen rijden. En ook met de haventerminals en de achterlandterminals moeten van tevoren afspraken gemaakt worden. De locomotieven en wagons moeten ook maar net beschikbaar zijn. Bij truckers is het niet anders. Daar zijn ook allerlei tekorten en in deze periode is iedereen op vakantie’, zo schetst Ronteltap de problematiek.

‘De druk op de scheepvaart neemt toe, wat een prijsopdrijvend effect heeft’, zegt Mannak. ‘En ik denk niet dat alle klanten die extra kosten kunnen absorberen. Bepaalde laagwaardige producten blijven langer liggen op de wal. Mensen kijken wel naar andere modaliteiten zoals het spoor en de weg, maar dat zit ook barstensvol. En er zijn niet veel andere mogelijkheden. Dat is waar we nu mee te dealen hebben’, aldus Mannak. Het ligt volgens hem niet in de lijn der verwachting dat het spoor- of wegvervoer in de nabije toekomst veel van de binnenvaart zal kunnen overnemen. ‘Door de coronapandemie staan we per saldo toch voor een nog grotere uitdaging dan in 2018. Het spoor zit vol. Wij krijgen nu juist ook lading van het spoor aangeboden.’

Ook in Duitsland maakt men zich zorgen over de lage waterstanden en de gevolgen daarvan voor de binnenvaart. Jens Schwanen, directeur van de vereniging voor de Duitse binnenvaart, liet aan transportmedium DVZ weten dat dat de huidige situatie niet meer overeenkomt met de ‘normale omstandigheden’. Roberto Spranzi, voorzitter van DTG, een Duitse organisatie voor de binnenvaart, zei tegen persbureau dpa nog maar 50% van de gebruikelijke lading te kunnen vervoeren. In ons buurland maakt men zich er bovendien zorgen over dat de al onder druk staande capaciteit voor transport nog verder wordt ingeperkt door de toegenomen vraag naar kolen door de gascrisis in Rusland.

‘We krijgen op dit moment heel veel aanvragen binnen, wat onder andere komt door de lage waterstanden’, bevestigt Pieter Hazejager, director of operations bij spoorvervoerder Rail Force One. ‘Je ziet bijvoorbeeld dat er aanvragen zijn om voor de duur van een paar maanden een paar treinen extra te rijden. Er is daarnaast ook een enorme vraag naar ruwe grondstoffen en kolen.’

Spoorvervoerders

Hazejager geeft aan dat het momenteel uitdagend is om alle extra verzoeken te accommoderen. ‘De markt is overspannen. Het is niet makkelijk om in deze tijd voldoende capaciteit te vinden om aan de extra vraag te kunnen voldoen. Daarnaast werken de problemen op de havenspoorlijn en de grote buitendienststellingen in Duitsland ten behoeve van het derde spoor ook niet mee. Wij kunnen niet veel extra aanvragen kwijt. En ik denk dat dit wel voor de meeste spoorvervoerders geldt.’

Een geluk bij een ongeluk is dat de binnenvaart zich zo in elk geval weinig zorgen lijkt te hoeven maken dat andere modaliteiten bij de verladers aan populariteit winnen door de lage waterstanden. ‘Nu denk ik dat klanten wel gewoon terugkomen. De lage waterstanden zijn een uitdaging, maar met normale waterstanden kan geen enkele modaliteit tegen de binnenvaart op’, zegt Mannak.

Wel weet Mannak niet of dit altijd zo zal blijven. ‘Tot nu toe kwamen extreme waterstanden zoals die in 2018 niet vaak voor. Maar door klimaatverandering zie je wel dat de Rijn steeds meer verandert van een gletsjerrivier in een regenrivier. En hoewel ik daar geen voorspellingen over wil doen, denk ik wel dat hogere en lagere waterstanden daardoor vaker zullen voorkomen. Als waterstanden zoals in 2018 opeens elk jaar of om het jaar gaan voorkomen, denk ik dat verladers andere keuzes willen gaan maken. En als het spoor ook echt gaat uitbreiden in capaciteit, denk ik toch wel dat er wat lading naar het spoor kan gaan verdwijnen.’

Rinkelende alarmbellen bij pegelstand 80 centimeter bij Kaub

Bij een pegelstand van 80 centimeter bij Kaub kan een schip van 3000 ton bij een diepgang van 1,80 meter nog maar 1050 ton meenemen, waardoor de lading drie keer zo duur wordt, schreef Louis Bosman, operational manager bij logistiek dienstverlener Interrijn, eens in een artikel op LinkedIn. Volgens Bosman is er vanaf 1,60 meter bij Kaub sprake van laag water omdat schepen vanaf dat moment niet meer hun maximale beladingsgraad kunnen behouden. Vanaf een pegelstand van 0,60 meter bij Kaub zou er sprake zijn van ‘problematisch laagwater’. In dat geval zouden er technische problemen kunnen ontstaan voor bepaalde typen schepen.

Volgens Bosman was er tussen 2011 en 2020 gemiddeld gedurende 22,5 dagen per jaar een pegelstand die bij Kaub lager uitviel dan 80 centimeter. 2018 was gedurende die periode een uitzonderlijk jaar. Wanneer 2018 niet wordt meegeteld, had de binnenvaart gemiddeld dertien dagen per jaar last van deze lage waterstanden. In de periode tussen 1991 en 2020 was er in 3,6% van de tijd een pegelstand onder de 80 centimeter bij Kaub. Er was gedurende 1,15% van de tijd een pegelstand lager dan 60 centimeter. In 2018 waren er 59 dagen waarbij er bij Kaub een pegelstand onder de 60 centimeter werd gemeten. 2003 en 2018 waren de meest uitzonderlijk droge jaren van deze eeuw.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement