Veel transportbedrijven hebben de afgelopen jaren geïnvesteerd in een schoner wagenpark en het optimaliseren van vervoer. Hierbij kan worden gedacht aan het bundelen van lading, het tegengaan van leegrijden en het inzetten van nieuwe vervoerseenheden, zoals de Ecocombi voor lange afstandsritten en juist kleinere (elektrische) voertuigen voor het korte afstandsvervoer. Bij de totstandkoming van de top 100 logistieke dienstverleners wordt ook steeds meer gekeken naar de kracht van een bedrijf om te kunnen verduurzamen en innoveren. Nieuw in dit speelveld is een jonge generatie logistieke ondernemingen die het heft in handen neemt, heilige huisjes ter discussie durft te stellen en met vernieuwende concepten komt en werkt. Soms ontstaan die vanuit de logistiek zelf, soms vanuit een meer tech-achtergrond en soms uit het niets.

Een segment waarin dit thans razendsnel gebeurt, is de zogenaamde foodservice-logistiek, jaarlijks goed voor zo’n 20 miljard euro aan omzet. Deze sector neemt een steeds belangrijkere plaats in binnen de voedselketen als het gaat om de distributie naar horeca, bedrijfsleven en ook de consument. Zo is de maaltijdbezorging de afgelopen twee jaar met 30% toegenomen. In totaal houdt het transport van voeding gemiddeld een op de drie vrachtwagens in Nederland op de weg. In Amsterdam loopt dat al op naar zo’n 40%.

Tot voor kort werd deze markt gedomineerd door de grote retailbedrijven, die inkoop, consolidatie en opslag nu combineren met thuisbezorging. Sprake is van wat we ‘blurring’ noemen. Traditionele logistieke partners breiden hun activiteiten uit en grote supermarkten combineren retail met foodservice, zogenaamde ‘superants’. Ik zie daarnaast nieuwe concepten ontstaan vanuit een andere filosofie en ook komende vanuit andere, tech-georiënteerde segmenten. Zo sprak ik laatst met de trotse directeur van PicNic, dat denkende vanuit de klant (gemak, snelheid, prijs) combinaties maakt met techniek en software, duurzaamheid (elektrisch vervoer) en een uitgekiend netwerk van inmiddels tientallen ingerichte crossdock-operaties in nagenoeg alle steden van Nederland. Het bedrijf begon in 2015 in Amersfoort met vier wagentjes en is nu actief in 120 steden met duizend wagens, zonder tussenkomst van winkels en andere voorraadpunten in de keten. Voordeel van een dergelijk concept is ook dat er minder voedselverspilling plaatsvindt, omdat tot op de gram alles is gemeten en verpakt en in een korte distributieketen van leverancier naar consument wordt gedistribueerd. Dit is ook hard nodig als we beseffen dat in Nederland de gemiddelde voedselverspilling per persoon zo’n 40 kilo per jaar is.

Duurzaam ondernemen zal in 2030 geïntegreerd zijn in alle onderdelen van de foodservice. Zorgvuldig gebruik van energie en water, afvalvermindering, maar ook korte logistieke lijnen en andere typen (ecologisch gestoelde) restaurants. Het zal de totale CO2-footprint van de sector omlaag brengen. Nieuwe ‘disruptieve’ aanbieders krijgen hierbinnen mooie ondernemerskansen en volgen elkaar snel op. Naast PicNic is nu ook Gorillas (begonnen als startup in Berlijn en nu al duizenden medewerkers sterk) haar netwerk in Nederland aan het opbouwen en uitbreiden. Er zullen nog andere initiatieven volgen. Zoals bij iedere innovatie, vindt strijd plaats tussen de in de markt opererende bedrijven die aanvullend op hun traditionele pakket een concept ontwikkelen (waarbij ze op dit moment nog moeite hebben om dit in de groene cijfers te krijgen) en aan de andere kant partijen die andersdenkend en soms ‘vanuit het niets’ met een nieuw concept komen en dat snel en succesvol weten toe te passen. Een transitie door een andere kijk op vraagstukken. Daarmee zijn de rollen, of in dit geval de wielen, aan het omdraaien.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding