De pakketmarkt is een bijzondere sector. Er is een aantal grote spelers die doorgaans gebruik maakt van meerdere transporteurs. Als die rijden met busjes met een laadvermogen van meer dan 500 kilo spreken we van vergunningplichtig vervoer. Een zogenaamde NIWO-vergunning is dan vereist. Tevens geldt er dan de zogenaamde eis van dienstbetrekking. De enige twee uitzonderingen zijn chauffeurs die via een uitzendbureau worden ingezet en chauffeurs die tijdelijk van een ander bedrijf worden ingeleend.

Toch zie je in de praktijk dat veel koeriers, die rijden met busjes met een laadvermogen van meer dan 500 kilo, gebruik maken van zzp-ers. In beginsel is dat niet toegestaan. Althans, voor zover het geen eigen rijder is die beschikt over een eigen voertuig en een eigen vergunning. Het verschil zit hem er in dat een zzp-er weliswaar voldoet aan alle eisen om chauffeur te mogen zijn, maar geen eigen vergunning heeft. Er wordt dus niet gereden voor eigen rekening en risico. En wordt er gereden op andermans vergunning. En dat mag niet.

Waar we in de praktijk dus mee te maken hebben is een sector waarbij er een toenemende vraag naar koeriersdiensten is, maar waarbij er een zeer beperkende factor is om in die vraag te kunnen voorzien: chauffeurs. Niet zozeer omdat deze chauffeurs er niet zijn, maar meer omdat velen van hen geen dienstbetrekking aan willen gaan. Zij verdienen hun geld liever als zzp-er. Een keuze die de politiek onmogelijk heeft gemaakt. En daar lijkt op korte termijn ook geen verandering in te komen. Integendeel.

Afgelopen week bereikten werkgevers en vakbonden een akkoord over een grote hervorming van de arbeidsmarkt. De deal, waarin flexwerk sterk wordt ingeperkt, is onderdeel van een advies van de Sociaal-Economische Raad (SER). Eén van de hoofdpunten betreft de inzet van zzp-ers. Flexibele arbeidsrelaties, zoals de inzet van zzp-ers, hebben enkel een plaats bij piek en ziek, maar moeten niet meer worden gebruikt om te concurreren op arbeidsvoorwaarden. Om dat te bereiken zal er voor zzp-ers onder andere een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering komen en zal er een minimaal uurtarief van 30 tot 35 euro gaan gelden. Hoewel dat laatste slechts een richtlijn is, is het al wel duidelijk dat de belastingdienst scherp zal toezien op diegene die dat tarief niet hanteren.

Wat dat betekent? Het is 15 december 2022. Ik selecteer wat artikelen op de website van mijn favoriete kledingwinkel. Eenmaal bij het winkelwagentje aangekomen ga ik schoorvoetend akkoord met de bezorgkosten. Twee tientjes en een levertijd van twee weken. Passen de broeken niet, dan is retourneren helaas niet meer gratis. Ook twee tientjes. De toegenomen kosten door invoering van het minimum uurtarief worden namelijk doorbelast. En dat zijn forse kosten waardoor mensen wellicht hun niet-essentiële spullen al snel weer fysiek zullen gaan kopen. Maar misschien is dat maar goed ook.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding