De twee containers werden in augustus vorig jaar verscheept, kwamen in de loop van september in Colombia aan en werden ter plaatse door de douane geblokkeerd. De inhoud van de containers bleek niet overeen te komen met de goederenomschrijving op de bill of lading. Op het vervoersdocument stond als goederenomschrijving vermeld: ‘saferty (?) products’. Die fout werd pas ontdekt door de expediteur in Nederland nadat de douane de containers had geblokkeerd.

Via een lokale agent werd vervolgens nog geprobeerd de containers alsnog vrij te krijgen of in te klaren, desnoods tegen betaling van een geldboete. Snelheid was geboden, want een vervelend bijkomend probleem voor de expediteur bij het vasthouden van lading waren de kosten voor de demurrage van de containers. Zulke kosten kunnen snel oplopen.

De Colombiaanse douane had echter geen haast en weigerde zijn medewerking te verlenen aan het vrijgeven van de twee containers. En het werd zelfs erger. Uit nader onderzoek bleek dat niet alleen de goederenomschrijving, maar ook de vermelde HS-code onjuist was. Bovendien stond op de bill of lading een ontvanger in Canada in plaats van in Colombia.

Hoe kon dat gebeuren? Dat werd de Nederlandse expediteur al snel duidelijk. Een medewerker bleek uit een ander dossier van dezelfde opdrachtgever sommige omschrijvingen ‘copy-paste’ naar de betreffende bill of lading te hebben gekopieerd. Dat werkte lekker snel. Van enige controle op de juiste omschrijving op het document door dezelfde medewerker was geen sprake.

Doordat de omschrijving van de goederen afweek van de werkelijke lading, werd dit door de douane gezien als smokkelen. De lokale agent was bang voor enorme sancties van de dienst en wilde zijn vingers hier verder niet aan branden. De betrokken partijen concludeerden dat de betreffende goederen maar vernietigd moesten worden. Maar toen was het inmiddels al februari 2021.

In de tussentijd deed de ladingeigenaar ook nog eens ‘afstand’ van de goederen en was de chaos compleet. Op verzoek van de expediteur gaf hij wel schriftelijk toestemming aan de expediteur om de goederen te laten vernietigen. De expediteur speelde deze verklaring door aan de rederij en aan zijn lokale agent met het verzoek de goederen onder douanetoezicht te laten vernietigen, maar in de praktijk bleek dit niet zo eenvoudig te zijn. De Colombiaanse douane werkt erg bureaucratisch en nam ruim de tijd. De expediteur zette alles op alles om ervoor te zorgen dat lokaal de boel in beweging zou komen, maar succes had dat niet. Tot op heden staan de zeecontainers nog steeds in de Colombiaanse haven en zijn de kosten van demurrage opgelopen tot een enorm bedrag. Do you copy?

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding