Nijpend tekort aan ruimte voor vrachtvliegtuigen op Schiphol

TON & teu

De Nederlandse luchtvrachtsector en daarmee de hubpositie van Schiphol op vrachtgebied staat onder druk doordat de vraag naar slots voor vrachtvliegtuigen op deze luchthaven al jaren groter is dan het aanbod. De beschikbare slots worden verdeeld, en historische slotrechten worden opgebouwd, volgens de Europese slotverordening. Die regeling redeneert sterk vanuit de operatie van passagiersvliegtuigen: een strak schema dat dagelijks of wekelijks gevlogen wordt, ook als het vliegtuig maar gedeeltelijk gevuld is.

Deze methodiek doet geen recht aan de operatie en het strategisch belang van vrachtvluchten op Schiphol. Vrachtvliegtuigen vliegen wanneer de markt er om vraagt en daarmee minder volgens een strak geregeld schema. Slots voor vrachtvluchten stonden voor het uitbreken van de coronacrisis zodoende sterk onder druk. Het snelle en veilige vervoer van medicijnen en medische hulpmiddelen tijdens deze crisis, en ook dat van essentiële onderdelen voor just-in-time supply chains, zoals computerchips, hebben het strategisch belang van het hanteren van voldoende ruimte voor vrachtvluchten op Schiphol aangetoond. Deze vluchten zijn van groot belang voor het zo noodzakelijke post-corona-groeipad van de Nederlandse economie.

Zodra de passagiersmarkt in de luchtvaart weer gaat aantrekken – en dat zal zeker gebeuren – komt voor Schiphol de grens van 500.000 vliegbewegingen weer snel in zicht, en de beschikbare ruimte voor vrachtvluchten op de luchthaven zal dan direct weer onder druk komen te staan. Dat heeft als gevolg dat vrachtvluchten en daarmee hele vrachtstromen wederom moeten uitwijken naar het buitenland. Dit schaadt niet alleen de Nederlandse economie, maar ook onze duurzaamheidsdoelen. Luchtvrachtzendingen die uitwijken naar luchthavens als Luik Airport zijn geheel of grotendeels voor Nederland bestemd. Dat betekent dat ze dan weer over de weg naar de Nederlandse ontvanger moeten worden vervoerd. Dit moeten en kunnen we voorkomen.

Luchtvracht heeft een grote toegevoegde waarde voor de Nederlandse economie. Met ongeveer 3% van alle toegestane vliegbewegingen op Schiphol, in totaal slechts 15.000 vluchten per jaar, is de Nederlandse luchtvrachtketen goed voor ruim 20% van de toegevoegde waarde en de werkgelegenheid op en rond de nationale luchthaven. Daarnaast is luchtvracht een belangrijke factor voor het vestigingsklimaat van buitenlandse bedrijven in Nederland gebleken en levert het zo een belangrijke bijdrage aan de internationale waardeketen.

Als Nederlandse luchtvrachtsector zijn we blij met de uitspraak van minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat, dat zij het economisch en maatschappelijk belang onderkent van de luchtvracht voor de positie van Schiphol. Zij wees er ook op, dat luchtvracht ‘een bijdrage aan de netwerkkwaliteit van Schiphol’ levert en aan ‘het rendabel maken van haar internationale verbindingen, omdat vracht zowel in vrachttoestellen als in de buik van passagierstoestellen kan worden vervoerd’.

Ook is in de Tweede Kamer een motie van het oud-Kamerlid Cem Lacin (SP) aangenomen dat ‘de regering verzoekt om samen met relevante partijen tot structurele oplossingen te komen om de positie van vrachtvluchten op Schiphol te waarborgen’.

Het is dan ook aan het nieuwe kabinet om samen met de luchtvaartsector snel een oplossing te vinden voor het nijpende tekort aan ruimte voor vrachtvliegtuigen op Schiphol. De eerste stappen hiertoe zijn de afgelopen maanden al gemaakt, maar de aandacht voor dit probleem mag niet verslappen. Juist nu niet. Meer ruimte voor vracht kan immers de rol van Schiphol en Nederland in de Europese en mondiale logistiek versterken. Daarvoor willen wij aandacht vragen.

Nijpend tekort aan ruimte voor vrachtvliegtuigen op Schiphol | NT

Nijpend tekort aan ruimte voor vrachtvliegtuigen op Schiphol

TON & teu

De Nederlandse luchtvrachtsector en daarmee de hubpositie van Schiphol op vrachtgebied staat onder druk doordat de vraag naar slots voor vrachtvliegtuigen op deze luchthaven al jaren groter is dan het aanbod. De beschikbare slots worden verdeeld, en historische slotrechten worden opgebouwd, volgens de Europese slotverordening. Die regeling redeneert sterk vanuit de operatie van passagiersvliegtuigen: een strak schema dat dagelijks of wekelijks gevlogen wordt, ook als het vliegtuig maar gedeeltelijk gevuld is.

Deze methodiek doet geen recht aan de operatie en het strategisch belang van vrachtvluchten op Schiphol. Vrachtvliegtuigen vliegen wanneer de markt er om vraagt en daarmee minder volgens een strak geregeld schema. Slots voor vrachtvluchten stonden voor het uitbreken van de coronacrisis zodoende sterk onder druk. Het snelle en veilige vervoer van medicijnen en medische hulpmiddelen tijdens deze crisis, en ook dat van essentiële onderdelen voor just-in-time supply chains, zoals computerchips, hebben het strategisch belang van het hanteren van voldoende ruimte voor vrachtvluchten op Schiphol aangetoond. Deze vluchten zijn van groot belang voor het zo noodzakelijke post-corona-groeipad van de Nederlandse economie.

Zodra de passagiersmarkt in de luchtvaart weer gaat aantrekken – en dat zal zeker gebeuren – komt voor Schiphol de grens van 500.000 vliegbewegingen weer snel in zicht, en de beschikbare ruimte voor vrachtvluchten op de luchthaven zal dan direct weer onder druk komen te staan. Dat heeft als gevolg dat vrachtvluchten en daarmee hele vrachtstromen wederom moeten uitwijken naar het buitenland. Dit schaadt niet alleen de Nederlandse economie, maar ook onze duurzaamheidsdoelen. Luchtvrachtzendingen die uitwijken naar luchthavens als Luik Airport zijn geheel of grotendeels voor Nederland bestemd. Dat betekent dat ze dan weer over de weg naar de Nederlandse ontvanger moeten worden vervoerd. Dit moeten en kunnen we voorkomen.

Luchtvracht heeft een grote toegevoegde waarde voor de Nederlandse economie. Met ongeveer 3% van alle toegestane vliegbewegingen op Schiphol, in totaal slechts 15.000 vluchten per jaar, is de Nederlandse luchtvrachtketen goed voor ruim 20% van de toegevoegde waarde en de werkgelegenheid op en rond de nationale luchthaven. Daarnaast is luchtvracht een belangrijke factor voor het vestigingsklimaat van buitenlandse bedrijven in Nederland gebleken en levert het zo een belangrijke bijdrage aan de internationale waardeketen.

Als Nederlandse luchtvrachtsector zijn we blij met de uitspraak van minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat, dat zij het economisch en maatschappelijk belang onderkent van de luchtvracht voor de positie van Schiphol. Zij wees er ook op, dat luchtvracht ‘een bijdrage aan de netwerkkwaliteit van Schiphol’ levert en aan ‘het rendabel maken van haar internationale verbindingen, omdat vracht zowel in vrachttoestellen als in de buik van passagierstoestellen kan worden vervoerd’.

Ook is in de Tweede Kamer een motie van het oud-Kamerlid Cem Lacin (SP) aangenomen dat ‘de regering verzoekt om samen met relevante partijen tot structurele oplossingen te komen om de positie van vrachtvluchten op Schiphol te waarborgen’.

Het is dan ook aan het nieuwe kabinet om samen met de luchtvaartsector snel een oplossing te vinden voor het nijpende tekort aan ruimte voor vrachtvliegtuigen op Schiphol. De eerste stappen hiertoe zijn de afgelopen maanden al gemaakt, maar de aandacht voor dit probleem mag niet verslappen. Juist nu niet. Meer ruimte voor vracht kan immers de rol van Schiphol en Nederland in de Europese en mondiale logistiek versterken. Daarvoor willen wij aandacht vragen.