Voor consumenten is er inmiddels duidelijkheid via het energieplafond. Het kabinet heeft eveneens aangekondigd het mkb en de industrie financieel te compenseren voor de explosief gestegen energieprijzen. Maar hoe en hoeveel, dat is nog niet bekend. Het gaat immers om tientallen miljarden extra uitgaven en de vraag is of de overheid dat volledige risico wil en kán overnemen.

De vraag rijst of hier sprake is van een noodsituatie, waarbij het logisch is dat de overheid even bijspringt om grotere maatschappelijke schade te voorkomen, of dat het gaat om een zogenaamd ‘nieuw normaal’. Het is nog helemaal niet gezegd dat de gasprijzen eind volgend jaar weer gedaald zijn. Er klinken ook geluiden dat aardgas bovendien altijd veel te goedkoop is geweest en dat de industrie er maar aan moet wennen dat dit voortaan de prijs van energie is. Een snelle blik op de gasfutures leert dat de markt het huidige tarief nog tot ver in 2025 heeft ingeprijsd. En dat de prijzen van vroeger nooit meer terugkeren.

Daarom moet het kabinet snel duidelijkheid scheppen. Een overgangsregeling voor energie-intensieve bedrijven om aan ‘dit nieuwe normaal’ te wennen en versnelde stimulering om de eigen stroomproductie fors op te schalen en zo minder afhankelijk te zijn van aardgas, zijn essentieel om de maatschappij voor verdere economische schade te behoeden. Tijdelijke compensatie zal helpen om forse economische ontwrichting te voorkomen, net zoals tijdens de corona-pandemie. Of dat bijvoorbeeld lng-transporteurs, die jaren geleden investeerden in transport met minder uitstoot, nu opeens de hele businesscase onderuit zien gaan. Plannen met meer structurele oplossingen ontbreken echter nog altijd. Dus kabinet: aan de bak. Want uiteindelijk kunnen we beter investeren dan compenseren.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement