Het gebeurt niet vaak dat de nogal assertief ingestelde FNV-bestuurder Niek Stam werkgevers een compliment maakt, maar in dit geval maakt hij een uitzondering. ‘Matrans en ILS verdienen een pluim, want het kost ze een hoop geld om hun werknemers te laten stoppen op het moment dat ze nog gezond zijn’, zegt hij. De twee bedrijven hebben daarover met FNV Havens en CNV Vakmensen afspraken gemaakt in een nieuwe vierjarige cao, die dit jaar van kracht wordt.

Dertien miljoen euro

Volgens Stam moeten Matrans van havenondernemer Hans Vervat en International Lashing Service (ILS) van Gerard Baks gezamenlijk zo’n dertien miljoen euro op tafel leggen om vervroegd stoppen mogelijk te maken. Het gaat om een groep van ongeveer 120 sjorders die in de periode 2025-2035 de pensioenleeftijd van 65 bereiken. Dat is ongeveer een vijfde van het gezamenlijke personeelsbestand.

Dat is prettig voor de betrokken werknemers, maar waarom zou je als werkgever zo’n zak geld op tafel leggen? Baks: ‘Stam overdrijft een beetje, maar het is een kostbaar pakket. Wij willen echter graag de gemiddelde leeftijd van het personeelsbestand omlaag brengen. Oudere werknemers hebben nu eenmaal een hoger ziekteverzuim en brengen hoge pensioenlasten met zich mee. De groep 65-plussers groeit zonder maatregelen naar 20% en dat moet eigenlijk 10% zijn’.

Daar komt bij dat ze de extra kosten in elk geval voor een deel in de tarieven hopen op te kunnen nemen. Stam wijst erop dat de rederijen op dit moment recordwinsten boeken en dat ze best een paar cent extra sjorkosten per container kunnen missen. ‘De sjorbedrijven zijn een beetje zenuwachtig omdat ze niet weten of ze de kosten kunnen doorberekenen aan hun klanten. Maar wij hebben beloofd dat we ze echt met die onderhandelingen zullen helpen’, aldus de vakbondsleider. Zijn boodschap is duidelijk: rederijen die niet over de brug willen komen, kunnen rekenen op extra aandacht van de bonden.

Best raar

Eerder sloot containerstuwadoor ECT, die zo’n 1800 werknemers in dienst heeft, al een vergelijkbaar akkoord en de bonden willen nu ook afspraken maken met bedrijven in andere sectoren, waaronder de ro/ro- en de bulkoverslag. Als dat lukt, vormen de Rotterdamse havenwerkers vrijwel de enige beroepsgroep in Nederland die zonder zwaar inkomensverlies op de nationaal inmiddels losgelaten traditionele pensioenleeftijd van 65 kan stoppen met werken. ‘Daar zijn we trots op. We hebben voor elkaar dat je vanaf 65 AOW-compensatie kan krijgen’, zegt Stam.

De regeling is opgehangen aan het uitgangspunt dat werken in ploegendiensten, zoals dat in vrijwel de hele haven gebruikelijk is, per definitie zwaar werk is. ‘Iemand op kantoor bij ECT die in ploegendienst werkt, heeft net zo goed zwaar werk. Maar voor een sjorder zijn de arbeidsomstandigheden nog veel zwaarder. Die werkt niet alleen onregelmatig, maar ook altijd buiten in weer en wind, ook als het bloedheet is’, aldus de vakbondsbestuurder.

Hij verbaast zich er overigens over dat het in andere sectoren op dit punt zo stil blijft. ‘Het is best raar dat wij de enigen zijn die zich daar zorgen over lijken te maken. Als ik in de zorg zou werken, had ik al lang met een spandoek voor de poort gestaan. Er is alle reden om in actie te komen. Nederland is kampioen onregelmatig werken, met bijna anderhalf miljoen werknemers in ploegendiensten. Ook zijn we in West-Europa koploper op het gebied van nachtarbeid’, zegt hij.

Grote vraag is, of de overeengekomen regeling langs de burelen van de Haagse departementen geleid kan worden, om te beginnen die van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Kern van de regeling is dat werknemers die op hun 65ste stoppen met werken, een extra uitkering van 15.000 euro per jaar krijgen, bovenop de 22.000 euro die is toegestaan. Die extra uitkering moet volgens de huidige regels tegen 52% belast worden. Stam noemt het ‘oneerlijk dat werknemers zo een boete van 600 euro per maand dreigen te krijgen’.

Den Haag

De bonden hebben aangekondigd dat ze samen met de bedrijven richting Den Haag op zullen trekken ‘om de fiscale regels aan te passen’. Of dat gaat lukken is de vraag, want ‘Den Haag’ lijkt er weinig voor te voelen om de fiscale regels voor specifieke beroepsgroepen aan te passen. Een eerste reactie van de ambtelijke top van Sociale Zaken en Werkgelegenheid wijst al in die richting. Maar ook op dit punt toont Stam zich graag bereid de werkgevers bij te staan. ‘Als zij vinden dat er actie moet komen, zijn wij graag bereid die te organiseren’, zegt hij.

Hans Vervat, eigenaar van de Matrans-groep, kiest vooralsnog een wat rustigere benadering. ‘Werknemers in de sjorsector worden relatief goed betaald en werken relatief vaak over, wat extra wordt belast. Ze hebben dus altijd heel veel belasting betaald. Ik vind dat daar best iets voor terug mag komen, in de vorm van een fonds voor vervroegde uittreding voor zware beroepen. En ik hoop dat er iemand in Den Haag zit die dat ook vindt’, zegt hij.

Gouden handboeien

Veel sjorders zitten aan hun huidige werkgever gekluisterd omdat ze fors meer verdienen dan werknemers in andere sectoren.

Baks: ‘Sjorren is geen rakettechnologie. Als je gemotiveerd bent, kan je na een paar maanden volop meedraaien. Daardoor kan je op relatief lage leeftijd goed verdienen en via overwerk je salaris nog aanvullen. De meeste sjorders verdienen daarom beduidend meer dan bijvoorbeeld een politieagent of een vrachtwagenchauffeur.’

Daardoor kunnen sjorders op relatief lage leeftijd niet meer van baan veranderen, tenzij ze een forse loonterugval voor lief nemen. Baks: ‘Iemand van 45/50 kan niet meer weer weg, die zit vast met gouden handboeien’.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding