Geen plek meer voor Groningse scheepvaartsector

wijken voor woningen

Het was schrikken voor Groningse ondernemers aan het Eemskanaal en in de zogenoemde Scandinavische havens in de stad Groningen toen ze onlangs Groningse woningbouwplannen onder ogen kregen. Waar nu nog bloeiende bedrijvigheid is gevestigd, staan luxe kadewoningen, appartementengebouwen, parken en speelplekken ingetekend. ‘De stad offert beroepsvaart op aan woningbouw.’

De plannen onder de naam Stad aan het Water zijn na druk vanuit de bedrijven en de ondernemersverenigingen ietsje bijgesteld. Dat wil zeggen: een deel zal niet op korte termijn worden gerealiseerd. Maar het perspectief is niet veranderd en de bezorgdheid bij de bedrijven evenmin. Want waar nu ondernemers hun geld verdienen, huizen straks stadsbewoners. De stad Groningen met haar grote scheepvaarthistorie lijkt daarmee de deur op slot te doen voor bedrijven die afhankelijk zijn van het water.

In de Hunzehaven aan het Eemskanaal in Groningen laadt en lost het bedrijf van Dicky Ritsema nu nog zand, grind en andere bulkproducten die via binnenvaartschepen worden vervoerd. De zogenoemde Deense haven, even verderop, is de thuisbasis van de sleepboten van Hunze-Trans, terwijl er ook lading wordt gelost door Grondstoffen Noord-Nederland.

Een insteekhaven verderop zitten staal- en bruggenbouwbedrijf Van Rusthoven en de innovatieve scheepswerf No Limit Ships, bekend van de bouw van de ‘Ecolu­tion’ van wijlen astronaut Wubbo Ockels. De studenten van roeivereniging Aegir hebben er hun botenhuis en trainingslocatie. Het is een wat rommelig stukje Groningen, maar het krioelt  rond de havens van de bedrijvigheid.

Vrachtwagens

Bij elkaar zijn het 24 bedrijven, heeft onderzoeksbureau Ecorys vastgesteld. Sleepdiensten, bedrijven die de vele woonschepen in Groningen onderhouden, jachtbouw, scheeps­timmerbedrijven, een bruggenbouwer en meer. Samen hebben ze zo’n tweehonderd mensen aan het werk.

‘Dit is een prachtige locatie’, zegt Ritsema. Vlakbij de binnenstad, maar met voldoende diepgang. De ligging is gunstig, op een kruispunt van de hoofdvaarwegen richting het westen, naar Friesland, en richting het oosten, naar Delfzijl. Over het Winschoterdiep zijn ook Hoogezand met de imposante opeenvolging van scheepswerven, de containerterminal van MSC bij Westerbroek en de industrie verderop aan het kanaal goed bereikbaar. Ritsema laakt de milieu-impact van de woningbouwplannen. ‘Wij lossen jaarlijks honderdvijftig schepen. Eén schip staat gelijk aan honderd vrachtwagens. Die moeten zometeen allemaal over de ring van Groningen. Leg dat eens naast het idee van de stad om duurzaam te zijn.’ Helemaal onverwacht komen de plannen niet voor Ritsema. Hij verkocht zijn terrein enkele jaren geleden al aan de gemeente en hield er rekening mee dat zijn bedrijf moest vertrekken. Ook andere terreinen rond de havens zijn al een tijdlang in handen van de gemeente.

‘Groningen heeft maar één doel en dat is grond en woningen verkopen’, zegt scheepsbouwer Piet Wierenga van No Limit Ships. De gemeente heeft zijn bedrijf op slot gezet, vindt hij. Want ook al ligt er nu de toezegging dat in de zuidelijkste drie van de vier Scandinavische havens de komende tien jaar nog geen woningen komen, zin om te investeren op deze plek heeft Wierenga niet.

Lichtzinnig

‘We wilden onze oude kraan vervangen door een elektrische’, vertelt Wierenga, die zijn bedrijf samen met twee zoons runt. ‘Daarvoor moet de fundering worden verzwaard en moet er een stroomkabel komen. Dat kost 40.000 euro. En dat geld zijn we kwijt als we hier straks weg moeten.’ Zoon Peter Wierenga valt zijn vader bij: ‘Gemeente en provincie slaan wat betreft watersport en scheepvaart de plank volledig mis. Groningen profileert zich als watersportstad, maar doet daar niks voor.’ De Wierenga’s wijzen erop dat de gemeente de nautische bedrijven hard nodig heeft, wil het haar ambities als ‘stad aan het water’ waarmaken. ‘Daar heb je ook voorzieningen voor nodig’, zegt Piet Wierenga. ‘Het is onlogisch als straks mensen hun bootjes niet kwijt kunnen en er geen plaats is voor onderhouds- en reparatiebedrijven. Stel je voor dat bij calamiteiten geen adequate hulp kan worden verleend.’

Al die maritieme aannemerij en bedrijvigheid vervult een belangrijke rol, vindt ook Willemien Onrust van sleep- en bergingsdienst Hunze-Trans. De sleepboten van Hunze-Trans hebben al dertig jaar de Deense haven als uitvalsbasis. Ook de sleepdiensten Bokschoten en Schut vinden er hun thuishaven.

Onrust kocht Hunze-Trans enkele jaren geleden. Veel van haar ma­teriaal is verouderd en Onrust wil er graag geld insteken, maar de onzekere omstandigheden maken dat moeilijk. ‘De stad offert de beroepsvaart op aan de woningbouw’, vindt ze. Onrust noemt de plannen ‘lichtzinnig’. Ze vindt dat er moet worden gekeken naar een nieuw te bouwen nautisch kwartier. Want zegt ze: ‘Het lijkt me ondenkbaar dat dit hier allemaal wordt uitgegumd.’

Maar geen van de bedrijven heeft een alternatieve locatie aangeboden gekregen van de gemeente of heeft er een weten te vinden. Hoe lastig dat is, ondervond Wierenga van No Limit Ships. ‘We komen al van een andere locatie. Destijds hebben we overal in en om de stad gekeken naar een terrein, maar er was niks te vinden.’ Waar een heel nieuw nautisch kwartier zou kunnen komen binnen de gemeentegrenzen, is een groot vraagteken. ‘Hier in de buurt krijgen wij zoiets niet terug’, stelt Ritsema, die zegt na te denken over verhuizing naar Friesland.

Nadat de eerste ideeën voor woningbouw in het stadshavengebied er in 2018 lagen, kwamen de bedrijven samen met Bedrijvenvereniging ZuidOost in het verweer. ‘Het bleek dat de gemeente de economische waarde van de havens helemaal niet goed in beeld had’, vertelt voorzitter Harry Bouma van de bedrijvenvereniging. Het onderzoek dat Ecorys daarop in opdracht van de gemeente en de bedrijven uitvoerde, bracht daar meer duidelijkheid over. De gemeente erkende de waarde en zegde toe een deel van de plannen de komende tien jaar niet te zullen uitvoeren. Maar dat neemt de zorgen niet weg, volgens Bouma. Er is geen alternatief voor de ondernemers en tien jaar is zo voorbij.’

Anti-scheepvaart

Branchevereniging Koninklijke BLN-Schuttevaer heeft zich eveneens in het debat gemengd. Ook de beroepsvaart ondervindt hinder van de Groningse woningbouwplannen. Niet alleen omdat nautische bedrijvigheid verdwijnt, ook omdat voorzieningen als ligplaatsen aan met name het Van Starkenborghkanaal verdwijnen. ‘De stad is erg anti-scheepvaart’, zegt George Schram, regionaal bestuurslid van Schuttevaer. ‘De beroepsvaart wordt gewoon de stad uitgestuurd. Onze klachten zijn aan dovemans­oren gericht.’

Binnenvaart is geen thema dat leeft op het gemeentehuis, zegt ook regiocoördinator Klaas Kattouw van BLN-Schuttevaer. Het probleem dat woningbouw en scheepvaart elkaar in de weg zitten, ziet hij op veel meer plekken: ‘In Keulen, in Mainz. Op locaties waar ligplaatsen en laad- en losplekken waren, verrijzen woningen en de schippers moeten het maar uitzoeken. Ook dichterbij, in Rotterdam of Amsterdam, gebeurt het. Ik verwacht hier echt meer van gemeenten.’

De gemeente Groningen zegt zich niet te herkennen in het beeld dat de stad anti-scheepvaart is. Ze stelt dat de plannen nog niet zijn uitgekristalliseerd en nog onduidelijk is hoeveel ruimte overblijft voor bedrijvigheid aan het water. De gemeente kan nog geen alternatieve locaties noemen voor bedrijven die mogelijk moeten vertrekken.

Geen plek meer voor Groningse scheepvaartsector | NT

Geen plek meer voor Groningse scheepvaartsector

wijken voor woningen

Het was schrikken voor Groningse ondernemers aan het Eemskanaal en in de zogenoemde Scandinavische havens in de stad Groningen toen ze onlangs Groningse woningbouwplannen onder ogen kregen. Waar nu nog bloeiende bedrijvigheid is gevestigd, staan luxe kadewoningen, appartementengebouwen, parken en speelplekken ingetekend. ‘De stad offert beroepsvaart op aan woningbouw.’

De plannen onder de naam Stad aan het Water zijn na druk vanuit de bedrijven en de ondernemersverenigingen ietsje bijgesteld. Dat wil zeggen: een deel zal niet op korte termijn worden gerealiseerd. Maar het perspectief is niet veranderd en de bezorgdheid bij de bedrijven evenmin. Want waar nu ondernemers hun geld verdienen, huizen straks stadsbewoners. De stad Groningen met haar grote scheepvaarthistorie lijkt daarmee de deur op slot te doen voor bedrijven die afhankelijk zijn van het water.

In de Hunzehaven aan het Eemskanaal in Groningen laadt en lost het bedrijf van Dicky Ritsema nu nog zand, grind en andere bulkproducten die via binnenvaartschepen worden vervoerd. De zogenoemde Deense haven, even verderop, is de thuisbasis van de sleepboten van Hunze-Trans, terwijl er ook lading wordt gelost door Grondstoffen Noord-Nederland.

Een insteekhaven verderop zitten staal- en bruggenbouwbedrijf Van Rusthoven en de innovatieve scheepswerf No Limit Ships, bekend van de bouw van de ‘Ecolu­tion’ van wijlen astronaut Wubbo Ockels. De studenten van roeivereniging Aegir hebben er hun botenhuis en trainingslocatie. Het is een wat rommelig stukje Groningen, maar het krioelt  rond de havens van de bedrijvigheid.

Vrachtwagens

Bij elkaar zijn het 24 bedrijven, heeft onderzoeksbureau Ecorys vastgesteld. Sleepdiensten, bedrijven die de vele woonschepen in Groningen onderhouden, jachtbouw, scheeps­timmerbedrijven, een bruggenbouwer en meer. Samen hebben ze zo’n tweehonderd mensen aan het werk.

‘Dit is een prachtige locatie’, zegt Ritsema. Vlakbij de binnenstad, maar met voldoende diepgang. De ligging is gunstig, op een kruispunt van de hoofdvaarwegen richting het westen, naar Friesland, en richting het oosten, naar Delfzijl. Over het Winschoterdiep zijn ook Hoogezand met de imposante opeenvolging van scheepswerven, de containerterminal van MSC bij Westerbroek en de industrie verderop aan het kanaal goed bereikbaar. Ritsema laakt de milieu-impact van de woningbouwplannen. ‘Wij lossen jaarlijks honderdvijftig schepen. Eén schip staat gelijk aan honderd vrachtwagens. Die moeten zometeen allemaal over de ring van Groningen. Leg dat eens naast het idee van de stad om duurzaam te zijn.’ Helemaal onverwacht komen de plannen niet voor Ritsema. Hij verkocht zijn terrein enkele jaren geleden al aan de gemeente en hield er rekening mee dat zijn bedrijf moest vertrekken. Ook andere terreinen rond de havens zijn al een tijdlang in handen van de gemeente.

‘Groningen heeft maar één doel en dat is grond en woningen verkopen’, zegt scheepsbouwer Piet Wierenga van No Limit Ships. De gemeente heeft zijn bedrijf op slot gezet, vindt hij. Want ook al ligt er nu de toezegging dat in de zuidelijkste drie van de vier Scandinavische havens de komende tien jaar nog geen woningen komen, zin om te investeren op deze plek heeft Wierenga niet.

Lichtzinnig

‘We wilden onze oude kraan vervangen door een elektrische’, vertelt Wierenga, die zijn bedrijf samen met twee zoons runt. ‘Daarvoor moet de fundering worden verzwaard en moet er een stroomkabel komen. Dat kost 40.000 euro. En dat geld zijn we kwijt als we hier straks weg moeten.’ Zoon Peter Wierenga valt zijn vader bij: ‘Gemeente en provincie slaan wat betreft watersport en scheepvaart de plank volledig mis. Groningen profileert zich als watersportstad, maar doet daar niks voor.’ De Wierenga’s wijzen erop dat de gemeente de nautische bedrijven hard nodig heeft, wil het haar ambities als ‘stad aan het water’ waarmaken. ‘Daar heb je ook voorzieningen voor nodig’, zegt Piet Wierenga. ‘Het is onlogisch als straks mensen hun bootjes niet kwijt kunnen en er geen plaats is voor onderhouds- en reparatiebedrijven. Stel je voor dat bij calamiteiten geen adequate hulp kan worden verleend.’

Al die maritieme aannemerij en bedrijvigheid vervult een belangrijke rol, vindt ook Willemien Onrust van sleep- en bergingsdienst Hunze-Trans. De sleepboten van Hunze-Trans hebben al dertig jaar de Deense haven als uitvalsbasis. Ook de sleepdiensten Bokschoten en Schut vinden er hun thuishaven.

Onrust kocht Hunze-Trans enkele jaren geleden. Veel van haar ma­teriaal is verouderd en Onrust wil er graag geld insteken, maar de onzekere omstandigheden maken dat moeilijk. ‘De stad offert de beroepsvaart op aan de woningbouw’, vindt ze. Onrust noemt de plannen ‘lichtzinnig’. Ze vindt dat er moet worden gekeken naar een nieuw te bouwen nautisch kwartier. Want zegt ze: ‘Het lijkt me ondenkbaar dat dit hier allemaal wordt uitgegumd.’

Maar geen van de bedrijven heeft een alternatieve locatie aangeboden gekregen van de gemeente of heeft er een weten te vinden. Hoe lastig dat is, ondervond Wierenga van No Limit Ships. ‘We komen al van een andere locatie. Destijds hebben we overal in en om de stad gekeken naar een terrein, maar er was niks te vinden.’ Waar een heel nieuw nautisch kwartier zou kunnen komen binnen de gemeentegrenzen, is een groot vraagteken. ‘Hier in de buurt krijgen wij zoiets niet terug’, stelt Ritsema, die zegt na te denken over verhuizing naar Friesland.

Nadat de eerste ideeën voor woningbouw in het stadshavengebied er in 2018 lagen, kwamen de bedrijven samen met Bedrijvenvereniging ZuidOost in het verweer. ‘Het bleek dat de gemeente de economische waarde van de havens helemaal niet goed in beeld had’, vertelt voorzitter Harry Bouma van de bedrijvenvereniging. Het onderzoek dat Ecorys daarop in opdracht van de gemeente en de bedrijven uitvoerde, bracht daar meer duidelijkheid over. De gemeente erkende de waarde en zegde toe een deel van de plannen de komende tien jaar niet te zullen uitvoeren. Maar dat neemt de zorgen niet weg, volgens Bouma. Er is geen alternatief voor de ondernemers en tien jaar is zo voorbij.’

Anti-scheepvaart

Branchevereniging Koninklijke BLN-Schuttevaer heeft zich eveneens in het debat gemengd. Ook de beroepsvaart ondervindt hinder van de Groningse woningbouwplannen. Niet alleen omdat nautische bedrijvigheid verdwijnt, ook omdat voorzieningen als ligplaatsen aan met name het Van Starkenborghkanaal verdwijnen. ‘De stad is erg anti-scheepvaart’, zegt George Schram, regionaal bestuurslid van Schuttevaer. ‘De beroepsvaart wordt gewoon de stad uitgestuurd. Onze klachten zijn aan dovemans­oren gericht.’

Binnenvaart is geen thema dat leeft op het gemeentehuis, zegt ook regiocoördinator Klaas Kattouw van BLN-Schuttevaer. Het probleem dat woningbouw en scheepvaart elkaar in de weg zitten, ziet hij op veel meer plekken: ‘In Keulen, in Mainz. Op locaties waar ligplaatsen en laad- en losplekken waren, verrijzen woningen en de schippers moeten het maar uitzoeken. Ook dichterbij, in Rotterdam of Amsterdam, gebeurt het. Ik verwacht hier echt meer van gemeenten.’

De gemeente Groningen zegt zich niet te herkennen in het beeld dat de stad anti-scheepvaart is. Ze stelt dat de plannen nog niet zijn uitgekristalliseerd en nog onduidelijk is hoeveel ruimte overblijft voor bedrijvigheid aan het water. De gemeente kan nog geen alternatieve locaties noemen voor bedrijven die mogelijk moeten vertrekken.