Het Deense Sea-Intelligence meldt in zijn 123ste maandrapportage dat in oktober gemiddeld iets meer dan één op de drie (34,4%) schepen volgens schema in de bestemmingshavens arriveerde. Dat is 0,4 procentpunt beter dan in september. Dit ligt aan de onderkant van de bandbreedte voor het jaar tot nu toe, waarin het cijfer tussen de 34 en de 40% schommelde.

‘Het enige positieve, als je het zo mag noemen, is dat de betrouwbaarheid niet verder is gedaald’, zegt directeur Alan Murphy in zijn maandelijkse commentaar. Een jaar geleden lag de punctualiteit nog boven de 50%. De daling vanaf een piek van bijna 80% zette in juli vorig jaar in, volgend op het eind van de Chinese lockdown.

Grote verschillend

Het percentage van 34,4% is het gemiddelde van 34 routes, die onderling grote verschillen vertonen. Lichtpuntje is dat de gemiddelde vertraging iets is afgenomen tot zeven dagen en acht uur. In 2019 schommelde dit cijfer rond de vier dagen.

Het gemiddelde van de veertien grootste rederijen ligt met een punctualiteit van ongeveer een kwart onder het marktgemiddelde. Acht daarvan halen dit niveau niet, opvallend genoeg allemaal uit Azië: Cosco, ONE, PIL, OOCL, HMM, Yang Ming, Wan Hai en Evergreen. De laatste scoort slechts 13,4% betrouwbaarheid.

Maersk (46,4%) en dochterbedrijf Hamburg Süd voeren de lijst net als in de afgelopen maanden aan. Daarna volgen CMA CGM, MSC en Hapag, die alle drie net boven de 30% scoren. Het Israëlische Zim neemt met zo’n 28% een middenpositie in.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement