‘We merkten vorig jaar al dat het lokale stroomnetwerk onvoldoende capaciteit bood om alle nieuwe bedrijven te kunnen aansluiten op het LPM’, vertelt Gert Slager, programmamanager ruimtelijke ontwikkeling en gebiedsontwikkeling bij Port of Moerdijk.

‘Toen hebben we besloten, samen met onze ontwikkelpartner en DSV, om maar zelf een extra stroomverbinding over zeven kilometer aan te gaan leggen. Normaal is dat een taak voor de netbeheerder, maar die zag er geen mogelijkheden toe qua capaciteit en prioritering.’

Significante investering

Voor een havenbedrijf als Port of Moerdijk gaat het bij zo’n project om een ‘significante’ investering. Het risico werd gedeeld met de andere twee partners. Slager: ‘Achteraf bleek het een wijs besluit, want toen wisten we nog niet dat er nu zo’n groot probleem zou bestaan. Anders hadden we nu echt een vestigingsprobleem gehad. De aanleg wordt uiteindelijk betaald door de bedrijven die zich vestigen op het LPM. Dat hadden ze ook moeten doen wanneer Enexis de aanleg had geregeld, dat verandert dus niet voor ze. Het verschil is dat Port of Moerdijk het nu voor ze organiseert.’

Versnelling van de energie-infrastructuur staat hoog op het lijstje in Moerdijk, zegt Jayand Baladien, programmamanager commerciële exploitatie van Port of Moerdijk. ‘Cruciaal is dat er binnen een aantal jaar een flinke verzwaring van ons elektriciteitsnet wordt gerealiseerd. Dat is hard nodig om de ambities van het bedrijfsleven waar te kunnen maken.’

‘Het probleem zit hem met name in de chemische en recycling-industrie die met allerlei elektrificatieprojecten bezig zijn en nu tegen de grenzen van de netcapaciteit aanlopen. Er moet een nieuw hoogspanningsstation bij. Maar dat duurt nog jaren.’

Industriespelers

Port of Moerdijk heeft vorig jaar geïnventariseerd hoe de grootste industriespelers de komende jaren hun energietransitie vormgeven. ‘Daaruit kwam naar voren dat er tot 2030 prominent op elektriciteit ingezet gaat worden. Terwijl Tennet pas vanaf die datum een hoogspanningsstation kan realiseren. Het wordt dus erg complex. Er is een megabehoefte aan elektriciteit, toch hadden we niet verwacht dat we nu al tegen een knelpunt aan zouden lopen. Dat is best heftig als je ziet dat bedrijven grote stappen willen zetten en dan geremd worden in de randvoorwaarden’, vindt Baladien.

‘Daarom moeten we nu kijken of er aanpassingen in regelgeving nodig zijn. Zo hebben bedrijven nu gecontracteerd vermogen, terwijl dat niet betekent dat het gebruikt wordt. Er moet dus individueler naar gekeken worden. Misschien is er ruimte om slimmer met beschikbare ruimte om te gaan, zoals bijvoorbeeld cable pooling.’

Restwarmte

‘Het elektriciteitsnet piept en kraakt aan alle kanten’, bevestigt Slager. ‘Bedrijven leggen zonnepanelen aan terwijl ze de stroom niet kunnen terug leveren aan het net. We kijken nu naar projecten met lokale opslag, zoals het opladen van batterijcontainers voor de binnenvaart. En waar nu primair wordt gekeken naar elektrificering, zal straks waterstof als tweede product erbij komen. Bij de opwekking van waterstof komt restwarmte vrij. Die zouden we weer vanaf Moerdijk via de stadsverwarming vanuit Geertruidenberg naar huishoudens in Breda en Tilburg kunnen verspreiden.’

Dit is deel 1/9 in een serie interviews over de rol die Nederlandse en Vlaamse havens spelen in de energietransitie. Meer weten? Kom naar de Vlaams-Nederlandse Havendag op 30 juni 2022 in Rotterdam.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement