Rijkswaterstaat: ‘We kijken naar de beste plek voor investeringen’

interview

Bedrijven die erover denken om te investeren of te verhuizen, kunnen vanaf nu een overzicht voor internationale handel en transport raadplegen. Hiertoe ontwikkelde Rijkswaterstaat een model dat inzichtelijk maakt welke goederen met welke waarde waarnaartoe gaan. Dergelijke data waren voorheen alleen afzonderlijk beschikbaar.

‘Dit overzicht helpt de overheid om prognoses te maken die voor bedrijven bruikbaar zijn en die ze kan helpen in te schatten waar ze rekening mee kunnen houden voor hun toekomst’, legt John Spruijt, adviseur verkeers- en vervoersmodellen bij Rijkswaterstaat uit.

Waarom zijn jullie data bij elkaar gaan sprokkelen?

We willen zicht hebben op welke vervoersstromen er zijn en waar de knooppunten zitten in ons land. Als er meer informatie is, kan de overheid betere beslissingen nemen. We maken prognoses om de ontwikkelingen van het goederenvervoer te schetsen. We kijken naar de hoeveelheid vervoer via de binnenvaart, spoor, weg en zeevaart. Op basis van de verwachte ontwikkelingen op economisch en handelsgebied en de omgevingsscenario’s van de planbureaus schetsen wij wat je in de toekomst op het gebied van transport kunt verwachten. De data halen we vooral bij het Centraal Bureau voor de Statistiek vandaan waar het wegvervoer betreft. Voor binnenvaartdata blijven we dicht bij huis, want die hebben we zelf. ProRail levert data omtrent vervoer over het spoor. En het CBS heeft ook data over wélke goederen vervoerd worden.

Welk oogmerk hebben jullie zelf met de verzamelde data?

We proberen het aantal files en knooppunten te verminderen en dat kan onder meer door verbeteringen aan te brengen in sluiscapaciteit en wegen aan te leggen. Rijkswaterstaat bepaalt dat weliswaar niet zelf, maar wij geven wel adviezen. We schetsen ontwikkelingen in Nederland en identificeren de grote knooppunten die voor Nederland het meest urgent zijn. Voor de binnenvaart kijken we naar de grootste vaarwegen waar ook het meeste vervoer op zit. Over alle modaliteiten heen kijken we naar waar het meeste vervoer plaatsvindt. We kijken daarbij ook naar de Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse uit het verleden en actualiseren prognoses op basis van de meest recente inzichten en beschikbare databronnen. Op basis van al die gegevens adviseren we het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat over waar volgens ons investeringen in het goederenvervoer raadzaam zijn. Zulke investeringen zijn niet van vandaag op morgen geregeld, daarom is het belangrijk dat we ver vooruit kijken en de verwachtingen zoveel mogelijk in kaart brengen. We weten dat het vervoer van goederen nog verder gaat toenemen.

Wat hebben transportbedrijven aan jullie gegevens?

Informatie die wij aan het ministerie leveren, kan bedrijven helpen om beleidsafwegingen te maken. In welk vervoersgebied zijn investeringen nodig en wat is handig met het oog op de toekomst? Die beslissingen kunnen bedrijven beter nemen als ze weten hoe de huidige vervoersstromen zijn en wat de verwachting voor de toekomst is. Daarmee is de vervoerssector gebaat. Vestigingskeuzes van bedrijven hangen samen met de te verwachte ontwikkelingen. Het is een samenspel met allerlei omgevingsfactoren. Overheidsbeleid kan daarbij ook een rol spelen. Onze goederenvervoerprognoses gaan uit van vastgesteld beleid. Keuzes die vast liggen, nemen wij mee in onze prognoses. Toekomstige beleidsmaatregelen zitten uiteraard niet in je scenario’s, omdat je juist ook die prognoses kunt gebruiken om het effect van maatregelen door te rekenen. Met onze goederenvervoermodellen kun je het effect van een beleidsmaatregel inschatten. Dan kun je een vergelijking maken, en dat helpt bij het maken van keuzes en van beleid.

Wat zien jullie dan in die glazen bol?

De kosten voor vervoer spelen een grote rol. Vanuit Rijkswaterstaat maken we gebruik van de omgevingsscenario’s van het Centraal Planbureau en het Planbureau voor de Leefomgeving. Dat zijn de scenario’s die de toekomstverkenning voor welvaart en leefomgeving bevatten. Die scenario’s zijn de basis voor veel beleidsbeslissingen op het gebied van de fysieke leefomgeving in Nederland. Als er economische groei is, zal ook het vervoer van goederen blijven groeien, dat is wel duidelijk. Veranderingen zullen ook komen door keuzes die gemaakt worden. Over het algemeen verwachten we dat er een groei zal zijn in het goederenvervoer, waarbij het spoor procentueel het meeste groeit. Al blijft wegvervoer beslist gewoon het grootst. Het spoor blijft in absolute zin maar een klein deel van de totale goederenstroom uitmaken. En als we meer hernieuwbare energie gebruiken en minder kolen, zal het vervoer van kolen afnemen, en laat dat nou net veel per spoor gebeuren. De exacte ontwikkeling en het effect van de energietransitie is evenwel nog onzeker. Ook dat moeten we nauwkeurig blijven monitoren.

Rijkswaterstaat: ‘We kijken naar de beste plek voor investeringen’ | NT

Rijkswaterstaat: ‘We kijken naar de beste plek voor investeringen’

interview

Bedrijven die erover denken om te investeren of te verhuizen, kunnen vanaf nu een overzicht voor internationale handel en transport raadplegen. Hiertoe ontwikkelde Rijkswaterstaat een model dat inzichtelijk maakt welke goederen met welke waarde waarnaartoe gaan. Dergelijke data waren voorheen alleen afzonderlijk beschikbaar.

‘Dit overzicht helpt de overheid om prognoses te maken die voor bedrijven bruikbaar zijn en die ze kan helpen in te schatten waar ze rekening mee kunnen houden voor hun toekomst’, legt John Spruijt, adviseur verkeers- en vervoersmodellen bij Rijkswaterstaat uit.

Waarom zijn jullie data bij elkaar gaan sprokkelen?

We willen zicht hebben op welke vervoersstromen er zijn en waar de knooppunten zitten in ons land. Als er meer informatie is, kan de overheid betere beslissingen nemen. We maken prognoses om de ontwikkelingen van het goederenvervoer te schetsen. We kijken naar de hoeveelheid vervoer via de binnenvaart, spoor, weg en zeevaart. Op basis van de verwachte ontwikkelingen op economisch en handelsgebied en de omgevingsscenario’s van de planbureaus schetsen wij wat je in de toekomst op het gebied van transport kunt verwachten. De data halen we vooral bij het Centraal Bureau voor de Statistiek vandaan waar het wegvervoer betreft. Voor binnenvaartdata blijven we dicht bij huis, want die hebben we zelf. ProRail levert data omtrent vervoer over het spoor. En het CBS heeft ook data over wélke goederen vervoerd worden.

Welk oogmerk hebben jullie zelf met de verzamelde data?

We proberen het aantal files en knooppunten te verminderen en dat kan onder meer door verbeteringen aan te brengen in sluiscapaciteit en wegen aan te leggen. Rijkswaterstaat bepaalt dat weliswaar niet zelf, maar wij geven wel adviezen. We schetsen ontwikkelingen in Nederland en identificeren de grote knooppunten die voor Nederland het meest urgent zijn. Voor de binnenvaart kijken we naar de grootste vaarwegen waar ook het meeste vervoer op zit. Over alle modaliteiten heen kijken we naar waar het meeste vervoer plaatsvindt. We kijken daarbij ook naar de Nationale Markt- en Capaciteitsanalyse uit het verleden en actualiseren prognoses op basis van de meest recente inzichten en beschikbare databronnen. Op basis van al die gegevens adviseren we het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat over waar volgens ons investeringen in het goederenvervoer raadzaam zijn. Zulke investeringen zijn niet van vandaag op morgen geregeld, daarom is het belangrijk dat we ver vooruit kijken en de verwachtingen zoveel mogelijk in kaart brengen. We weten dat het vervoer van goederen nog verder gaat toenemen.

Wat hebben transportbedrijven aan jullie gegevens?

Informatie die wij aan het ministerie leveren, kan bedrijven helpen om beleidsafwegingen te maken. In welk vervoersgebied zijn investeringen nodig en wat is handig met het oog op de toekomst? Die beslissingen kunnen bedrijven beter nemen als ze weten hoe de huidige vervoersstromen zijn en wat de verwachting voor de toekomst is. Daarmee is de vervoerssector gebaat. Vestigingskeuzes van bedrijven hangen samen met de te verwachte ontwikkelingen. Het is een samenspel met allerlei omgevingsfactoren. Overheidsbeleid kan daarbij ook een rol spelen. Onze goederenvervoerprognoses gaan uit van vastgesteld beleid. Keuzes die vast liggen, nemen wij mee in onze prognoses. Toekomstige beleidsmaatregelen zitten uiteraard niet in je scenario’s, omdat je juist ook die prognoses kunt gebruiken om het effect van maatregelen door te rekenen. Met onze goederenvervoermodellen kun je het effect van een beleidsmaatregel inschatten. Dan kun je een vergelijking maken, en dat helpt bij het maken van keuzes en van beleid.

Wat zien jullie dan in die glazen bol?

De kosten voor vervoer spelen een grote rol. Vanuit Rijkswaterstaat maken we gebruik van de omgevingsscenario’s van het Centraal Planbureau en het Planbureau voor de Leefomgeving. Dat zijn de scenario’s die de toekomstverkenning voor welvaart en leefomgeving bevatten. Die scenario’s zijn de basis voor veel beleidsbeslissingen op het gebied van de fysieke leefomgeving in Nederland. Als er economische groei is, zal ook het vervoer van goederen blijven groeien, dat is wel duidelijk. Veranderingen zullen ook komen door keuzes die gemaakt worden. Over het algemeen verwachten we dat er een groei zal zijn in het goederenvervoer, waarbij het spoor procentueel het meeste groeit. Al blijft wegvervoer beslist gewoon het grootst. Het spoor blijft in absolute zin maar een klein deel van de totale goederenstroom uitmaken. En als we meer hernieuwbare energie gebruiken en minder kolen, zal het vervoer van kolen afnemen, en laat dat nou net veel per spoor gebeuren. De exacte ontwikkeling en het effect van de energietransitie is evenwel nog onzeker. Ook dat moeten we nauwkeurig blijven monitoren.