De 50/50 joint venture legt 620 miljoen dollar op tafel voor de terminals in Freeport (Texas), St. Charles en Plaquemine (beide Louisiana), die samen een capaciteit hebben van 852.000 kubieke meter. Ze zijn stuk voor stuk verbonden met fabrieken van de Amerikaanse chemiegigant Dow.

Vopak-topman Eelco Hoekstra spreekt van een ‘unieke uitbreidingsmogelijkheid’ waarbij het Rotterdamse concern samenwerkt met ‘de leidende wereldwijde beleggingsexperts van BlackRock’. Dat laat in een persverklaring eveneens weten blij te zijn samen te werken met ‘marktleiders die gelijkgestemd zijn om te helpen en de bedrijven te laten groeien met behoud van een sterke veiligheidscultuur’.

Amsterdam

Voor Vopak is het de eerste majeure overname sinds het overslagbedrijf vorig jaar de olie- en benzine-opslag in Amsterdam, Hamburg en het Spaanse Algeciras verkocht aan First State Investments. De drie terminals waren gewaardeerd op 723 miljoen euro en leverden het Rotterdamse bedrijf een eenmalige boekwinst op van ruim 200 miljoen euro. Vopak beoogde met de verkoop de afhankelijkheid van de opslag van olieproducten drastisch af te bouwen. Via de aankoop van de Amerikaanse terminals van Dow mikt het nu strategisch op de chemie-opslag. Daarbij zou Vopak zich ook verzekerd hebben van lange termijncontracten met Dow als onderdeel van de deal.

Vopak zag zijn omzet in de eerste helft van het jaar slechts licht (-8%) dalen naar 589 miljoen euro, terwijl de nettowinst steeg met 4% naar 197 miljoen euro. Het bedrijf heeft nauwelijks last van de coronapandemie. Zo steeg de bezettingsgraad van de ruim 34 miljoen kubieke meter ­­tankruimte in het tweede kwartaal van dit jaar met 6 procentpunt tot 90% vergeleken met vorig jaar.