De plannen lagen al klaar, maar voordat de Rotterdamse wethouder Judith Bokhove op 1 december het formele startschot kon geven, was het wachten op de definitieve vaststelling van de Uitvoeringsagenda Stadslogistiek door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Die agenda stelt de kaders voor het moment van invoeren van emissievrije zones en voor de toegangseisen per voertuigcategorie. Cruciale onderwerpen binnen Convenant ZES. De uitvoeringsagenda is er nu, het project kan van start.

Emissievrije stadsdistributie is al jarenlang een thema dat veel aandacht krijgt. Het aantal koplopers dat de daad bij het woord voegt, is echter nog beperkt. Versnelling is dan ook cruciaal om de toenemende vervoerstromen in de binnenstad op een gezonde wijze te begeleiden. In mijn visie is dat haalbaar door de innovatie en logistieke expertise aan elkaar te koppelen. En juist dat is een van de uitgangspunten van Convenant ZES.

Aan het aanbod van elektrisch aangedreven transportmiddelen kan het niet liggen dat de ontwikkeling tot dusver vrij traag is. Fabrikanten voeren de productie sterk op met een reeks nieuwe vervoersmiddelen die bij uitstek geschikt zijn voor de binnenstad. Dit betreft ook materieel op het gebied van bouwlogistiek, een van de negen thema’s binnen het convenant. Steden staan voor een enorme bouwopgave, maar worden hierin beperkt door de stikstofmaatregelen en de PFAS-wetgeving. Het emissievrij maken van het logistieke proces geeft dan ook milieuruimte.

Misschien nog belangrijker dan het grote aantal deelnemers binnen Convenant ZES is hun diversiteit en expertise, die via de samenwerking aan elkaar gekoppeld worden. Dat opent de weg naar meer innovatie en efficiëntie. Iedere partij heeft daarin zijn eigen rol. Zo moet de gemeente uitstootvrije zones kiezen, overgangsregelingen bepalen en in de bestemmingsplannen ruimte geven aan locaties voor nieuwe logistieke concepten. Verladers, logistieke dienstverleners en bouwbedrijven hebben de taak om deze logistieke concepten te bedenken en uit te voeren. Banken tenslotte moeten passende financiering aanbieden, zowel voor investeringen in vastgoed als in zero-emissie-transportmiddelen. Ook moeten banken openstaan voor het concept Product-as-a-Service, een vorm van verhuur van bijvoorbeeld emissieloze transportmiddelen bij bouwprojecten. Nu is dit nog toekomstmuziek, maar het concept van gedeelde bedrijfsmiddelen is zeker niet ondenkbaar.

Het Rotterdamse initiatief kan positieve bijeffecten opleveren. Zo kunnen succesvolle trajecten worden gekopieerd door andere steden. En op het gebied van zero-emissie-vervoer kunnen ervaringen uit de praktijk helpen bij de doorontwikkeling van batterij- en waterstof-elektrisch vervoer op langere afstand. Over een paar jaar kan 1 december 2020 weleens een historische dag zijn gebleken op het gebied van zero-emissie-stadslogistiek. Ik zou eerdere initiatieven tekort doen wanneer ik zou stellen dat er de afgelopen jaren helemaal niets is gebeurd, maar de sterke bundeling van krachten in Convenant ZES is nog niet eerder vertoond in Nederland. Het is niet verwonderlijk dat juist Rotterdam woorden hiermee omzet in daden.

Bekijk het interview van NT met de coördinator Goederenvervoer van de gemeente Rotterdam over het convenant: