Zelf investeeert het HbR tot 2030 nog eens 6 miljard euro in het havengebied. Van de rijksoverheid wordt verwacht dat ze de infrastructuur in en om de haven op peil houdt.

Om private investeringen in de haven zeker te stellen, is het noodzakelijk dat Rotterdam zijn ‘prijs/kwaliteitverhouding’ in de gaten houdt. Van dienstverleners – loodsen, slepers, roeiers – wordt een ‘gematigde ontwikkeling’ van hun tarieven gevraagd. Ook de lokale belastingen mogen ten opzichte van concurrerende havens niet al te hard stijgen.

Investeringen zijn niet alleen noodzakelijk voor nieuwe ontwikkelingen, maar ook voor de modernisering van bestaande activiteiten. Voorop staat dat de haven beter van zijn ruimte gebruik zal maken. De overslag per hectare moet met bijna de helft omhoog. Containerterminals moeten per hectare 30.000 teu overslaan, in plaats van 20.000 nu.

Het HbR ziet de havens van Rotterdam, Dordrecht en Moerdijk in 2030 functioneren “als één geïntegreerd complex”. Voor de (chemische) industrie kijkt Rotterdam zelfs nog verder: met Vlissingen, Terneuzen en Antwerpen zal het over twintig jaar één grote petrochemische cluster vormen, verbonden door pijpleidingen.

Momenteel produceert Rotterdam circa 15% van de Nederlandse energie. Dat stijgt naar 25%. “Maar dat moet wel duurzamer, dus met afvang en opslag van CO2 en ook op basis van biomassa en lng”, aldus president-directeur Hans Smits (foto) van het HbR in een toelichting.