De Israëlische krant Haaretz bracht vrijdag details naar buiten over de overeenkomst, die in oktober vorig jaar werd gesloten door de vorige regering onder leiding van Benjamin Netanyahu. De deal wordt gezien als een aantrekkelijk vredesdividend van het normalisatiepact, dat de twee landen in augustus sloten, het eerste tussen Israël en een Golfstaat.

Het idee is om ruwe olie en olieproducten uit Abu Dhabi via Eilat aan de Rode Zee naar Israël aan te voeren en die vervolgens via een 300 kilometer lange pijpleiding naar Ashkelon aan de Middellandse Zee door te voeren. Zo zou het emiraat de mogelijkheid krijgen om olie en geraffineerde producten buiten het Suezkanaal om goedkoop naar Europa te exporteren.

Milieuramp

Milieugroepen eisen via een rechtszaak dat de overeenkomst van tafel gaat omdat die niet is goedgekeurd door de huidige regering en het parlement en de bevolking niet zijn geïnformeerd. Ze stellen dat het staatsbedrijf Europe-Asia Pipeline Co (EAPC) een slechte reputatie heeft op het milieuschade. Ze wijzen erop dat het bedrijf verantwoordelijk was voor een milieuramp in 2014 toen er duizenden tonnen ruwe olie in het Evrona-natuurpark in de Negev-woestijn werden gemorst.

Tijdens de rechtszitting heeft de EAPC volgens Haaretz aangevoerd dat het als overheidsbedrijf niet verplicht is om te rapporteren aan of goedkeuring te krijgen voor overeenkomsten die het tekent met ministeries. Zo is er ook geen publiek toezicht op de exploitatie van de pijpleiding, die vóór de Islamitische Revolutie werd aangelegd om Iraanse olie via Israël naar Europa te exporteren omdat dit wordt beschouwd als een zaak van nationale veiligheid.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding