Dit beeld schetst het Deense bureau Sea-Intelligence in zijn Global Liner Performance (GLP)-rapport over de maand juli. Daarin zakte de punctualiteit van de containervaart, het aantal schepen dat op tijd aankomt, opnieuw met 3,8 procentpunten tot 35,6. Dat is minder dan de helft van het niveau van een jaar geleden, toen ongeveer driekwart van de schepen de geplande datum haalde.

Acht op de tien op tijd

De betrouwbaarheid ligt al het hele jaar tot nu toe ongeveer op de helft van het niveau van vorig jaar. De daling zette na mei vorig jaar in toen nog bijna acht op de tien schepen op tijd arriveerden. Dat valt samen met het eind van de Chinese lockdown en plotseling omhoog schietende vraag naar containervervoer.

Het dieptepunt werd begin dit jaar bereikt met een punctualiteit van net onder de 35%. In de periode maart-juni ging het iets beter met scores rond de 40%. Waarom de vertragingen in juli weer zijn opgelopen, is niet helemaal duidelijk.

Maersk het minst slecht

Van de ruim zestig carriers die in het onderzoek worden meegenomen, scoort Maersk veruit het best met een punctualiteit van ruim 47%. Hamburg Süd, dat ook tot de Maersk-groep behoort, volgt op korte afstand en bleef net boven de 40%. Aan de andere kant van het spectrum staat Evergreen met 16,3%, wat betekent dat slechts 1 op de 6 schepen op tijd aankwam.

De gemiddelde vertraging schommelt het hele jaar al tussen de zes en de zeven dagen, ongeveer een dag meer dan vorig jaar. In 2018 en 2019 schommelde de gemiddelde vertraging nog rond de vier dagen.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding