Het aantal commerciële schepen dat in het noordelijke deel van de Zwarte Zee en in de Zee van Azov, achter de Krim, ingesloten is geraakt in het oorlogsgebied, werd begin deze week geschat op zeker honderd. De Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders (KVNR) meldt desgevraagd dat er uit haar achterban wel schepen zuidelijker varen op de Zwarte Zee, maar gelukkig niet in het oorlogsgebied. Veel andere vrachtschepen hadden echter minder geluk en raakten ingesloten tussen de gewelddadigheden, zoals live te volgen is op websites als VesselFinder en MarineTraffic.

In de eerste week van de oorlog werd al duidelijk dat het voor de Russen een van de hoofddoelen was om het Oekraïense kustgebied in handen te krijgen, waardoor juist Oekraïense havensteden als Mykolaiv, Kherson en Marioepol zwaar onder vuur kwamen te liggen. Slecht nieuws voor bijvoorbeeld de Singaporese tanker ‘MTM Rio Grande’, die met 22 bemanningsleden aan boord bij het uitbreken van de oorlog net in de haven van Mykolaiv lag om sojaolie te laden en geen kant meer op kon. Aangezien loodsen niet kunnen werken, is er niemand om schepen een uitgeleide te geven, iets dat door de aanwezigheid van onderwatermijnen en Russische marineschepen sowieso al een risicovol avontuur zou zijn.

Henrik Jensen, directeur van Danica Maritime Services, een Hamburgs bedrijf dat rederijen voorziet van zeevarend personeel, heeft deze week tegenover ShippingWatch gewaarschuwd voor een ‘complete ramp’ voor zeevarenden als het Russische leger de Oekraïense havensteden volledig onder controle krijgt. Aangezien op een schip zomaar meer dan twintig mensen kunnen werken, betekent dat er mogelijk nog honderden, zo niet duizenden zeevarenden midden in het oorlogsgebied zitten.

In de val

Alom wordt ervan uitgegaan dat Odessa, de grootste internationale havenstad van Oekraïne, een volgend belangrijk doelwit is voor de Russen. Een journalist van de Belgische omroep VTM wist dinsdag te melden dat de havenstad al ‘volledig omsloten’ is door Russische troepen.

De meeste vrachtschepen die in het oorlogsgebied als ratten in de val zitten, zijn bulkschepen, tankers en general cargo-schepen die naar Oekraïne waren gekomen voor het vervoer van bijvoorbeeld graan en olie, maar in Odessa lag begin deze week ook nog altijd het grote containerschip ‘Joseph Schulte’ (9.000 teu) van de Chinese rederij Cosco, normaliter actief in de Bosphorus Express-dienst van Cosco, OOCL en CMA CGM. Een ander containerschip, de door Hapag-Lloyd gecharterde ‘Hansa Limburg’ (1740 teu), ontsnapte ternauwernood aan het oorlogsgeweld en voer precies in de ochtend van de Russische inval weg uit Odessa. Het is deze week veilig en wel op weg vanuit Piraeus naar Egypte.

De oorlog heeft tot nu toe voor zover bekend één zeevarende van een vrachtschip het leven gekost: een bemanningslid uit Bangladesh van het bulkschip ‘Banglar Samriddhi’, dat voor anker lag bij de Oekraïense haven Olvia toen het vorige week woensdag werd geraakt door een raket. De bemanning had enkele dagen eerder nog om hulp gesmeekt, mede omdat er voor nog maar twee weken voedsel aan boord was, een probleem dat vermoedelijk op meer schepen een rol zal gaan spelen. De overige 28 crewleden van de ‘Banglar Samriddhi’ konden na het drama geëvacueerd worden.

Reddingsvesten

Later in de week kwam nabij Odessa een compleet schip, het uit Estland afkomstige general cargo-schip ‘Helt’, tot zinken, waarschijnlijk nadat het op een mijn was gevaren. Onder meer de New York Times meldde, dat de Russische marine het schip als een soort ‘menselijk schild’ had gebruikt. De Oekraïense havenautoriteiten wisten de bemanningsleden van het schip met reddingsboten in veiligheid te brengen. Ook veilig zijn 21 Filipijnse bemanningsleden van de ‘S Breeze’, een bulkschip dat in een droogdok in Odessa ligt voor reparatie. Zij konden via Moldavië geëvacueerd worden.

De ‘Yasa Jupiter’, een Turks bulkschip dat was gecharterd door de Amerikaanse agroreus Cargill en dat meteen in het begin van de oorlog nabij Odessa schade opliep door raketvuur, bevond zich deze week inmiddels veilig in de Turkse haven Yalova. In diezelfde haven ligt ook de ‘Namura Queen’, een Panamees bulkschip dat eveneens werd geraakt door een raket.

Een vijfde vrachtschip dat nabij Odessa de dupe werd van het Russische oorlogsgeweld, heeft inmiddels zijn eigen Wikipedia-pagina: de Moldavische chemicaliëntanker ‘Millennial Spirit’. De tanker, geladen met 600 ton dieselolie, kreeg vanaf een Russisch marineschip twéé rakketten op zich afgevuurd, waardoor ook de reddingsboten van het schip onbruikbaar werden en de tien bemanningsleden geen andere optie zagen dan met reddingsvesten overboord te springen.

De Oekraïense hulpdiensten wisten de bemanningsleden te redden, al moesten twee van hen met ernstige verwondingen naar een ziekenhuis worden gebracht. In de berichtgeving over de ‘Millennial Spirit’ wordt het opvallende feit genoemd, dat de bemanning grotendeels, en volgens sommige bronnen zelfs volledig, de Russische nationaliteit had.

Als je een willekeurig vrachtschip onder vuur neemt, bestaat er een behoorlijke kans dat zich daarop een of meerdere Russische bemanningsleden bevinden. De International Chamber of Shipping (ICS) heeft op basis van het Seafarer Workforce Report uit 2021 gemeld dat in de internationale scheepvaart 198.123 Russische bemanningsleden werken, goed voor 10,5% van het wereldtotaal. Ook Oekraïne is een belangrijk herkomstland van maritiem personeel: 76.442 mensen, 4% van alle zeevarenden. Voor zowel de Russen als de Oekraïeners geldt, dat een aanzienlijk deel van hen aan boord een officiersfunctie bekleedt.

Op 1220 schepen onder Nederlandse vlag zijn circa drieduizend Russische en vijftienhonderd Oekraïense zeevarenden werkzaam en ook zij werken veelal in de functie van kapitein of officier, zo heeft de zeevarendenvakbond Nautilus gemeld. ‘Gecombineerd maken zij ruim een derde uit van het totaal aantal kapiteins en officieren op de Nederlands gevlagde vloot.’

Samen op zelfde schip

Vaak ook werken Russen en Oekraïeners samen op hetzelfde schip. ‘En dat gaat overwegend nog steeds vrij goed’, aldus een woordvoerder van de vakbond, die eraan toevoegt dat hij ‘eerlijk gezegd’ inmiddels ook wel een of twee signalen heeft ontvangen die toch op toenemende onderlinge spanningen wijzen. Maar op de meeste vrachtschepen wensen mensen van alle nationaliteiten ‘dat er zo snel mogelijk een einde komt aan deze afschuwelijke oorlog’, aldus de vakbond.

Zorgen zijn er voor de zeevarenden evenwel volop, ook voor hen die niet in het oorlogsgebied zitten, maakt Nautilus duidelijk. Oekraïense bemanningsleden keren mogelijk in toenemende mate terug naar hun land om zich daar aan te sluiten bij de strijd, en op zowel de korte als de lange termijn kan het bemannen van schepen daardoor een probleem worden voor de rederijen, stelt de vakbond. Ook boven die enorme groep van ruim 10% Russische bemanningsleden hangen vraagtekens, aldus Nautilus. ‘Door sancties kan het Russische bemanningsleden wellicht onmogelijk gemaakt worden Rusland uit te komen en dus aan boord te komen.’

Danica Maritime Services wijst erop dat Oekraïense mannen van tussen de 18 en 60 hun land bovendien niet úit kunnen, al is het volgens het Hamburgse bedrijf sommige zeevarenden en hun families tóch gelukt het geweld te ontvluchten. Niettemin kijkt Danica al naar partnerkantoren in onder meer Roemenië, Turkije, Georgië en de Filippijnen om schepen voldoende personeel te kunnen blijven leveren.

Cao: ‘gevarengebied’

Nautilus heeft in samenspraak met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en de KVNR verder inmiddels afgesproken dat tot in elk geval medio maart het oorlogsgebied ook cao-technisch als ‘gevarengebied’ geldt. ‘Het betekent dat opvarenden van schepen onder Nederlandse vlag kunnen zeggen: daar wil ik niet heen’, aldus de Nautilus-woordvoerder. En gaan ze er toch naartoe, dan krijgen ze een oorlogstoeslag. Het is volgens de woordvoerder voor het eerst in decennia dat de protocollen hiervoor worden afgestoft. ‘Bij piraterij, zoals in West-Afrika, zijn ook wel gevarengebieden ingesteld, maar dan zonder een toeslag.’

De Internationale Maritieme Organisatie (IMO) houdt eind deze week (donderdag en vrijdag) een buitengewone vergadering over de impact van de oorlog in Oekraïne op de scheepvaart en op de bemanningsleden in het bijzonder.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement