Op de Gate Belt Bridge gold tot 20 april een verbod voor pocket wagons, treinwagons die worden gebruikt voor het vervoer van opleggers. De brug is een belangrijke schakel in het treinvervoer van Duitsland via Jutland en Zeeland naar Zweden. De reden voor het verbod was een bijna-ongeluk in januari waarbij een aanhanger die niet goed was vastgemaakt nét niet van een rijdende trein viel.

De intermodale trein reed van Høje-Taastrup naar Fredericia. Op dezelfde brug vond twee jaar geleden een dodelijk ongeval plaats waarbij wel delen van een oplegger losraakten en een reizigerstrein werd geraakt.

Het verbod van begin dit jaar raakte bedrijven die veel vracht vervoeren via de Great Belt Bridge, zoals Skanerail en Hupac. Zij hebben allemaal aanzienlijke volumes verloren doordat beschikbare alternatieven niet toereikend genoeg waren. De financiële schade voor intermodale vervoerders naar Scandinavië liep op tot ruim een ​​miljoen euro per week, aldus Akos Ersek, chief policy advisor van de International Union for Road-Rail Combined Transport.

Nieuwe regels

Het verbod heeft plaatsgemaakt voor extra regelgeving. Naar aanleiding van het bijna-ongeluk van januari hebben de Deense autoriteiten gekeken naar tijdelijke maatregelen die het vervoer over de brug direct veiliger moeten maken. Later buigen de autoriteiten zich over maatregelen om ongelukken in de toekomst structureel te voorkomen. Een van de tijdelijke maatregelen is dat het type koppeling dat de opleggers gebruiken, bestand moet zijn tegen verticale krachten van 85 kilonewton of groter.

Voordat een ​​trein mag vertrekken, moet een derde partij beoordelen of het gebruikte type trekhaak geschikt, veilig en voldoende vergrendeld is. Ook moeten opleggers die worden geladen op pocket wagons een brutogewicht hebben van minimaal 14 ton, om hun stabiliteit op de sporen te waarborgen. Daarnaast dienen spoorwegondernemingen voldoende documentatie te overleggen over de wijze waarop de genoemde voorwaarden zijn opgenomen in hun veiligheidsbeheersysteem.

De nieuwe regels komen bovenop de aanbevelingen die al van kracht zijn sinds het dodelijke ongeval van twee jaar geleden: aanbevelingen voor procedures en controles bij het laden van opleggers op terminals. Die geeft terminaloperators de verantwoordelijkheid om scherp toe te zien op naleving van de eisen, waaronder ook de bekwaamheidseisen voor het personeel.

85 kilonewton

Het pakket aan nieuwe maatregelen moet de bestaande problemen in Denemarken verminderen en het goederenverkeer over het spoor gedeeltelijk herstellen, maar heeft wel voor heel wat discussie gezorgd. Zo is nog onduidelijk hoeveel pocket wagons werkelijk geschikt zijn voor het soort haken dat een kracht van 85 kilonewton kan weerstaan. Ook vraagt de sector zich af in hoeverre wagons hiervoor kunnen worden aangepast.

Bedrijven als Skanerail, Samskip en Hupac moeten nu met de nieuwe regels zien te werken. Skanerail, de intermodale dienst tussen het Nederlandse Coevorden en Zweden, heeft sinds begin juli de diensten hervat van de pocket wagons met opleggers. Hetzelfde is het geval bij intermodale operator Hupac.

Samskip

Johan Grootkarzijn, directeur spoor Samskip: ‘De maatregel die de business het zwaarst raakt, is de limitatie dat een trailer inclusief lading minimaal 14 ton moet wegen.’ Een trailer heeft een eigen gewicht van, afhankelijk van het type trailer, tussen de zeven en acht ton. ‘Dat houdt in dat je lading minimaal zes ton moet wegen. Maar zijn veel lichte ladingen die minder dan zes ton wegen en die normaal gesproken wel per spoor vervoerd wordt. Die gaan nu veelal via de weg en de ferry tussen Zuid-Zweden en Noord-Duitsland.’

Zo’n 10% van de goederen die Samskip tussen Zweden en het continent vervoert, maakt nu een shift van spoor naar vrachtwagens, geeft de directeur aan.

De motivatie voor de 14 ton-regel die de Deense autoriteiten hebben ingevoerd, rammelt volgens de sector, zegt Grootkarzijn. ‘Bepaalde onderzoeken van Deense universiteiten hebben aangetoond dat de 14-ton regel uit de lucht gegrepen is. Daar wordt nu verder onderzoek naar gedaan, om aan te tonen dat het een lager tonnage moet zijn.’ Vanuit de sector is volgens Grootkarzijn voorgesteld om 10 ton als tijdelijk minimumgewicht in te voeren; er zijn weinig transporten van minder gewicht.

Ingewikkeld en verstrekkend

De tijdelijke maatregelen zijn zoals gezegd nog maar een eerste stap op weg naar een definitieve nieuwe werkwijze. Volgens de Deense autoriteiten kunnen vervolgstappen pas gezet worden na het voltooien van cruciale procedures, zoals het ontleden van onderzoeksresultaten van de Deense Onderzoeksraad. Deze zijn volgens de autoriteiten van doorslaggevend belang om de aard van het veiligheidsincident in januari in kaart te brengen.

Ook is het volgens de overheid zaak om windmetingen te checken die zijn uitgevoerd door de Deense spoorbeheerder Banedanmark in samenwerking met een Deense Technische Universiteit. De wind kan volgens de autoriteiten een rol in het bijna-ongeluk hebben gespeeld.

De Deense autoriteiten stellen dat de tijdelijke maatregelen er misschien dan wel ingewikkeld en verstrekkend uitzien, maar dat ze de sector in elk geval de gelegenheid bieden om weer aan de slag te gaan en zo te herstellen van de drie maanden durende financiële en operationele storing. De overheid dringt er bij de bedrijven daarom op aan om de maatregelen netjes in acht te nemen.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding