Als eerste onderdeel van de opwaardering van de lijn is plaatsing van een nieuwe bovenleidingspaal op het perron van Hamont, het laatste station voor de Nederlandse grens.

De eerste werken op het terrein omvatten de bouw van een werfinstallatie in Lommel halverwege het traject en het maken van proefsleuven voor kabels en leidingen. In totaal komen er ruim achthonderd nieuwe bovenleidingspalen en tweehonderd kilometer nieuwe kabels.

Bruggen

Later komen er onder meer twee nieuwe wissels in Balen Werkplaatsen (Lommel). Ook komt er 115 meter extra rails in Hamont, met verplaatsing van de huidige wissel richting Neerpelt en aanpassingen aan de leuningen van de zes bruggen.

Spoorwegbeheerder Infrabel zal in Lommel, Neerpelt en Hamont ook drie nieuwe tractieonderstations bouwen, optimaal geïntegreerd in de vrije ruimte langs het spoor. Tractieonderstations zetten hoogspanning om in bruikbare spanning voor het treinverkeer. Vanuit het onderstation loopt de omgezette tractiestroom via de bovenleiding naar de treinen zodat die elektrisch kunnen rijden.

Kosten

Alle werken samen kosten volgens eerdere schattingen ongeveer 47,5 miljoen euro, waarvan 40% wordt gesubsidieerd door Europa. Na afloop ervan kan de NMBS over het volledige traject van Antwerpen tot Hamont elektrische passagierstreinen inzetten. Maar de elektrificatie biedt ook vooruitzichten voor andere operatoren.

Mol-Hamont of lijn 19 is immers een deel van de IJzeren Rijn, de historische en ook de kortste spoorwegverbinding tussen Antwerpen en het Ruhrgebied. De onderhandelingen om de hele IJzeren Rijn te reactiveren slepen al lang aan, ook al omdat er drie landen en twee deelstaten bij betrokken zijn. Maar de volledige elektrificatie van het Belgische deel van het traject is al een grote stap vooruit.