De belangenvereniging bevroeg 235 bedrijven uit de sector transport en logistiek. Daaruit kwam naar voren dat de activiteiten in het wegvervoer met gemiddeld 48,5% zijn verminderd. Hierbij is de omzet op 7 april vergeleken met de gemiddelde omzet van de maanden daarvoor.

Op 18 maart is ook al een inventarisatie gemaakt van de omzetverliezen. Toen kwam de gemiddelde afname uit op 36,3%. In de tussenliggende weken is de omzet dus met twaalf procentpunten verder afgenomen.

Meeste pijn bij kleine vervoerders

De pijn wordt het meest gevoeld door de kleinere vervoerders. De categorie bedrijven met twee tot vijf vrachtwagens zag dat zijn omzet met gemiddeld 58% was teruggelopen op het peilmoment in april.

Bedrijven met één truck kregen een verlies van gemiddeld 50,5% voor de kiezen. Wegtransporteurs die een wagenpark hebben tussen de vijf en de twintig trucks zagen hun verdiensten met gemiddeld 49,8% dalen.

De grotere bedrijven zagen hun omzet ook fors kelderen, maar niet zo hard als hun kleinere collega’s. Vervoerders met meer dan twintig vrachtwagens moesten het doen met gemiddeld ongeveer 36% minder.

Autotransport is het hardst getroffen

Ook is gekeken naar de verschillende deelmarkten. Daaruit blijkt dat het transport van auto’s het zwaarst is geraakt door de corona-ellende. Dat is niet verwonderlijk, aangezien veel voertuigfabrikanten besloten om hun productie tijdelijk stop te zetten. Dit had uiteraard grote gevolgen voor het te vervoeren volume.

Het autovervoer kreeg een daling te verwerken van maar liefst 82%. Harde klappen vielen er ook in het kip-/kippervervoer en het speciaal transport. Het geconditioneerd vervoer, het transport van ADR-goederen en het containervervoer kwamen er nog relatief goed van af, al kregen die deelsectoren te maken met een omzetverlies van nog altijd meer dan 30%.

Een overzicht van de omzetverliezen per deelsegment, waarbij de sectoren met te weinig respondenten, zoals cleaning, buiten beschouwing zijn gelaten (tekst loopt door onder tabel).

Omzetdaling per regio

Febetra heeft zijn peiling uitgevoerd in alle delen van België. Opvallend is dat Wallonië en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest harder zijn getroffen dan Vlaanderen. In Brussel verloren de wegtransporteurs gemiddeld bijna twee derde (65,5%) van hun omzet.

In de twee Waalse provincies met genoeg respondenten, Luik en Henegouwen, waren de verliezen vrijwel net zo groot als in de hoofdstedelijke regio. In Vlaanderen was de pijn iets minder groot, met als ‘beste’ resultaat een gemiddeld verlies van 40,4% in de provincie Antwerpen.

Een overzicht van de omzetverliezen per provincie, waarbij de regio’s met te weinig respondenten, zoals Namen, buiten beschouwing zijn gelaten (tekst loopt door onder tabel).

Werkgelegenheid

De abrupte dalingen hebben uiteraard hun weerslag op de werkgelegenheid. Uit het Febetra-onderzoek komt naar voren dat meer dan een kwart van de vrachtwagenchauffeurs (27%) geen werk heeft.

Uiteraard zijn op het personeelsgebied de gevolgen bij kleine transporteurs het grootst, aangezien bij hen de omzet het hardst is gedaald. Qua deelsegment is het autotransport de sector waarin de meeste chauffeurs geen werk meer hebben.

Uit de enquête blijkt ook dat de chauffeurs die nog wel aan het werk zijn, diverse problemen ervaren door de corona-uitbraak, bijvoorbeeld bij het laden en lossen van hun vracht. Zo melden diverse werkgevers dat hun chauffeurs ‘worden behandeld als een zieke hond’. Daarbij zou sprake zijn van een vijandige houding, waardoor de chauffeur er steeds meer alleen voor lijkt te staan.

Net als in Nederland merken ook Belgische truckbestuurders dat ze op veel plekken geen gebruik mogen maken van de sanitaire voorzieningen. Hierdoor zijn douchen en handen wassen lastig. Daarnaast zijn langs de snelwegen de mogelijkheden beperkt, doordat bijvoorbeeld restaurants en dus ook hun toiletten dicht zijn.

Een ander probleem is het oplopen van de wachttijden. Deze nemen onder meer toe doordat er minder personeelsleden op de laad- en losplekken zijn. Soms moeten de chauffeurs ook wachten op te kleine plaatsten, waardoor het anderhalve meter afstand houden lastig kan worden nageleefd. Febetra voegt er wel aan toe dat de problemen niet overal voorkomen. ‘Er zijn bepaalde plaatsen waar de chauffeur juist meer waardering en respect krijgt’, aldus de belangenorganisatie.

Marges

Vanwege de dalende omzetten bij veel verladers, proberen zij om een korting te krijgen op de transportprijs. Dit blijkt ook uit het onderzoek van Febetra. Volgens de organisatie komt het vragen naar kortingen inderdaad meer en meer voor. ‘Maar het is tot op heden nog geen zorgwekkende trend.’

Onlangs sprak een andere transporteursvereniging, TLV, zich al uit tegen dumpprijzen in het wegvervoer. Volgens hen konden vervoerders in het pre-coronatijdperk de relatief lage tarieven nog wel aan, doordat hun vrachtwagens een hoge beladingsgraad hadden. Echter, in de laatste weken is een groot deel van de terugvrachten voor vervoerders weggevallen, met alle gevolgen van dien voor de beladingsgraad.

Daar komen nog diverse andere kosten bij, zoals wachttijden aan de grens of strengere procedures bij opdrachtgevers. Een faire prijs is daarom noodzakelijk. Het is de TLV dan ook een gruwel dat is besloten om per 1 juli 2020 de kilometerheffing met twee eurocent te verhogen.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement