In een position paper pleit de ECTA ervoor om vanaf 2025 bij stedelijke knooppunten minimaal twee openbare laadstations voor elektrische vrachtwagens beschikbaar te maken, en in 2030 tien van die stations. Verder wil de ECTA dat de EU erop toeziet dat landen voor 2030 het elektriciteitsnet verzwaren en een basisinfrastructuur voor waterstoftankstations bouwen.

Wat wil de ECTA bereiken?

De reden om de ECTA op te zetten, was dat partijen in de markt vorig jaar meenden dat er meer druk nodig was om de verduurzaming van het goederenvervoer in goede banen te leiden. Laadinfrastructuur is een typisch Europees onderwerp, waarbij het belangrijk is dat er EU-breed dingen gebeuren. Voor het gelijke speelveld en de transitie is het goed dat er een internationale club is die zich inzet. Dat is onze drijfveer om te participeren in de ECTA.

Is er een one size fits all-oplossing voor alle EU-landen?

Elke lidstaat heeft zijn eigen tempo in de transitie, maar je hebt alle landen nodig om de verduurzaming tot een goed einde te brengen. Daarom is een standaard vanuit Brussel nodig, een baseline die voor alle landen redelijk en haalbaar is. Vanuit de ECTA hebben we minimale aantallen voor laadpunten genoemd. Het is de vraag of je die aantallen overeind kunt houden, maar het is wel het beginpunt van de discussie.

Zouden we daar in Nederland wat van merken?

Ik hoop en verwacht dat we in Nederland ver over die aantallen heen zullen gaan. In Nederland zijn we zo moedig geweest om in het klimaatakkoord van 2019 een aantal stevige plannen op te nemen om ook vanuit het goederenvervoer bij te dragen aan verduurzaming. We zijn onderweg met de afspraken over zero emissie-stadsbevoorrading en daar staat behoorlijk wat druk op. We hebben hier de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL), waarin voor het laden van trucks in de openbare omgeving en de private omgeving veel aandacht is.

Hoe moet het Europese laad­infra-landschap eruit zien?

Voor de internationale corridors van het TEN-T netwerk moet in laadoplossingen voorzien worden. Dat is bij uitstek een taak voor de EU. Voor die corridors moet je nadrukkelijk ook denken aan tank­infrastructuur voor waterstoftrucks. In de laag daaronder, het landelijke en regionale transport, kun je bij uitstek met elektrische vrachtauto’s aan de slag.

Zonder laadinfra geen elektrische trucks, zonder elektrische voertuigen geen laadinfra. Hoe doorbreek je dat kip-en-ei-probleem?

Dat is ingewikkeld. Een transporteur die een elektrische truck wil aanschaffen, heeft als eerste hindernis dat elektrische voertuigen aanmerkelijk duurder zijn. Maar dat weet je van tevoren en met subsidie kun je de meerkosten voor een deel aftoppen. Het ergste wat die ondernemer kan gebeuren, is dat hij hem vervolgens niet kan opladen. Vandaar dat we er heel erg op gebrand zijn dat de laadinfra niet de blokkade gaat zijn voor de verduurzaming. Daar moeten we alles aan doen.

Wie gaat dat allemaal betalen?

Onze wens is dat alleen wat bovengronds gedaan moet worden, voor rekening komt van de ondernemer. Bijvoorbeeld op een bedrijventerrein. Maar datgene wat onder de grond allemaal moet gebeuren om laadstations aan te sluiten, is een veel complexer verhaal. Dat zien we als een taak voor de overheid. Zeker als het gaat om snelladers voor voertuigen die 24/7 moeten draaien. Je hebt het dan al snel over tonnen aan kosten en het is de vraag of dat redelijkerwijs te pakken is vanuit de businesscase van een ondernemer.

Welke bedragen aan investeringen zijn nodig in Nederland en de EU?

Daar heb ik geen getal bij op dit moment. We proberen nu vanuit de NAL-logistiek wel zicht te krijgen op wat nodig is om het elektriciteits­net geschikt te maken en wat voor de laadvoorziening boven de grond. Als het aan komt op investeringen voor de duurzaamheidstransitie zijn ondernemers vooral in de beginfase sterk afhankelijk van subsidie. Dat geldt voor zowel de laadinfra als voor de trucks zelf, totdat de nieuwe technologie kan concurreren met de traditionele voertuigen.

Moeten laadpalen bij bedrijven ook door de EU afgedwongen worden?

De focus ligt bij publieke laadinfrastructuur. Het zou verder mooi zijn als de EU ook vat kan krijgen op laadpunten bij knooppunten in de regio. De ECTA heeft ook aandacht voor laadinfra bij bedrijven zelf. Ondernemers willen immers niet volledig afhankelijk zijn van publieke voorzieningen, maar ik weet niet of het afdwingen daarvan past binnen de reikwijdte van de EU.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding