Wat doet het model precies?

Het model brengt in kaart wat de stand van zaken is bij een bedrijf op het gebied van intermodaal en synchromodaal transport. We meten meten wat de synchromodaliteit score is bij een bedrijf. Daartoe hebben we zeven onderwerpen gedefinieerd. Die geven de mate van volwassenheid op het gebied van synchromodaal transport aan. Het rapport geeft een benchmark om te zien hoe een organisatie presteert vergeleken met andere bedrijven van hetzelfde type. In onze database hebben we nu zo’n 75 bedrijven zitten, zoals verladers en logistieke dienstverleners.

Waar let je dan op?

We kijken bijvoorbeeld naar hoe ze hun transportplanning maken, in hoeverre informatie vooruit wordt gedeeld of alleen op het laatste moment. In hoeverre intermodaal transport al wordt ingezet, of standaard een truck. We bekijken de relatie en duurzame samenwerkingen met andere partijen. Hoe wordt de prijs afgestemd? Is dat per modaliteit of integraal voor een traject? Heeft de logistiek dienstverlener vrijheid om modaliteit te kiezen voor het achterlandtransport?

Je kijkt dus naar in hoeverre synchromodaal transport al is ingeburgerd in een organisatie. Wat is er nu vernieuwd?

De eerste variant hebben we gelanceerd in 2018. We zijn samen met studenten naar bedrijven gegaan om synchromodaliteit in kaart te brengen en het model verder te valideren. Dat model is nu meer gestandaardiseerd om verder te kunnen opschalen. We hebben een online vragenlijst opgesteld met daarachter een database met berekeningen en formules om het proces zoveel mogelijk te automatiseren.

Hoe scoren de onderzochte bedrijven tot dusver?

Wisselend. Over het algemeen kun je concluderen dat synchromodaal transport nog niet veel wordt gedaan. Dat heeft ook te maken met de benodigde frequentie van intermodale diensten om het aantrekkelijk te maken. Dat is vaak een beperkende factor, omdat bijvoorbeeld een terminal ver weg is of een dienst niet vaak genoeg gaat. Die randvoorwaarden moeten er wel zijn uiteraard. Maar we zien ook wel bedrijven die er al vergevorderd in zijn. In Nederland ligt er in verhouding minder spoor dan bij onze zuiderburen. Dat zie je direct terugkomen in de verhouding van gebruikte modaliteiten. Hier wordt meer binnenvaart ingezet.

Zie je in de scores nog verschillen tussen logistieke dienstverleners en verladers?

We maken een score per onderwerp. Je ziet dat logistieke dienstverleners vaak hoog scoren op het onderdeel planning. Dat is op zich logisch, want het is een groot gedeelte van hun vak. Verladers scoren vaak weer hoog op het meten van KPI’s. Hij wil daarmee het gevoel van controle hebben op de logistiek dienstverlener en geven aan dat betrouwbaarheid minstens zo belangrijk is als de prijs van transport. We zien dat partijen met bulkcontainers het meest ontwikkeld zijn. Die werken met eigen containers, waardoor hun planning al behoorlijk geavanceerd is.

Wat wordt er vervolgens met de scores gedaan?

Als studenten de interviews afgerond hebben, maken we een rapport, inclusief een roadmap met adviezen hoe de bedrijven op elk vlak een niveau hoger kunnen komen. De score loopt op van 1 tot en met 5, dus ad-hoc intermodaal, structureel intermodaal, synchromodaal, realtime synchromodaal en extensief synchromodaal.

Om wat voor adviezen gaat het?

Je ziet dat een verlader die op niveau 2 zit vaak de modaliteit bepaalt, hij wil bijvoorbeeld transport per trein op een bepaalde tijd. Om een niveau hoger te komen geef je de logistieke dienstverlener meer vrijheid en laat je alleen de uiterlijke ETA weten voor een container, zonder specificatie voor een bepaalde modaliteit. Op niveau 4 en 5 van het model heb je een horizontale samenwerking nodig tussen meerdere logistiek dienstverleners die inzichtelijk maken hoeveel capaciteit iedereen nodig heeft. Dan kun je sneller schakelen, zelfs realtime in het ideale geval. Maar om die data te delen is vertrouwen essentieel.

Vertrouwen de bedrijven elkaar niet genoeg?

Je zou het liefste willen dat een regisseur het overzicht heeft van het hele netwerk, dus alle opdrachten en capaciteit. Maar je hebt ook transporteurs die een vaste relatie hebben met verladers. Zij vinden het lastig om data te delen, omdat ze bang zijn dat de verlader straks rechtstreeks naar de regisseur toe gaat. Er zijn veel verschillende rollen, ook bijvoorbeeld door tussenpersonen en expediteurs. Dat maakt het complex en dus is vertrouwen lastig

Wat heeft het project nu al concreet opgeleverd?

Meer bewustwording bij bedrijven. Synchromodaliteit is een groeipad. We helpen bedrijven met het zetten van de stappen in dat proces. We zien dat bedrijven die nu al erg multimodaal werken en data delen, de laatste stappen het makkelijkst kunnen zetten. Want real time veranderingen in de planning maken over de keten heen, dat komt nog niet veel voor.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding