Dat blijkt uit een onderzoek van Eurostat, het Europese bureau voor de statistiek in Luxemburg, in negen EU-landen. Het binnenlandse goederenvervoer per spoor ging in de jaren negentig achteruit in België (min 3,23 procent) en Duitsland (min 3,01 procent). Het internationale railvervoer nam over het algemeen toe. De percentages lopen uiteen, van 1,76 procent per jaar in Italië tot 9,54 procent in Portugal.

Daling
Uit het rapport valt af te leiden dat de spoorwegen één van de belangrijkste vervoermiddelen zijn voor machines. Maar ook het containertransport per rail blijkt vaak te kunnen concurreren met het wegvervoer.
Het nationale railtransport uitgedrukt in tonnen per kilometer daalde met drie tot zes procent per jaar in België, Duitsland en ons land. In het internationale railvervoer noteerden vier landen een stijging en twee landen (België en Griekenland) een daling.

Per jaar steeg het bruto nationaal product in de vijftien EU-landen met 1,9 procent gemiddeld in de periode 1990-1997. Het wegtransport steeg, van 1990 tot en met 1996, gemiddeld met 3,4 procent. van 1990-96.
Uit andere gegevens blijkt dat de spoorwegen in 1990 ongeveer twintig procent vervoerden van alle binnenlandse vracht (weg, spoor en binnenvaart samen) en dat dit percentage in 1996 was gedaald tot onder de vijftien procent.

In Duitsland steeg het binnenlandse railvervoer jaarlijks met vijf procent, het internationale in dat land nam toe met met veertien procent. In Frankrijk waren de overeenkomstige stijgingen negen procent en tien procent. Deze twee landen nemen samen zo’n zeventig procent van het railvolume voor hun rekening in de negen onderzochte landen.