‘Hogere betrouwbaarheid door vrachten te bundelen’

Joint Corridors

‘Parkeer even die prijsdiscussie. Het gaat steeds maar over prijs, maar we hebben gezien hoe elastisch die prijs is als je bijvoorbeeld kijkt naar de oorlog in ­Oekraïne. Beschikbaarheid, dát is de essentie’, aldus Frans van den Boomen van Topsector Logistiek, ondersteuningsorganisatie voor het bedrijfsleven.

Frans van den Boomen, adviseur Dominique Vercauteren (Haven van Antwerpen) en Fred Compeer van logistiek bedrijf Lineage bespraken het thema ‘Joint Corridors’ tijdens het NT-evenement Multimodaal Transport Expo met René Quist, hoofdredacteur van Schuttevaer.

Welke prijs je ook in rekening brengt, als je de goederen niet op de juiste tijd op de juiste plek krijgt, hou je toch ontevreden klanten over, zo betoogde Van den Boomen. ‘Daarom werken wij sterk vanuit die beschikbaarheid. Een betrouwbare corridor die frequent is, met een werkbare doorlooptijd. Dat kan je doen door goederen te bundelen, maar ook door kennis van de verlader te gebruiken. Uiteindelijk voeg je ondernemerschap bij elkaar: kennis en ervaring die mensen hebben’, aldus Van den Boomen. Samenwerking is het sleutelwoord, zei hij.

Wegtransport moet als het aan Van den Boomen ligt niet altijd meer de eerste, snelle keus zijn. ‘Ik merk bij bedrijven dat ze af willen van die hijgerigheid en perversiteit waarbij het altijd maar direct en snel moet. Bedrijven zien dat ze meer baat hebben bij een heel betrouwbare keten.’

Hij noemt de West-Brabant-corridor als voorbeeld. ‘Daar zijn we achterlandterminals gaan bundelen, waardoor we een betrouwbare dienstverlening kunnen leveren in de zeehavens. Dat soort lessen willen we graag delen met andere bedrijven.’

Opschalen

Om het goed te kunnen doen en competitief te kunnen zijn met het wegtransport, moeten andere modaliteiten behalve betrouwbaar ook voldoende frequent zijn, stelt Van den Boomen. ‘Eén afvaart in de week of één vertrek met een trein in de week is geen afvaart en is geen trein, zo wordt wel eens gezegd. Dus je moet al met twee à drie keer in de week beginnen en het liefst opschalen naar een dagelijkse verbinding.’

Als het gaat om intermodaal vervoer in zogenoemde Joint Corridors is Lineage/Kloosterboer een koploper. Voor het bedrijf begon het allemaal met de vraag van klant McCain Foods, gespecialiseerd in diepvriesproducten op basis van aardappelen. Het frietbedrijf was op zoek naar een duurzamere modaliteit dan de truck, en de binnenvaart bleek een goed alternatief. Lineage vervoert via de binnenvaart nu producten van de frietfabriek in Lewedorp naar de opslag in Lelystad. Vanuit daar worden weer producten naar de havens van Rotterdam en Antwerpen vervoerd. Lineage verplaatste voor McCain tachtig containers per week van de weg naar het water.

Omdat friet minder makkelijk bederft, vroeg gespreksleider Quist of de druk om dat product snel ergens te krijgen niet gewoon lager is. ‘Uiteindelijk is de corridor relatief simpel. Er zit geen tijdsdruk van closings op of iets dergelijks. Maar aan de andere kant vervoeren wij ook het exportproduct terug, waar we wel met de closings zitten in Antwerpen en Rotterdam’, reageerde Compeer.

Hij benadrukte het belang van samenwerking en het meenemen van partijen voor een succesvolle corridor. ‘Wij doen het niet alleen. We zijn gaan samenwerken met CTU, de binnenlandterminal in Lelystad, om het volume te bundelen. En wij hebben vanaf het begin de rederijen meegenomen. Wij hebben het ook hun product gemaakt. Dus als een boot vertraagt, hebben wij de directe lijn met de rederij en weten wij wanneer wij moeten aanleveren op de terminal. Dit maakt wat wij aanbieden betrouwbaarder. Ook zijn de rederijen bereid om de containers op locatie neer te zetten. Als je alle partijen meeneemt, staat iedereen achter dit product. En hoewel iedereen zegt dat de rederijen klauwen vol met geld verdienen, hebben we ze ook nodig om alles logistiek efficiënt te laten verlopen.’

Moeilijk gesprek

Wel vroeg Quist zich af of die samenwerking met de rederijen voor kleinere klanten net zo vanzelfsprekend is als voor Lineage. ‘Je merkt dat rederijen de laatste jaren actiever zijn naar verladers toe. En het landschap is wat veranderd. Rederijen zijn het laatste jaar tijdens corona wat dominanter en selectiever naar hun klanten geworden. Het is een moeilijk gesprek als kleine verlader’, beaamde Vercauteren.

‘De binnenvaart staat niet altijd op één’, merkte Quist op. ‘Hoe kun je er dan toch voor zorgen dat die corridors wel blijven draaien als er een groot zeeschip binnenkomt?’ Het aandeel in Antwerpen voor binnenvaart is groot, reageerde Vercauteren: 37% van de goederen die de haven uit het achterland ontvangt, komt via de binnenvaart.

Desondanks merkt ze dat er nog veel wachttijd is in de haven. Vercauteren ziet in dat multimodale Joint Corridors zouden kunnen helpen om goederen tijdiger te verwerken. ‘Al die gefragmenteerde volumes van al die binnenvaartschepen die naar zo’n containerterminal willen, dat is gewoon te veel. Iedereen wil in de haven zijn wanneer de zeeschepen aankomen. Dat zet extra druk op de havencapaciteit. Daarom willen wij ook echt wel die push geven voor het opzetten van corridors in het achterland zodat die volumes gebundeld kunnen worden. Zo hopen wij dat het vervoer betrouwbaarder kan worden voor de verladers, voor de klanten van onze haven’, aldus Vercauteren.

Wel denkt zij zich dat dit nog niet voor álle partijen de meest logische stap is. ‘Concurrenten die eerst vochten om een verlader, moeten ineens samenwerken.’

Om zulke samenwerking toch te stimuleren, is het havenbedrijf recent met de Vlaamse overheid een programma opgestart en heeft het havenbedrijf de goedkeuring vanuit Europa gekregen om hiervoor budget vrij te maken. ‘We willen partijen steunen om op hun corridor een nieuwe gezamenlijke dienst op te zetten’, aldus Vercauteren. Het havenbedrijf is momenteel bezig met het selecteren van de projecten. Het programma loopt vier jaar.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement

‘Hogere betrouwbaarheid door vrachten te bundelen’ | NT

‘Hogere betrouwbaarheid door vrachten te bundelen’

Joint Corridors

‘Parkeer even die prijsdiscussie. Het gaat steeds maar over prijs, maar we hebben gezien hoe elastisch die prijs is als je bijvoorbeeld kijkt naar de oorlog in ­Oekraïne. Beschikbaarheid, dát is de essentie’, aldus Frans van den Boomen van Topsector Logistiek, ondersteuningsorganisatie voor het bedrijfsleven.

Frans van den Boomen, adviseur Dominique Vercauteren (Haven van Antwerpen) en Fred Compeer van logistiek bedrijf Lineage bespraken het thema ‘Joint Corridors’ tijdens het NT-evenement Multimodaal Transport Expo met René Quist, hoofdredacteur van Schuttevaer.

Welke prijs je ook in rekening brengt, als je de goederen niet op de juiste tijd op de juiste plek krijgt, hou je toch ontevreden klanten over, zo betoogde Van den Boomen. ‘Daarom werken wij sterk vanuit die beschikbaarheid. Een betrouwbare corridor die frequent is, met een werkbare doorlooptijd. Dat kan je doen door goederen te bundelen, maar ook door kennis van de verlader te gebruiken. Uiteindelijk voeg je ondernemerschap bij elkaar: kennis en ervaring die mensen hebben’, aldus Van den Boomen. Samenwerking is het sleutelwoord, zei hij.

Wegtransport moet als het aan Van den Boomen ligt niet altijd meer de eerste, snelle keus zijn. ‘Ik merk bij bedrijven dat ze af willen van die hijgerigheid en perversiteit waarbij het altijd maar direct en snel moet. Bedrijven zien dat ze meer baat hebben bij een heel betrouwbare keten.’

Hij noemt de West-Brabant-corridor als voorbeeld. ‘Daar zijn we achterlandterminals gaan bundelen, waardoor we een betrouwbare dienstverlening kunnen leveren in de zeehavens. Dat soort lessen willen we graag delen met andere bedrijven.’

Opschalen

Om het goed te kunnen doen en competitief te kunnen zijn met het wegtransport, moeten andere modaliteiten behalve betrouwbaar ook voldoende frequent zijn, stelt Van den Boomen. ‘Eén afvaart in de week of één vertrek met een trein in de week is geen afvaart en is geen trein, zo wordt wel eens gezegd. Dus je moet al met twee à drie keer in de week beginnen en het liefst opschalen naar een dagelijkse verbinding.’

Als het gaat om intermodaal vervoer in zogenoemde Joint Corridors is Lineage/Kloosterboer een koploper. Voor het bedrijf begon het allemaal met de vraag van klant McCain Foods, gespecialiseerd in diepvriesproducten op basis van aardappelen. Het frietbedrijf was op zoek naar een duurzamere modaliteit dan de truck, en de binnenvaart bleek een goed alternatief. Lineage vervoert via de binnenvaart nu producten van de frietfabriek in Lewedorp naar de opslag in Lelystad. Vanuit daar worden weer producten naar de havens van Rotterdam en Antwerpen vervoerd. Lineage verplaatste voor McCain tachtig containers per week van de weg naar het water.

Omdat friet minder makkelijk bederft, vroeg gespreksleider Quist of de druk om dat product snel ergens te krijgen niet gewoon lager is. ‘Uiteindelijk is de corridor relatief simpel. Er zit geen tijdsdruk van closings op of iets dergelijks. Maar aan de andere kant vervoeren wij ook het exportproduct terug, waar we wel met de closings zitten in Antwerpen en Rotterdam’, reageerde Compeer.

Hij benadrukte het belang van samenwerking en het meenemen van partijen voor een succesvolle corridor. ‘Wij doen het niet alleen. We zijn gaan samenwerken met CTU, de binnenlandterminal in Lelystad, om het volume te bundelen. En wij hebben vanaf het begin de rederijen meegenomen. Wij hebben het ook hun product gemaakt. Dus als een boot vertraagt, hebben wij de directe lijn met de rederij en weten wij wanneer wij moeten aanleveren op de terminal. Dit maakt wat wij aanbieden betrouwbaarder. Ook zijn de rederijen bereid om de containers op locatie neer te zetten. Als je alle partijen meeneemt, staat iedereen achter dit product. En hoewel iedereen zegt dat de rederijen klauwen vol met geld verdienen, hebben we ze ook nodig om alles logistiek efficiënt te laten verlopen.’

Moeilijk gesprek

Wel vroeg Quist zich af of die samenwerking met de rederijen voor kleinere klanten net zo vanzelfsprekend is als voor Lineage. ‘Je merkt dat rederijen de laatste jaren actiever zijn naar verladers toe. En het landschap is wat veranderd. Rederijen zijn het laatste jaar tijdens corona wat dominanter en selectiever naar hun klanten geworden. Het is een moeilijk gesprek als kleine verlader’, beaamde Vercauteren.

‘De binnenvaart staat niet altijd op één’, merkte Quist op. ‘Hoe kun je er dan toch voor zorgen dat die corridors wel blijven draaien als er een groot zeeschip binnenkomt?’ Het aandeel in Antwerpen voor binnenvaart is groot, reageerde Vercauteren: 37% van de goederen die de haven uit het achterland ontvangt, komt via de binnenvaart.

Desondanks merkt ze dat er nog veel wachttijd is in de haven. Vercauteren ziet in dat multimodale Joint Corridors zouden kunnen helpen om goederen tijdiger te verwerken. ‘Al die gefragmenteerde volumes van al die binnenvaartschepen die naar zo’n containerterminal willen, dat is gewoon te veel. Iedereen wil in de haven zijn wanneer de zeeschepen aankomen. Dat zet extra druk op de havencapaciteit. Daarom willen wij ook echt wel die push geven voor het opzetten van corridors in het achterland zodat die volumes gebundeld kunnen worden. Zo hopen wij dat het vervoer betrouwbaarder kan worden voor de verladers, voor de klanten van onze haven’, aldus Vercauteren.

Wel denkt zij zich dat dit nog niet voor álle partijen de meest logische stap is. ‘Concurrenten die eerst vochten om een verlader, moeten ineens samenwerken.’

Om zulke samenwerking toch te stimuleren, is het havenbedrijf recent met de Vlaamse overheid een programma opgestart en heeft het havenbedrijf de goedkeuring vanuit Europa gekregen om hiervoor budget vrij te maken. ‘We willen partijen steunen om op hun corridor een nieuwe gezamenlijke dienst op te zetten’, aldus Vercauteren. Het havenbedrijf is momenteel bezig met het selecteren van de projecten. Het programma loopt vier jaar.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement