In het plan wordt geschetst dat indien er niet wordt ingegrepen de totale hoeveelheid goederenvervoer in 2040 met 26% zal zijn toegenomen ten opzichte van 2015, met een aandeel van 76% voor het wegvervoer. Dit is volgens de regering niet alleen slecht voor het klimaat, maar ook voor de hoeveelheid verkeersopstoppingen en de verkeersveiligheid. Het nieuwe actieplan moet ervoor zorgen dat juist het volume van het spoorvervoer een verdubbeling gaat doormaken.

‘Het Plan voor het Goederenvervoer dat de regering vandaag goedgekeurde, is het resultaat is van constructieve besprekingen met de economische wereld en vooral met de logistieke spelers. We beschikken we nu over een nauwkeurig stappenplan om onze ambitieuze doelstelling, namelijk een verdubbeling van het goederenvervoer per spoor tegen 2030, waar te maken’, zegt  Georges Gilkinet, de Belgische minister van Mobiliteit hierover.

Snelheidsbeperkingen

In het plan benoemt de regering onder andere dat de Belgische spoorbeheerder te veel aandacht heeft besteed aan het verlengen van de levensduur van de infrastructuur, wat voor duur onderhoud en veel verstoringen heeft gezorgd.

De Belgische overheid spoort de spoorbeheerder daarom aan te komen met een duidelijk beleid dat met alle partijen wordt gedeeld, waarbij er meer balans is tussen onderhoud en vernieuwing van het spoor. Ook moeten interventies aan het spoor meer op de lange termijn worden gepland. Daarnaast realiseert de Belgische politiek zich ook dat zij dan ‘voor stabiele financieringsbronnen’ moet zorgen. De Belgen stellen alle snelheidsbeperkingen die er nu zijn als gevolg van de slechte staat van het spoor in 2027 opgeheven te willen hebben.

Ook wil de regering een langetermijn visie gaan ontwikkelen voor het gebruik van de infrastructuur voor het goederenvervoer. Waar bij het personenvervoer al lang van te voren treinpaden worden gereserveerd, is dat voor het goederenvervoer niet het geval. Dit komt de kwaliteit voor het goederenvervoer niet ten goede.

Eén tarief

Door meer harmonisatie van de beschikbare treinrijpaden, zouden klanten hun treinen sneller en soepeler kunnen samenstellen. Ook wordt nadruk gelegd op betere uitwisseling van gegevens over de beschikbaarheid van sporen tussen de spoorbeheerder en de sector, zoals spoorwegexploitanten.

Daarnaast wil de overheid een nieuwe manier van beheer voor het Antwerpse rangeerterrein voor verspreid vervoer, de trieerheuvel. Het moet mogelijk worden om alle operators in staat te stellen dit terrein te gebruiken tegen één transparant tarief. Hiermee kunnen de kosten worden beperkt en verwacht men opstoppingen te kunnen verminderen die veroorzaakt zouden worden door de huidige onderbezetting van de trieerheuvel.

Ook moet anders omgegaan worden met ongebruikt goederenspoor. Op dit moment kan in overleg met de eigenaar van een spoorlijn besloten worden tot ontmanteling. Hoewel dit op de korte termijn zorgt voor lagere kosten, kan deze beslissing op de langere termijn negatief uitvallen. Daarom wordt er een extra stap toegevoegd aan dit proces, waarbij Infrabel eerst om goedkeuring moet vragen bij de voogdijminister. Dit geeft de mogelijkheid om de hervatting van een oude spoorlijn bij de lokale overheid te promoten.

Uitwijksporen

Een ander punt van aandacht in het plan is het kunnen rijden met treinen van 740 meter. De regering stelt dat het mogelijk is om met treinen van 740 meter te rijden, maar wel moeilijk als het druk is op het spoor omdat het land niet over voldoende uitwijksporen beschikt. Deze behoefte moet opgenomen worden in het beheerscontract tussen spoorbeheerder Infrabel en de overheid. Ook moet Infrabel de middelen krijgen om de extra uitwijksporen te realiseren.

Daarnaast wil België er bij de Europese Commissie op aan dringen dat andere landen die aan dezelfde goederencorridors liggen als België ook de aanpassingen aan de corridors verrichten die nodig zijn om treinen van 740 meter te kunnen garanderen. Als deze landen dit niet doen, worden de vervoersmogelijkheden op deze corridors immers alsnog beperkt.

Eén taal

Ditzelfde geldt voor de ontwikkeling van het internationale beveiligingssysteem ERTMS. De overheid verwacht daarom van Infrabel dat zij streven naar harmonisatie met andere Europese landen en hierover met buurlanden in overleg treden. Ook dit moet toegevoegd worden aan het Belgische beheersplan. Daarnaast moeten er ‘voldoende financiële middelen’ vrijgemaakt worden.

En dit zijn niet de enige punten waarover België met de Europese Commissie in overleg wil treden. Zo wil het land zich hard maken voor het gebruik van één taal voor het Europese goederenvervoer per spoor.

‘Wij gaan op Europees niveau actie ondernemen om te proberen een aantal bepalingen die het internationale goederenvervoer per spoor belemmeren, weg te nemen, zoals bijvoorbeeld het ontbreken van één taal voor het Europese goederenvervoer per spoor. Tot nu toe moeten treinbestuurders nog steeds de taal beheersen van alle landen waarin zij actief zijn’, aldus Gilkinet over dit onderwerp.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement