Op alle grote rivieren behalve de Maas heeft de scheepvaart last van verminderde vaardiepte doordat de waterstand steeds verder zakt. Schepen kunnen daardoor minder lading meenemen. Daardoor varen er meer schepen om dezelfde hoeveelheid goederen te kunnen vervoeren. Rijkswaterstaat constateert dat het behoorlijk veel drukker is op Waal, Rijn en IJssel. Als het te druk wordt, terwijl de waterstand niet stijgt, kunnen meer passeer- en inhaalverboden worden ingesteld.

De binnenvaart heeft naast ondiepere vaargeulen ook te kampen met lange wachttijden onderweg. Dat komt omdat er bij sluizen beperkt wordt geschut om water te besparen. Schepen door sluizen laten varen kost veel water en er is door de droogte een watertekort.

De grote sluis in het Maas-Waalkanaal bij Nijmegen, de verbinding tussen Maas en Waal, is sinds vorige week gesloten wegens de lage waterstanden. Dat betekent een lange omweg voor de beroepsvaart. Bij het sluizencomplex bij Grave, deel van de omleiding, ligt nu dagelijks zo’n lange rij schepen te wachten dat schippers gebeld worden als ze aan de beurt zijn voor het schutten.