Het grote pluspunt van de eerste maanden is volgens de luchtvrachtpionier dat de techniek heel goed blijkt te werken. “Ons enthousiasme heeft er dan ook zeker niet onder geleden. Het digitaal boeken heeft de toekomst. De groei komt er. Ik heb hetzelfde meegemaakt ruim dertig jaar geleden toen UPS op Schiphol met zijn eerste expresdiensten begon. In de eerste luchtvrachtcontainers zat tot mijn grote verbazing niets. Eerst na drie maanden hadden wij de eerste pakjes. Nu is het expresvervoer in de luchtvaart in handen van de grote koeriers en weten wij niet beter. Het is dan ook een kwestie van volhouden. De grote getallen komen.”

Parramore maakt voor zijn webwinkel voor luchtvrachtverladers gebruik van de internationale vrachtdiensten van vijf luchtvaartmaatschappijen, waaronder partijen als Lufthansa en KLM. Daar komen binnenkort nog twee aanbieders bij, zegt hij. Die steun is volgens hem van groot belang. “Ofschoon nog veel luchtvrachtvervoerders de kat uit de boom kijken, is er sprake van een geleidelijke groei en dat maakt de boekingsportal als afzetkanaal van luchtvrachtcapaciteit interessant voor de airlines.” Meer volume betekent bijvoorbeeld dat Aircargoshop nog lagere tarieven kan bedingen bij de inkoop. Nu al claimt Parramore 50% goedkoper te kunnen werken dan de traditionele expediteur.

Vooral kleine en jonge bedrijven lijken volgens Parramore het digitale boeken te omarmen. “Die kunnen de overstap natuurlijk veel sneller maken dan grote partijen. Vracht boeken via internet vergt een andere manier van werken en denken. De jonge generatie heeft daar veel minder moeite mee. Binnen een kleine organisatie is het ook veel makkelijker om die overstap te maken dan bij een grote complexe organisatie.”

Bij de grote verladers, die juist de afgelopen jaren hard riepen om een digitale boekingsite, gaat het allemaal wat langzamer, constateert Parramore. “Dat is ook een natuurlijk proces. Veel grote partijen wachten nog af. Daarnaast moeten binnen de grote concerns beslissingen over verschillende schijven worden genomen en zijn er veel afdelingen bij betrokken. De hoofdkantoren zitten ook vaak in het buitenland, waardoor zaken natuurlijk wat trager verlopen. Ik zeg dan ook vaak: hoe groter het bedrijf, hoe langzamer het digitaliseren van de inkoop verloopt, maar wij staan aan de vooravond van een revolutie. Het is een groot leerproces. Ik verwacht dat over drie tot vijf jaar de markt pas echt om is, maar dan gaat het ook heel snel. Geduld is dan een schone zaak.”

Bulk
Parramore mikt voor dit jaar op een bescheiden aantal van 5.000 tot 10.000 boekingen. “Dat is onze ambitie. Wij willen eerst dat topje van de ijsberg veroveren. De bulk volgt dan uiteindelijk wel. Vooral nu de markt zoekt naar meer efficiëntie, lagere kosten en meer controle.” Daarnaast hoopt hij binnenkort de eerste grote partij aan de haak te slaan. “Het is een beetje het verhaal van: als er een schaap over de dam is, volgen er meer.”

De trage acceptatie van de nieuwe elektronica en boekingsmethoden voor luchtvracht staat volgens de luchtvrachtpionier ook niet op zichzelf. “Het is eerder een maatschappelijk fenomeen, analyseert hij. Uit een recent onderzoek blijkt dat 90% van de mensen tussen de leeftijd van 12 en 44 jaar gebruikmaakt van internet, maar in de leeftijdgroep van 44 jaar tot 65 daalt dat percentage al heel snel naar 40%. “Je moet het wat tijd geven.”

Expeditie
Parramore verwacht dat veel expediteurs ook snel het boekingsproces zullen digitaliseren. “De opmars van de elektronische luchtvrachtbrief in de sector maakt de weg vrij voor het digitaal boeken. Nu zitten veel grote expediteurs nog met verschillende computersystemen te werken van bedrijven die ze ooit in een ver verleden hebben overgenomen. Dat is nog een handicap, maar ook die systemen zullen binnenkort worden vervangen door uniforme systemen”, verwacht hij. Hoop put Parramore verder uit de vele verzoeken uit het buitenland die hij krijgt om ook daar het elektronisch boeken van luchtvrachtzendingen mogelijk te maken. De verzoeken komen onder meer uit België en Zwitserland, terwijl in Duitsland een test wordt uitgevoerd.

Parramore: “Het is voor ons geen verdere investering in de techniek om ook buiten Nederland actief te worden met de site. De server staat in Amsterdam en kan ook de buitenlandse partijen makkelijk bedienen. Wat wij moeten doen, is een stuk grondvervoer organiseren in de desbetreffende landen. Dat moet zo laagdrempelig mogelijk gebeuren en vergt nog wel enige tijd”, zegt hij. Ook krijgt hij verzoeken om een digitaal netwerk op te zetten voor importzendingen. Voorlopig is dat technisch nog toekomstmuziek, aldus Parramore.