Lisette van Herk, directeur van Sectorinstituut Transport en Logistiek, verrichte de opening samen met André Kuipers: ‘Er verandert voortdurend van alles. Mijn vader was vrachtwagenchauffeur en hij was erg trots op zijn werk. De vrachtwagens van toen zijn niet meer zoals die van nu. Ook het laden en lossen gaat steeds minder handmatig, de communicatie is nu totaal anders. Die veranderingen zijn belangrijk om bij te houden als chauffeur, daarom hebben wij de ‘Kamer van de Toekomst’ geopend, een website waarop iedereen kan zien hoe het beroep van vrachtwagenchauffeur er uitzag, uitziet en uit kan gaan zien.’

Autonoom rijden

Het is volgens Van Herk vrijwel zeker dat chauffeurs in de komende jaren gewild zullen zijn, ook al wordt er steeds meer autonoom gereden. ‘De komende tien jaar blijven chauffeurs echt nog nodig, zeker voor het laden en lossen en vastzetten van de vracht. Daarnaast blijven ze nodig om in te kunnen grijpen, bijvoorbeeld als een eekhoorntje de weg op komt en de vrachtwagen remt. Die stuurt dan niet zelf bij, dat moet een chauffeur doen. Bovendien zal de introductie van autonoom rijden niet zo’n snelle vlucht nemen als die van de elektrische auto’s.’

De boodschap die STL uit wil dragen met de ‘Kamer van de Toekomst’ is ‘stel je open voor nieuwe dingen’. ‘Chauffeurs met vragen, kunnen ons bellen’, legt Schoneveld uit. ‘Als iemand belt en zegt dat hij of zij het al 30 jaar lang zo doet, dan leggen wij uit hoe het ook anders en gemakkelijker kan. Iemand van 51 gaat nog minstens 16 jaar mee, wij kunnen diegene kosteloze trainingen en loopbaanadviezen aanbieden, het O&O-fonds van de gelijknamige Stichting Opleidings- en Ontwikkelingsfonds Beroepsgoederenvervoer betaalt dat. De doelstelling is ook om de opleiding en ontwikkeling in onze sector te vergroten. We willen chauffeurs bewustmaken van de veranderingen in onze branche en dat vraagt om mee te bewegen. De chauffeur van de toekomst is de piloot van de weg, je voegt het menselijke vernuft toe aan het systeem.’

Ruimtevaart

De technologische ontwikkelingen zijn zowel in de ruimtevaart als in het transport hard gegaan. André Kuipers: ‘Vroeger navigeerden automobilisten met behulp van kaarten, nu gaat dat via een satelliet in de ruimte. Bij transport is planning belangrijk, dat geldt ook voor ruimtereizen. We stuurden een verkenner naar Pluto, dat is vijf miljard kilometer en daar doe je elf jaar over. Dat moesten we precies uitrekenen, want de verkenner moest precies tussen Pluto en zijn kleine maantjes door vliegen en dat is gelukt. Dat vraagt flink wat planning, elf jaar vooruit. Daardoor hebben we wel veel betere foto’s van Pluto. We hebben foto’s van het ontstaan van kometen, dat komt doordat we wat we ruim elf jaar eerder aan innovatieve ontwikkelingen deden. We stuurden een Europees ruimteschip ernaartoe, met Nederlandse technologie, die een selfie bij de komeet maakte.’

‘Zonnepanelen zijn ook voor de ruimtevaart bedacht, dat is de energievoorziening voor het ruimtestation. Draagraketten zijn de vrachtwagens voor het ruimtestation. Dat wordt vanaf de aarde gestuurd en komt bij het ruimtestation aan. Ze zijn net zo groot als een dubbeldekker bus, dus je moet voorzichtig zijn. Het koppelen moet heel rustig gebeuren, want je wilt geen botsing. Raketjes sturen bij en heel langzaam komt dat naar je toe. Langzaam klikt en koppelt het vast en dan kun je er in. Daar zit de nieuwe voorraad in en je laadt afval er weer in. Dit verbrand op de terugreis in de dampkring. Sommigen hebben echter een hitteschild en die landden weer keurig op aarde. Dat is voor proefjes en andere dingen die onderzocht moeten worden. Vrachtvervoer naar de ruimte is heel gewoon, daar heb je speciale bedrijven voor.’

Rode plekken

Verzakkingen en verschuivingen en daardoor verzwakking van dijken en wegen, is zichtbaar door satellieten vanuit de ruimte. ‘Hier zie je die rode plekken’, wijst Kuipers aan. ‘Dan weet je dat er iets aan de hand is en kun je ter plekke gaan kijken. Dat voorkomt dat het helemaal misgaat en een dijk instort, maar daardoor hoeven we ook niet steeds weer alle dijken te controleren. Het scheelt dus werk. Als een bedrijf ergens wil gaan bouwen of via een route wil rijden, kan die controleren of er problemen zijn te verwachten door een verzakking. De informatie vanaf de satelliet helpt ook om betere scheepvaartroutes te plannen en naar zeestromingen te kijken.’

‘De satellieten zelf ontwikkelen we steeds verder. Voordat een satelliet de ruimte in gaat, is die eigenlijk alweer oud omdat we het zoveel testen. Je hebt met grote temperatuurverschillen te maken; 150 C in de zon, – 150 C in de schaduw, met trillingen, versnellingskrachten, vacuüm, verhoogde radioactiviteit. Dat maakt het moeilijk om te maken, want alles moet werken. Als er iets tegen je raam vliegt, kun je niet even naar de Car Glass. Dat moet je zelf kunnen maken. Er zijn veel dingen zijn ontwikkeld voor de ruimte, maar die zien we nu in ons dagelijks leven terug, zoals de Nike Air is gebaseerd op de schoenen van de Apollo astronauten. De kruimeldief werd ontwikkeld om maanstof uit de capsules te verwijderen, de muis werd door NASA-ingenieurs bedacht, memory foam is ook voor de ruimtevaart ontwikkeld, de camera in je telefoon is gebaseerd op de camera’s van ruimtetelescopen, airbags, zonnepanelen, CT-scan, de niersteenvergruizer is ooit bedacht om scheurtjes in rakettrappen op te sporen, de antikraslagen op brillen werd ooit bedacht voor op de helm van astronauten, ook de hartpomp, die is gebaseerd op een brandstofpomp.’

De verkeersregels zijn op aarde duidelijk, die verschillen hooguit per land wat. In de ruimte zijn er geen regels: ‘Dat is heel lastig, vooral doordat er steeds meer ruimtepuin komt. Dat is afkomstig van kapotte raketten en andere onderdelen. Het is heel belangrijk dat er regels komen voor iedereen, want als je in de ruimte verblijft, is dat van levensbelang. Om verder te ontwikkelingen hebben we in het vervoer, maar ook in de ruimte de vier d’s nodig: Dromers, die ergens over dromen, denkers die het ontwikkelen en doeners, die het maken en durfals, die het doen.’ Net zoals de aankomende vrachtwagenchauffeurs die een kijkje nemen in de ‘Kamer van de Toekomst.’

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding