Dat de schippers graag met verduurzaming aan de gang willen, maar toch regelmatig ermee worstelen, bleek tijdens de Vlaams-Nederlandse Havendagen tijdens de sessie waarin de schippers zelf het woord namen. Aan tafel zaten Femke Brenninkmeijer (NPRC), Patrick Hermans (zelfstandig binnenvaartondernemer), Roland Bosman (Bosman Shipping Group) en Daisy Rycquart (CITBO).

Risico’s

Het probleem voor de vergroening is dat vaak de binnenvaartondernemer zelf voor de risico’s opdraait en de verlader niet bereid is meer te betalen. ‘We hebben zowel een technische als een financiële uitdaging’, vertelt Rycquart. ‘Dat laatste is het grootste probleem. Er ligt nog geen businesscase omdat er teveel vervuilende schepen zijn die wel op prijs concurreren.’

‘We kijken als tankbinnenvaartonderneming natuurlijk naar hoe we het gaan doen en hoe we dat gaan betalen. Maar we transporteren ook veel fossiele brandstoffen, we doen vrijwel geen B2C. Daardoor is er eigenlijk geen “sense of urgency” voor vergroening merkbaar bij onze klanten.’

Dat verladers vaak niet meebetalen aan groener transport, dat herkent ook Roland Bosman. Bosman Shipping beschikt over 135 schepen, 21 duwbakken, 8 tankers en is daarmee een flinke speler. ‘Een paar schepen hebben we nu omgebouwd met een katalysator om te voldoen aan de Stage V-norm. We vergroenen graag. Het inbouwen van Stage V kost zo’n 500.000 tot 600.000 euro extra per schip en daar zien we in de prijzen niets van terug. Wij kunnen dat nog over de hele vloot verdelen, maar een eenling kan dat natuurlijk niet.’

Ook Brenninkmeijer ziet een extra financiële inspanning van de verladers en industrie als noodzaak voor een groene binnenvaart. ‘Zij moeten vergroening stimuleren. Gelukkig zijn er wel uitzonderingen van verladers die langetermijncommitment willen geven. Dat is noodzakelijk voor de toekomst. Ook de verlader moet vergroenen en daarin dient hij het transport van zijn producten mee te nemen.’

Europese fondsen

Europa heeft diverse fondsen om de vergroening te stimuleren. Alleen weet de gemiddelde binnenvaartondernemer daar vaak niet van mee te profiteren. Rycquart: ‘Er zijn inderdaad volop Europese middelen, maar dan gaat het veelal om hoge innovatie. Bij retrofitten zie je een lappendeken van regelingen. Daar zou je eigenlijk een meer geharmoniseerde aanpak willen hebben, want de binnenvaart is een integrale sector.’

Hermans vindt de subsidieregelingen vooral te ingewikkeld opgezet. ‘De beschikbare subsidies zijn vaak voor een kleine binnenvaartondernemer niet te bereiken. Dan moet je eerst al een consultant aannemen om alles uit te zoeken. Er is ook weinig steun vanuit de overheid om ons hierbij te helpen. We weten vaak niet waar we moeten zijn.’

‘Doe toegang tot die regelingen moet inderdaad veel toegankelijker en laagdrempelig zijn’, bevestigt Brenninkmeijer. ‘Dat is een grote uitdaging voor het logge Europa. Het gevaar is dat zero emissie straks opgelegd wordt, zonder dat bedrijven weten hoe. Mijn achterban wil echt wel vergroenen, maar de drempel is heel hoog.’

Stap naar zero emissie

Bovendien moet Europa niet te snel de stap naar zero emissie verwachten, vindt Rycquart. ‘De Europese fondsen moeten zich richten op de eerste transitie naar schone motoren, dus niet meteen naar zero emissie. Die stap is veel te groot en complex. De grote middenmoot die een grote sprong vooruit kan maken, maar niet meteen naar zero emissie kan, moeten we ook helpen.’

‘Het risico bestaat dat anders de grote middenmoot met goed onderhouden schepen van 30 jaar oud ermee stopt, terwijl die nog prima een aantal jaar mee kunnen draaien. Want dan ontstaat er een groot tekort aan schippers’, vreest Hermans.

‘Ons schip is 14 jaar oud en komt uit de generatie CCR2-schepen. Vorig jaar hoorden we nog bij de nieuwe vloot, maar nu niet meer. We staan voor grote investeringen, dat is geen simpele zaak. Bovendien is er nog geen regelgeving, dus we weten niet precies waar we aan toe zijn.’

De huidige overgang naar Stage V is voor de binnenvaart relatief eenvoudig. Er komt weliswaar een ander type motor in een schip, maar verder verandert er weinig. Bosman: ‘Met zero emissie is dat een heel ander verhaal. Niemand weet nog op welke manier we dat gaan doen. Er wordt veel over waterstof gesproken, dus dat heeft wellicht de meeste kans. Maar vooralsnog blijft het bij praten.’

‘Schippers zijn vaak te klein om dit soort zaken uit te proberen. Als het schip niet goed functioneert, heb je direct een groot probleem in je portemonnee. Daardoor ben ik huiverig om ermee te experimenteren. Die risico’s kunnen wij niet dragen. Als grote verladende partijen als Heineken, BASF of Unilever een prototype uitprobeert, is dat voor hen natuurlijk een ander verhaal. Iedereen wil vergroenen, maar het liefst op kosten van anderen.’

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding