Kostprijs per uur gebruikte heftruck nagenoeg gelijk aan die van nieuwe

In Nederland worden jaarlijks ruim 15000 nieuwe heftrucks verkocht. Voorts is er een florerende handel in gebruikte heftrucks die nog jaren mee kunnen. De aanschaf van een reeds gebruikte vorkheftruck – want daar gaat het meestal om – houdt echter een risico in. Het motto ‘goedkoop is duurkoop’ kan juist hierbij zeer wel van toepassing zijn. Dat risico is kleiner naarmate men het eigen behoeftenpatroon beter heeft omschreven en de juiste inschatting maakt van de intensiteit van

Hoe omvangrijk de markt van gebruikte heftrucks precies is, is niet bekend. Er is we`l een grote vraag naar tweedehands heftrucks. Dat komt omdat de gemiddelde levensduur van een heftruck rond de 20 jaar ligt. Gebruikt een bedrijf een heftruck intensief – tussen de 600 en 1500 uur per jaar – dan zal die onderneming alleen maar nieuwe heftrucks kopen. Zo’n bedrijf hanteert een afschrijvingstermijn van circa vijf jaar. Voor een ondernemer die minder zware eisen stelt aan de inzet van de truck is zo’n ‘afdanker’ aantrekkelijk. Minder zware eisen moeten in dit verband worden vertaald in 300 tot 600 arbeidsuren per jaar.
Na een aantal jaren komt dezelfde truck opnieuw in de verkoop. Nog steeds heeft deze dan een economische waarde. Maar dan wel na een revisie. En opnieuw bepaalt de intensiteit van het werk de plaats waar de heftruck het beste tot zijn recht komt. Grofweg wordt de inzet voor de derde eigenaar geschat op 300 of minder uren per jaar.
Voor de aanschaf van een tweedehands truck is de intensiteit van het werk dus bepalend. Hierop vormen de zeer jonge gebruikte trucks van een jaar of twee oud een uitzondering.
A. Vollebregt, die directeur is van het gelijknamige bedrijf in Bleiswijk en dealer is van Mitsubishi en Nyk, zegt: “Potentie”le kopers van gebruikte heftrucks zijn mensen die de truck per dag maar weinig inzetten. Het is net als bij personenwagens: als je weinig rijdt, kun je met een occasion ver komen.”
Ook de EVO, de ondernemersorganisatie voor logistiek en transport in Zoetermeer, onderstreept dat de gebruiksuren bepalend zijn. “Investeren in een gebruikte truck is zinvol, wanneer je hem niet meer dan anderhalf, twee uur per dag gebruikt. De kosten van de investering kunnen slechts dan terugverdiend worden. Als men een heftruck nodig heeft voor een met intervallen terugkerende specifieke handeling, kan men overwegen of een gebruikte truck niet voordeliger is” , aldus Vollebregt.

Financieel voordeel nihil

Voor een klant is echter niet de intensiteit van het gebruik bepalend voor de aankoop van een gebruikte machine. Het financie”le voordeel spreekt hem veel meer aan. Een misvatting, waarschuwt Vollebregt.
P. Nobel, plaatsvervangend hoofd van de afdeling logistiek en vervoer van de EVO, stelt: “De kosten per draai-uur van een tweedehands en een nieuwe machine hoeven nauwelijks uiteen te lopen. Dat komt omdat een oude machine weliswaar een lage aanschafprijs heeft, maar de reparatiekosten zijn hoog. De kosten per draai-uur liggen tussen de 12 en 20 gulden. Ze zijn afhankelijk van variabele factoren, zoals de capaciteit van de truck, de batterij en de mast. De verhouding afschrijving/kosten ligt bij een oude, intensief gebruikte heftruck anders dan bij een nieuwe. Reden waarom een goedkoop verkregen oude truck nog wel eens veel onvoordeliger kan zijn dan een nieuwe.”
Ondernemers hebben vaak geen notie van de exacte kosten van een truck. Hoe een kostprijs tot stand komt, weten zij al evenmin. Te vaak wordt gedacht dat een vorkheftruck van 10.000 gulden voordeliger is dan een truck van 50.000 gulden. Dat is een denkfout. Alleen een kostprijsberekening vormt een goede leidraad om inzicht te krijgen in de daadwerkelijke kosten van de truck op jaarbasis. Vollebregt: “Ik wil niet beweren dat een ondernemer geen gebruikte truck moet kopen, maar ik zou graag zien dat hij die koopt op grond van juiste berekeningen.”
Vollebregt rekent voor dat bij een nieuwe truck met een aanschafprijs van 32.000 gulden de kosten van afschrijving, rente, onderhoud en WA- verzekering neerkomen op respectievelijk 1280, 1600, 500 en 250 gulden per jaar. Zo’n truck kost dan in totaal 3630 gulden per jaar. Voor een gereconditioneerde truck van vijf jaar oud met een aanschafprijs van 20.000 gulden komen deze kosten op 1333, 1000, 800, en 250 gulden per jaar, hetgeen betekent dat de truck jaarlijks 3383 gulden kost. Een tienjarige gereconditioneerde truck van 14.000 kost jaarlijks 3350 gulden, want de kosten daarvan bedragen respectievelijk 1400, 700, 1000 en 250 gulden.
Vollebregt stelt: “Ik ga bij de laatste categorie trucks uit van een beperkte inzet tot 300 bedrijfsuren per jaar. Als rentelast bereken ik 10 procent over 50 procent van het aankoopbedrag. Hieruit blijkt dat een oude truck per jaar nauwelijks goedkoper is dan een nieuwe truck en dat zelfs een nieuwe heftruck kostprijstechnisch binnen het bereik van de aankoper ligt. Wanneer de liquiditeit het toestaat, doet men er dus het beste aan een nog niet zo oude heftruck te kiezen. De investeringspremie van gemiddeld 14 procent en de fiscale afschrijving in vijf jaar zijn namelijk in het voordeel van de nieuwe of jonge heftruck.”

Investeringsbedrag

Voor heel jonge gebruikte heftrucks ligt het anders. Hierbij speelt de intensiteit van het gebruik een kleinere rol. Vooral beginnende bedrijven hebben belang bij een jonge gebruikte heftruck omdat het investeringsbedrag lager ligt, terwijl de betrouwbaarheid van de truck groot geacht mag worden.
A. Woltmeijer, die adviseur/verkoper is bij Jungheinrich, zegt: “Jonge gebruikte machines zijn voor ieder bedrijf interessant. Toch moet je mensen soms over een drempel heen helpen, voordat ze zich openstellen voor de mogelijkheid van een dergelijke gebruikte machine. Als je als adviseur bij een klant zit die een nieuwe heftruck wil en je oppert de aankoop van een gebruikte, wordt er soms vreemd gekeken. Toch is het zeker voor een beginnend bedrijf of voor een onderneming dat een truck weinig inzet interessant, omdat de investering lager ligt. Het begrip ‘gebruikte machine’ blijkt beladen te zijn.”

Keurmerk

Zolang er nog geen keurmerk is voor gebruikte heftrucks, lopen potentie”le kopers een ree”le kans op een miskoop, die behalve te duur, onveilig kan zijn. In tegenstelling tot onze oosterburen, waar de normen voor zowel nieuwe als gebruikte heftrucks een stuk hoger liggen dan bij ons – hier dienen slechts nieuwe trucks van het zogenaamde E-merk te zijn voorzien – kennen wij geen door de overheid vereiste keuring. Het is de hoogste tijd dat daarin verandering komt, vindt Nobel. “Er rijdt ontzettend veel onveilig materiaal rond. Als voorbeeld noem ik lekkende hydraulische systemen. Veiligheidsnormen ontbreken en dat terwijl je toch praat over machines van een paar duizend kilogram die een redelijke snelheid kunnen ontwikkelen. Er is sprake van dat er ook in Nederland een soort jaarlijkse keuring voor heftrucks komt.”
Als norm voor een dergelijke keuring zal men waarschijnlijk het reeds bestaande E-merk voeren. Daarin zijn onder meer opgenomen de daalsnelheid, een lekproef voor de hefcilinder met een nominaal hefvermogen van 10cm/10min. en een bedrijfsrem-pedaalkracht van max F = 600 N.
Woltmeijer: “Een importeur of dealer levert volgens bepaalde normen. Een koper bij zo’n bedrijf hoeft zich minder snel zorgen te maken over bepaalde risico’s dan bij een handelaar. Bovendien geeft een importeur of dealer meestal garantie. Een dealer of importeur zal zijn goede naam niet te grabbel gooien door het verkopen van een slechte truck.”
“Behalve de betrouwbaarheid van de leverancier speelt ook de grootte van het assortiment een rol” , meent Vollebregt. “Het aanbod is van wezenlijk belang; er moet voldoende keus zijn.”

Techniek

Nobel voegt er technische criteria aan toe. “Een ondernemer dient te letten op de technische staat van een heftruck en de veiligheid van de hefinrichting. Dat vereist een grondige technische kennis. Het is daarom raadzaam bij de aanschaf een technische man mee te nemen.”
Heftrucks kunnen echter een aantal mankementen vertonen dat op het eerste gezicht moeilijk waarneembaar is. Om het aandrijfdeel te testen, moet men met de truck belast en onbelast rijden. Belangrijk is dat de truck ook soepel loopt en stuurt als men langzaam rijdt. Vreemde geluiden zijn uit den boze en speling in het stuurmechanisme eveneens.
Overigens is er geen verschil in risico tussen de aankoop van een tweedehands truck met een verbrandingsmotor of een truck met een elektromotor. Bij een truck met verbrandingsmotor is het uiteraard niet alleen de motor die bekeken moet worden, maar ook de rest van de aandrijflijn. De vervangingskosten van een dieselmotor liggen tussen de 7.000 en 13.000 gulden. Voor een batterij ligt dat ongeveer op 6.000 tot 15.000 gulden (inclusief gelijkricher). Voor trucks met een verbrandingsmotor geldt dat de emissiewaarden bij een oudere truck hoger kunnen liggen. Van belang is het testen van de remfunctie. Het is aan te raden deze bij een redelijke snelheid te testen, zowel voor- als achteruit.

Vorken en de hefinrichting

Vorken gaan in principe een leven lang mee. Maar heeft er een onervaren, ongeschoolde chauffeur met de truck gereden, dan is de kans groot dat deze versleten zijn. De vorken dienen derhalve gemeten te worden. Globaal kost een stel vorken circa 800 gulden. Gebreken aan de hefinrichting van de truck zijn moeilijker te onderscheiden. Een ketting die is ingesleten, een lekkende manchet of lekkend ventiel: het zijn stuk voor stuk mankementen die een onervaren persoon niet direkt zullen opvallen. In de cilinders van de hefinrichting zit een afdichting. Deze kan na vijf jaar intensief gebruik ingelopen zijn, waardoor de olie onder de zuiger naar boven kan lopen. Bij dergelijke lekkage kan het vorkenbord met last zakken, waardoor de truck niet langer veilig is. De mast mag bij belasting niet zakken. Doet hij dit wel, dan is er waarschijnlijk sprake van lekkage van e’e’n van de cilinders. Uitwendige beschadigingen aan de truck kunnen een indicatie zijn dat er met de truck slecht is omgesprongen.

Categoriee”n

Ruwweg geschetst bestaan er bij gebruikte heftrucks vier categoriee”n. De eerste categorie omschrijft men als machines ‘as it is’. De machine rijdt en heft en men heeft garantie tot de poort, kortom alle risico’s zijn voor de koper. De tweede en grootste groep is de categorie gereconditioneerde machines. Die trucks zijn grondig gei”nspecteerd. Onderdelen waarvan men denkt dat ze binnen een bepaalde periode problemen kunnen veroorzaken, zijn vervangen. Meestal is de truck opnieuw gespoten en zijn de banden vervangen door nieuwe.
De derde categorie behelst de totaal gereviseerde trucks. De heftruck is dan tot op het chassis ontmanteld, de onderdelen zijn getest en indien nodig vernieuwd, het hydraulisch systeem is gecontroleerd, de hydraulische componenten zijn afgeperst en zonodig gereparareerd en de elektrische bekabeling is nagekeken. Bij elektrische trucks worden de batterijcellen getest en eventueel vervangen. Nadat het chasis en het plaatwerk opnieuw is gespoten, is de truck zo goed als nieuw.
De laatste categorie is de jonge gebruikte heftruck (1 a’ 3 jaar oud) afkomstig uit de huur- of leasevloot. Men reduceert hiermee het risico van een aankoop. Deze machines zijn vrijwel altijd goed onderhouden, terwijl huurders of leasers in negen van de tien gevallen niet altijd het uiterste van hun machines hebben gevergd. Maar ook trucks die e’e’n eigenaar hebben gehad, kunnen een goede aankoop zijn. Zeker wanneer deze eigenaar kan aantonen hoeveel draai-uren de trucks er op hebben zitten en dat er sprake is geweest van regelmatig onderhoud.
Het behoeft geen betoog dat de grootste risico’s vooral bij de eerste categorie ‘as it is’ trucks liggen. Cijfers tonen aan dat bij deze trucks in het eerste jaar rekening moet worden gehouden met reparatiekosten, die varie”ren van 25 tot 60 procent van de aanschafprijs. Zeker wanneer men een truck in deze categorie beoogt te kopen, kan een onderzoeksrapport zoals dit door de EVO wordt opgesteld, uitkomst bieden. Dit rapport, dat te vergelijken is met een ANWB- keuringsrapport voor personenauto’s, behelst een controle van de vitale onderdelen van de truck. Het moet de koper behoeden voor een zogenaamd goedkope aankoop.
Een dergelijk onderzoeksrapport kan men vanzelfsprekend ook laten opmaken wanneer men bij dealer of importeur koopt. Voor 345 gulden per truck (niet EVO-leden betalen 175 gulden meer) test de EVO de truck op een uitgebreid scala aan punten en maakt hiervan een rapport op. De EVO controleert ook de herkomst en geschiedenis van de truck, via het boek Forklift Serial Number Data. Tegelijkertijd doet men een uitspraak over het prijskaartje dat aan de bewuste truck zou moeten hangen.
Nobel zegt: “We adviseren mensen ook over de prijs. Wij gaan na wat de truck nieuw gekost heeft, met die mast en die batterij. Dan kijken we hoeveel draai-uren de truck heeft, hoe oud hij is en hoeveel restwaarde er nog staat. Dat laatste doen we aan de hand van het serienummer dat is gerelateerd aan het bouwjaar. Helaas worden deze gegevens niet wettelijk geregistreerd. Er is geen controle door de overheid.”

Jan Dronkers en Petra Versluis

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement

Kostprijs per uur gebruikte heftruck nagenoeg gelijk aan die van nieuwe | NT

Kostprijs per uur gebruikte heftruck nagenoeg gelijk aan die van nieuwe

In Nederland worden jaarlijks ruim 15000 nieuwe heftrucks verkocht. Voorts is er een florerende handel in gebruikte heftrucks die nog jaren mee kunnen. De aanschaf van een reeds gebruikte vorkheftruck – want daar gaat het meestal om – houdt echter een risico in. Het motto ‘goedkoop is duurkoop’ kan juist hierbij zeer wel van toepassing zijn. Dat risico is kleiner naarmate men het eigen behoeftenpatroon beter heeft omschreven en de juiste inschatting maakt van de intensiteit van

Hoe omvangrijk de markt van gebruikte heftrucks precies is, is niet bekend. Er is we`l een grote vraag naar tweedehands heftrucks. Dat komt omdat de gemiddelde levensduur van een heftruck rond de 20 jaar ligt. Gebruikt een bedrijf een heftruck intensief – tussen de 600 en 1500 uur per jaar – dan zal die onderneming alleen maar nieuwe heftrucks kopen. Zo’n bedrijf hanteert een afschrijvingstermijn van circa vijf jaar. Voor een ondernemer die minder zware eisen stelt aan de inzet van de truck is zo’n ‘afdanker’ aantrekkelijk. Minder zware eisen moeten in dit verband worden vertaald in 300 tot 600 arbeidsuren per jaar.
Na een aantal jaren komt dezelfde truck opnieuw in de verkoop. Nog steeds heeft deze dan een economische waarde. Maar dan wel na een revisie. En opnieuw bepaalt de intensiteit van het werk de plaats waar de heftruck het beste tot zijn recht komt. Grofweg wordt de inzet voor de derde eigenaar geschat op 300 of minder uren per jaar.
Voor de aanschaf van een tweedehands truck is de intensiteit van het werk dus bepalend. Hierop vormen de zeer jonge gebruikte trucks van een jaar of twee oud een uitzondering.
A. Vollebregt, die directeur is van het gelijknamige bedrijf in Bleiswijk en dealer is van Mitsubishi en Nyk, zegt: “Potentie”le kopers van gebruikte heftrucks zijn mensen die de truck per dag maar weinig inzetten. Het is net als bij personenwagens: als je weinig rijdt, kun je met een occasion ver komen.”
Ook de EVO, de ondernemersorganisatie voor logistiek en transport in Zoetermeer, onderstreept dat de gebruiksuren bepalend zijn. “Investeren in een gebruikte truck is zinvol, wanneer je hem niet meer dan anderhalf, twee uur per dag gebruikt. De kosten van de investering kunnen slechts dan terugverdiend worden. Als men een heftruck nodig heeft voor een met intervallen terugkerende specifieke handeling, kan men overwegen of een gebruikte truck niet voordeliger is” , aldus Vollebregt.

Financieel voordeel nihil

Voor een klant is echter niet de intensiteit van het gebruik bepalend voor de aankoop van een gebruikte machine. Het financie”le voordeel spreekt hem veel meer aan. Een misvatting, waarschuwt Vollebregt.
P. Nobel, plaatsvervangend hoofd van de afdeling logistiek en vervoer van de EVO, stelt: “De kosten per draai-uur van een tweedehands en een nieuwe machine hoeven nauwelijks uiteen te lopen. Dat komt omdat een oude machine weliswaar een lage aanschafprijs heeft, maar de reparatiekosten zijn hoog. De kosten per draai-uur liggen tussen de 12 en 20 gulden. Ze zijn afhankelijk van variabele factoren, zoals de capaciteit van de truck, de batterij en de mast. De verhouding afschrijving/kosten ligt bij een oude, intensief gebruikte heftruck anders dan bij een nieuwe. Reden waarom een goedkoop verkregen oude truck nog wel eens veel onvoordeliger kan zijn dan een nieuwe.”
Ondernemers hebben vaak geen notie van de exacte kosten van een truck. Hoe een kostprijs tot stand komt, weten zij al evenmin. Te vaak wordt gedacht dat een vorkheftruck van 10.000 gulden voordeliger is dan een truck van 50.000 gulden. Dat is een denkfout. Alleen een kostprijsberekening vormt een goede leidraad om inzicht te krijgen in de daadwerkelijke kosten van de truck op jaarbasis. Vollebregt: “Ik wil niet beweren dat een ondernemer geen gebruikte truck moet kopen, maar ik zou graag zien dat hij die koopt op grond van juiste berekeningen.”
Vollebregt rekent voor dat bij een nieuwe truck met een aanschafprijs van 32.000 gulden de kosten van afschrijving, rente, onderhoud en WA- verzekering neerkomen op respectievelijk 1280, 1600, 500 en 250 gulden per jaar. Zo’n truck kost dan in totaal 3630 gulden per jaar. Voor een gereconditioneerde truck van vijf jaar oud met een aanschafprijs van 20.000 gulden komen deze kosten op 1333, 1000, 800, en 250 gulden per jaar, hetgeen betekent dat de truck jaarlijks 3383 gulden kost. Een tienjarige gereconditioneerde truck van 14.000 kost jaarlijks 3350 gulden, want de kosten daarvan bedragen respectievelijk 1400, 700, 1000 en 250 gulden.
Vollebregt stelt: “Ik ga bij de laatste categorie trucks uit van een beperkte inzet tot 300 bedrijfsuren per jaar. Als rentelast bereken ik 10 procent over 50 procent van het aankoopbedrag. Hieruit blijkt dat een oude truck per jaar nauwelijks goedkoper is dan een nieuwe truck en dat zelfs een nieuwe heftruck kostprijstechnisch binnen het bereik van de aankoper ligt. Wanneer de liquiditeit het toestaat, doet men er dus het beste aan een nog niet zo oude heftruck te kiezen. De investeringspremie van gemiddeld 14 procent en de fiscale afschrijving in vijf jaar zijn namelijk in het voordeel van de nieuwe of jonge heftruck.”

Investeringsbedrag

Voor heel jonge gebruikte heftrucks ligt het anders. Hierbij speelt de intensiteit van het gebruik een kleinere rol. Vooral beginnende bedrijven hebben belang bij een jonge gebruikte heftruck omdat het investeringsbedrag lager ligt, terwijl de betrouwbaarheid van de truck groot geacht mag worden.
A. Woltmeijer, die adviseur/verkoper is bij Jungheinrich, zegt: “Jonge gebruikte machines zijn voor ieder bedrijf interessant. Toch moet je mensen soms over een drempel heen helpen, voordat ze zich openstellen voor de mogelijkheid van een dergelijke gebruikte machine. Als je als adviseur bij een klant zit die een nieuwe heftruck wil en je oppert de aankoop van een gebruikte, wordt er soms vreemd gekeken. Toch is het zeker voor een beginnend bedrijf of voor een onderneming dat een truck weinig inzet interessant, omdat de investering lager ligt. Het begrip ‘gebruikte machine’ blijkt beladen te zijn.”

Keurmerk

Zolang er nog geen keurmerk is voor gebruikte heftrucks, lopen potentie”le kopers een ree”le kans op een miskoop, die behalve te duur, onveilig kan zijn. In tegenstelling tot onze oosterburen, waar de normen voor zowel nieuwe als gebruikte heftrucks een stuk hoger liggen dan bij ons – hier dienen slechts nieuwe trucks van het zogenaamde E-merk te zijn voorzien – kennen wij geen door de overheid vereiste keuring. Het is de hoogste tijd dat daarin verandering komt, vindt Nobel. “Er rijdt ontzettend veel onveilig materiaal rond. Als voorbeeld noem ik lekkende hydraulische systemen. Veiligheidsnormen ontbreken en dat terwijl je toch praat over machines van een paar duizend kilogram die een redelijke snelheid kunnen ontwikkelen. Er is sprake van dat er ook in Nederland een soort jaarlijkse keuring voor heftrucks komt.”
Als norm voor een dergelijke keuring zal men waarschijnlijk het reeds bestaande E-merk voeren. Daarin zijn onder meer opgenomen de daalsnelheid, een lekproef voor de hefcilinder met een nominaal hefvermogen van 10cm/10min. en een bedrijfsrem-pedaalkracht van max F = 600 N.
Woltmeijer: “Een importeur of dealer levert volgens bepaalde normen. Een koper bij zo’n bedrijf hoeft zich minder snel zorgen te maken over bepaalde risico’s dan bij een handelaar. Bovendien geeft een importeur of dealer meestal garantie. Een dealer of importeur zal zijn goede naam niet te grabbel gooien door het verkopen van een slechte truck.”
“Behalve de betrouwbaarheid van de leverancier speelt ook de grootte van het assortiment een rol” , meent Vollebregt. “Het aanbod is van wezenlijk belang; er moet voldoende keus zijn.”

Techniek

Nobel voegt er technische criteria aan toe. “Een ondernemer dient te letten op de technische staat van een heftruck en de veiligheid van de hefinrichting. Dat vereist een grondige technische kennis. Het is daarom raadzaam bij de aanschaf een technische man mee te nemen.”
Heftrucks kunnen echter een aantal mankementen vertonen dat op het eerste gezicht moeilijk waarneembaar is. Om het aandrijfdeel te testen, moet men met de truck belast en onbelast rijden. Belangrijk is dat de truck ook soepel loopt en stuurt als men langzaam rijdt. Vreemde geluiden zijn uit den boze en speling in het stuurmechanisme eveneens.
Overigens is er geen verschil in risico tussen de aankoop van een tweedehands truck met een verbrandingsmotor of een truck met een elektromotor. Bij een truck met verbrandingsmotor is het uiteraard niet alleen de motor die bekeken moet worden, maar ook de rest van de aandrijflijn. De vervangingskosten van een dieselmotor liggen tussen de 7.000 en 13.000 gulden. Voor een batterij ligt dat ongeveer op 6.000 tot 15.000 gulden (inclusief gelijkricher). Voor trucks met een verbrandingsmotor geldt dat de emissiewaarden bij een oudere truck hoger kunnen liggen. Van belang is het testen van de remfunctie. Het is aan te raden deze bij een redelijke snelheid te testen, zowel voor- als achteruit.

Vorken en de hefinrichting

Vorken gaan in principe een leven lang mee. Maar heeft er een onervaren, ongeschoolde chauffeur met de truck gereden, dan is de kans groot dat deze versleten zijn. De vorken dienen derhalve gemeten te worden. Globaal kost een stel vorken circa 800 gulden. Gebreken aan de hefinrichting van de truck zijn moeilijker te onderscheiden. Een ketting die is ingesleten, een lekkende manchet of lekkend ventiel: het zijn stuk voor stuk mankementen die een onervaren persoon niet direkt zullen opvallen. In de cilinders van de hefinrichting zit een afdichting. Deze kan na vijf jaar intensief gebruik ingelopen zijn, waardoor de olie onder de zuiger naar boven kan lopen. Bij dergelijke lekkage kan het vorkenbord met last zakken, waardoor de truck niet langer veilig is. De mast mag bij belasting niet zakken. Doet hij dit wel, dan is er waarschijnlijk sprake van lekkage van e’e’n van de cilinders. Uitwendige beschadigingen aan de truck kunnen een indicatie zijn dat er met de truck slecht is omgesprongen.

Categoriee”n

Ruwweg geschetst bestaan er bij gebruikte heftrucks vier categoriee”n. De eerste categorie omschrijft men als machines ‘as it is’. De machine rijdt en heft en men heeft garantie tot de poort, kortom alle risico’s zijn voor de koper. De tweede en grootste groep is de categorie gereconditioneerde machines. Die trucks zijn grondig gei”nspecteerd. Onderdelen waarvan men denkt dat ze binnen een bepaalde periode problemen kunnen veroorzaken, zijn vervangen. Meestal is de truck opnieuw gespoten en zijn de banden vervangen door nieuwe.
De derde categorie behelst de totaal gereviseerde trucks. De heftruck is dan tot op het chassis ontmanteld, de onderdelen zijn getest en indien nodig vernieuwd, het hydraulisch systeem is gecontroleerd, de hydraulische componenten zijn afgeperst en zonodig gereparareerd en de elektrische bekabeling is nagekeken. Bij elektrische trucks worden de batterijcellen getest en eventueel vervangen. Nadat het chasis en het plaatwerk opnieuw is gespoten, is de truck zo goed als nieuw.
De laatste categorie is de jonge gebruikte heftruck (1 a’ 3 jaar oud) afkomstig uit de huur- of leasevloot. Men reduceert hiermee het risico van een aankoop. Deze machines zijn vrijwel altijd goed onderhouden, terwijl huurders of leasers in negen van de tien gevallen niet altijd het uiterste van hun machines hebben gevergd. Maar ook trucks die e’e’n eigenaar hebben gehad, kunnen een goede aankoop zijn. Zeker wanneer deze eigenaar kan aantonen hoeveel draai-uren de trucks er op hebben zitten en dat er sprake is geweest van regelmatig onderhoud.
Het behoeft geen betoog dat de grootste risico’s vooral bij de eerste categorie ‘as it is’ trucks liggen. Cijfers tonen aan dat bij deze trucks in het eerste jaar rekening moet worden gehouden met reparatiekosten, die varie”ren van 25 tot 60 procent van de aanschafprijs. Zeker wanneer men een truck in deze categorie beoogt te kopen, kan een onderzoeksrapport zoals dit door de EVO wordt opgesteld, uitkomst bieden. Dit rapport, dat te vergelijken is met een ANWB- keuringsrapport voor personenauto’s, behelst een controle van de vitale onderdelen van de truck. Het moet de koper behoeden voor een zogenaamd goedkope aankoop.
Een dergelijk onderzoeksrapport kan men vanzelfsprekend ook laten opmaken wanneer men bij dealer of importeur koopt. Voor 345 gulden per truck (niet EVO-leden betalen 175 gulden meer) test de EVO de truck op een uitgebreid scala aan punten en maakt hiervan een rapport op. De EVO controleert ook de herkomst en geschiedenis van de truck, via het boek Forklift Serial Number Data. Tegelijkertijd doet men een uitspraak over het prijskaartje dat aan de bewuste truck zou moeten hangen.
Nobel zegt: “We adviseren mensen ook over de prijs. Wij gaan na wat de truck nieuw gekost heeft, met die mast en die batterij. Dan kijken we hoeveel draai-uren de truck heeft, hoe oud hij is en hoeveel restwaarde er nog staat. Dat laatste doen we aan de hand van het serienummer dat is gerelateerd aan het bouwjaar. Helaas worden deze gegevens niet wettelijk geregistreerd. Er is geen controle door de overheid.”

Jan Dronkers en Petra Versluis

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement