‘Grootste containerschip’ is een status, gebaseerd op een theoretische maximum capaciteit, die vaak snel weer wordt overgenomen door een nog ietsje groter zusterschip of door een nieuwe reus van een concurrerende rederij, maar toch mag je de status gerust felbegeerd noemen. In de loop der jaren werden recordschepen soms met aanzienlijk feestgedruis onthaald.

1956   ‘Ideal X’ (Pan-Atlantic Steamship, Verenigde Staten)

58 containers

De Amerikaan Malcolm McLean, ‘de vader van de containerisatie’, besloot in de jaren vijftig om goederen niet los, maar gebundeld in aanhangwagens (trailers) te verschepen. Hij bouwde een olietanker uit de Tweede Wereldoorlog om tot het eerste ‘containerschip’, dat op zijn eerste afvaart vanuit New Jersey naar Texas 58 volle trailers vervoerde.

1964   ‘Kooringa’ (Associated Steamships, Australië)

10.000 ton containerlading

De nieuwe Australische rederij Associated Steamships, net ontstaan uit een fusie tussen twee reders, bouwde als eerste daad het eerste schip ter wereld dat van begin af aan puur als containerschip was bedoeld. Toch rekenden ze nog niet in aantal containers, maar in aantal tonnen.

1966   ‘Fairland’ (Sea-Land, Verenigde Staten)

226 containers

Sea-Land, de nieuwe naam van McLeans rederij Pan-Atlantic Steamship, zorgde op 3 mei 1966 voor de eerste aankomst van een containerschip in de Rotterdamse haven.

De Fairland was in 1966 het eerste containerschip dat Rotterdam aandeed. Foto: NT-boek ‘Rotterdamse containerkopstukken’

1969   Teu als term geïntroduceerd

Richard F. Gibney, een Britse journalist van Shipbuilding and Shipping Record, verzon de term ‘teu’ (twenty-foot equivalent unit) als aanduiding voor containers met de standaardlengte van 20 voet (6,10 meter lang, 2,44 meter breed en 2,59 meter hoog).

1972   ‘Kurama Maru’ (NYK, Japan)

2.400 teu

Het ging in de seventies ineens al best hard met het teu’s tellen in de scheepvaart, met duizend of zelfs een paar duizend containers per schip.

1981   ‘Lica Maersk’ (Maersk, Denemarken)

3.400 teu

Maersk was halverwege de jaren ’70 begonnen met containervaart en geen voorloper, maar tilde begin jaren ’80 de capaciteit wel voor het eerst boven de drieduizend containers. De ‘Lica Maersk’ vaart nog steeds, maar al lang niet meer als containerschip: het vaartuig werd eind jaren negentig verkocht aan de Amerikaanse marine en flink omgebouwd, en doet tot op de dag van vandaag dienst als het logistieke marineschip ‘USNS GySgt Fred W. Stockham’.

1988   ‘President Truman’ (APL, Verenigde Staten)

4.500 teu

American President Lines (APL) presenteerde eind jaren tachtig een serie schepen die, aldus de Amerikaanse krant Journal of Commerce, ‘too fat bij far’ waren om nog door het Panamakanaal te kunnen. Deze eerste ‘post-Panamax’-schepen zouden volgens de krant een nieuw tijdperk in de scheepvaart beginnen. De presidentenserie van APL, met onder meer ook de ‘President Kennedy’, vond in 2013 zijn Waterloo op een Aziatisch sloopstrand.

1995   ‘OOCL California’ (OOCL, China)

5.300 teu

De schaalvergroting in de containervaart kwam medio jaren negentig in een stroomversnelling en het schip dat daarbij het spits afbeet, is anno 2022 nog steeds onder dezelfde naam actief in het intra-Azië-verkeer.

1996    ‘Regina Maersk’ (Maersk, Denemarken)

6.000 teu

Later omgedoopt in ‘Maersk Kure’. Vaart tegenwoordig nog als kortweg de ‘Kure’.

1997   ‘Sovereign Maersk’ (Maersk, Denemarken)

8.000 teu

Nog maar twee jaar eerder hadden investeringsbankiers in NT gezegd dat schepen waarschijnlijk niet veel groter meer zouden worden dan 5.000 teu. De 8.000 teu-schepen waarvan dit Maersk-vaartuig de vroege wegbereider was, maakten dan ook zo’n indruk, dat ze rond de eeuwwisseling aangeduid begonnen te worden als vlcs: ‘very large container ship’. De ‘Sovereign Maersk’ vaart anno 2022 nog steeds onder dezelfde naam tussen China en Zuid-Amerika.

2005   ‘P&O Mondriaan’ (P&O Nedlloyd, Nederland/Groot-Brittannië)

8.125 teu

De Nederlandse bijdrage aan de containerschepenwedloop, gebouwd voor de prijs van ongeveer twee Mondriaan-schilderijen. Honderden gasten verzamelden zich medio maart 2005 op de kade van Cruise Terminal Rotterdam om toe te kijken hoe Olympisch zwemkampioene Inge de Bruijn het schip doopte. Twee maanden later bleek dat het Mondriaan-eerbetoon op de scheepsboeg al snel overgeschilderd zou moeten gaan worden: Maersk, dat eerder al Sealand had opgepeuzeld, wilde ook P&O Nedlloyd overnemen. De voormalige ‘Mondriaan’ voer verder als ‘Maersk Sana’ en is sinds 2018 actief als ‘MSC Sana’.

2005   ‘Cosco Guangzhou’ (Cosco, China)

9.400 teu

Om de ‘P&O Nedlloyd Mondriaan’ nog verder in de vergetelheid te drukken, kwamen er nog hetzelfde jaar flink grotere containerschepen in de vaart. Naast het Cosco-schip waren ook de ‘Gudrun Maersk’ en ‘MSC Pamela’ bekende pioniers van deze generatie.

2006   ‘Emma Maersk’ (Maersk, Denemarken)

11.000 teu

De tijd was aangebroken van het heel, héél grote containerschip: het ulcs (ultra large containership). De ‘Emma Maersk’ werd vernoemd naar de eind 2005 overleden Emma Maersk Mc-Kinney Møller, die 65 jaar lang de echtgenote was geweest van de grote ­Maersk-baas. Omdat Maersk de capaciteit van het schip zelf niet bekendmaakte, werd deze eerst geschat op 11.000, maar tegenwoordig eerder op 15.000 teu.

2008   ‘MSC Daniela’ (MSC, Zwitserland/Italië)

13.800 teu

Deze MSC-reus zou in 2017 op de Indische Oceaan getroffen worden door een grote brand, vermoedelijk ontstaan door verkeerd aangegeven gevaarlijke lading. Door het noodzakelijke reparatiewerk moest het schip toen vier maanden uit de vaart worden genomen.

2012   ‘CMA CGM Marco Polo’ (CMA CGM, Frankrijk)

16.000 teu

Weer een ferme stap in de schaalvergroting, maar al snel overschaduwd door een volgende reus.

2013   ‘Maersk Mc-Kinney Møller’ (Maersk, Denemarken)

18.340 teu

Het luidruchtigst gepresenteerde schip, vernoemd naar de in 2012 op 98-jarige leeftijd overleden scheepsmagnaat Arnold Maersk Mc-Kinney Møller, de man die het bedrijf Maersk groot maakte. Zijn dochter en voorzitter van de A.P. Møller Group, Ane Uggla, ging naar Zuid-Korea om het schip te dopen, en dat was de opmaat naar nog veel meer toeters en bellen, variërend van een zesdelige Discovery Channel-documentaire tot een Lego-versie waarmee de mensen het vaartuig thuis konden nabouwen. In Rotterdam organiseerde Maersk op een spotterslocatie op de Tweede Maasvlakte een feest voor duizend gasten met als ceremoniemeester de soapacteur Sebastiaan Labrie (Goede tijden, Slechte tijden). NT volgde de gebeurtenissen op de voet met een Liveblog en praatte het Nederlands publiek ook bij in het Radio1-programma Met het Oog op Morgen. Maersk zelf hield de wereld op de hoogte via de website ‘worldlargestship’, inmiddels al lang uit de lucht.

2015   ‘CSCL Globe‘ (China Shipping, China)

19.000 teu

Weer een welkomstfeest in Rotterdam, maar dit keer zonder feestvarken. Het schip had op het laatst vertraging opgelopen door een storm. Geslaagder was iets later de ontvangst van de nog weer iets grotere ‘MSC Zoe’ in Antwerpen, waar burgemeester Bart De Wever de feestelijkheden leidde. De ‘MSC Zoe’ zou vier jaar later wel negatief in het nieuws komen toen het op zijn beurt in een zware storm in het Waddengebied zeker 345 containers verloor.

2017   ‘MOL Triumph’ (MOL, Japan)

20.170 teu

Met stille trom, vergeleken met de voorgaande recordschepen, werd de 20.000 teu-­barrière geslecht. MOL won de race tussen diverse rederijen, maar in een paar weken tijd gingen vervolgens eerst de ‘Madrid ­Maersk’ en daarna de ‘OOCL Hong Kong’ met de status van ’s werelds grootste containerschip aan de haal.

2019   ‘MSC Gülsün’ (MSC, Zwitserland/Italië)

23.756 teu

De ‘MSC Gülsün’ deed in 2019 de haven van Rotterdam aan. Foto: NT

Het eerste containerschip waarop de containers in 24 vakken in de breedte stonden (op de ‘Lica Maersk’ waren dat in de eighties 13 vakken geweest en later op de ‘P&O Mon­driaan’ bijvoorbeeld 17). Er wordt daarom ook wel gesproken van de Megamax-24-generatie (MGX-24), al raakte die term nog niet echt ingeburgerd. In de zoektocht naar andere superlatieven om de nieuwste generatie containerreuzen te omschrijven, vielen her en der al termen als ‘gigamaxen’ en ‘superjumbo’s’.

2020   ‘HMM Algeciras’ – (HMM, Zuid-Korea)

23.964 teu

Voor het eerst kwam het grootste containerschip ter wereld uit Zuid-Korea. President Moon Jae-in woonde op de scheepswerf de doop bij.

2022   ‘Ever Alot’ (Evergreen, Taiwan)

24.004 teu

Toen eerder dit jaar een recordschip op de Westerschelde voer, verzuchtte een toeschouwer dat het helemaal niet groter oogde dan andere containerreuzen. En dat klopt. Al sinds de ‘Emma Maersk’ van zestien jaar geleden zijn containerschepen zo’n 400 meter lang, ze zijn sindsdien vooral in de breedte wat gegroeid, maar dat valt vanaf de kant natuurlijk niet zo op. Door kleine ontwerpaanpassingen worden de MGX-24’ers steeds net ietsje groter, waarbij de ‘Ever Alot’ als eerste de grens van 24.000 teu heeft doorbroken, en voor spotters en andere liefhebbers is dat al interessant genoeg. Op een scheepswerf in China is nog maar net de ‘MSC Tessa’ te water gelaten, die nu verder wordt afgebouwd en waarschijnlijk nog dit jaar met 24.116 teu de ‘Ever Alot’ van de troon gaat stoten.

2023   ‘MSC Michel Cappellini’ (MSC, Zwitserland/Italië)

24.232 teu

Volgens de Belgische scheepvaartdeskundige Stefan Verberckmoes worden op een Chinese werf inmiddels alweer twee nog iets grotere schepen gebouwd, de ‘MSC Irina’ en de ‘MSC Michel Cappellini’.