Meevaren met de roeiers: ‘Volle bak touwtje trekken’

Reportage

Het afmeren en ontmeren van zeeschepen gebeurt in de Rotterdamse haven door de Koninklijke Roeiers Vereeniging Eendracht (KRVE). NT vaart een ochtend mee om ‘volle bak touwtje te trekken’, zoals de bootmannen het zelf noemen.

Foto: Martens Multimedia

‘Een duppie erbij’, hoor ik galmen vanuit de portofoon die roeier Sjoerd van Maanen op zijn schouder draagt. De sleepboot die aan het assisteren is bij het afmeren van containerschip ‘Constantia’ in de Amazonehaven op de Maasvlakte, geeft vervolgens 10% meer kracht om het vrachtschip naar de kant te krijgen. De roeier staat bij het afmeerproces continu in contact met de loods en de sleepboten.

Van Maanen is bootman, alias roeier, en bestuurslid bij de KRVE. Naast het vast- en losmaken van de trossen houdt de vereniging zich onder meer bezig met het vervoer van loodsen en het bieden van hulp bij calamiteiten in de haven.

Meer dan 270 mannen werken in de Rotterdamse haven als roeier. Dat doen ze in wisseldiensten van steeds twaalf uur. De roeiers zijn zeven dagen per week en in alle weersomstandigheden beschikbaar. Er zijn altijd ongeveer zeventig mannen tegelijk aan het werk. De KRVE bestaat sinds 1895. Het is de enige partij in de Rotterdamse haven die de zeeschepen aan- en afmeert. Dat is zo gereguleerd in de Havenverordening.

Tekst gaat verder onder de foto

Voor het vastleggen van containerschepen wordt samengewerkt met de mannen op de kade die de trossen aanpakken. Foto: Martens Multimedia

Daadwerkelijk roeien doen de bootmannen niet meer. Het werk op het water wordt gedaan met vletten, kleine en wendbare gele bootjes die op de eigen scheepswerf van de KRVE worden gebouwd en onderhouden. Langs de kades rijden de roeiers in door de KRVE ontworpen wagens met in de laadbak een gemotoriseerde katrol, de zogenoemde winch, waarmee de trossen omhoog worden geholpen.

Afmeerconfiguraties

Vanuit het hoofdkantoor op Heijplaat vaart uw NT-reporter eerder die ochtend mee naar de MOT, de Maasvlakte Olie Terminal, om de tanker ‘Militos’ vast te leggen. De tanker wordt op acht punten vastgelegd, steeds met twee trossen per aanlegpunt. ‘De kapitein bepaalt hoeveel trossen we vastmaken, de terminal bepaalt waar we ze plaatsen en wij maken veilig en efficiënt de verbinding’, legt Van Maanen uit.

Er zijn altijd ongeveer zeventig mannen tegelijk aan het werk

Aan de hand van afmeerconfiguraties die door de terminal geleverd zijn, wordt het schip vastgelegd. ‘Het werk houdt meer in dan alleen touwtje trekken, ook al noemen we het zo’, vertelt de ‘boatman’. ‘We weten hoe de krachten op de bolders en de kades zijn. Binnen de KRVE meten en bestuderen we dit.’

Zo’n anderhalf uur voordat een schip aan de trossen moet worden gelegd, kunnen de planners van de KRVE aan de slag met het werkschema. Via een eigen app krijgen de roeiers door waar ze moeten zijn en wat er moet gebeuren.

Van Maanen en zijn collega’s nemen het werk en de regels rondom het veilig doen van dat werk bloedserieus. Tegelijkertijd gebruikt hij overal verkleinwoordjes voor en stelt hij zaken simpeler voor dan ze zijn. Voor de ‘Militos’ gaan twee ‘vletjes’ aan de slag. De bootmannen leggen steeds vier keer twee ‘touwtjes’ aan de ‘paaltjes’.

Tekst gaat verder onder de foto

‘Het werk houdt meer in dan alleen touwtje trekken, ook al noemen we het zo’, vertelt Sjoerd van Maanen (links).

Vanaf het dek van de ‘Militos’ piepen de eerste trossen tevoorschijn. Met een helm op en zijn veiligheidsschoenen, werkjas en reddingsvest aan, vangt Van Maanen de touwen op in de kuip van de vlet. Hij legt de trossen zo neer dat ze niet met elkaar verstrengeld raken en straks makkelijk om de bolder kunnen. Het is werk wat om spierballen vraagt. Ik krijg handschoenen aangereikt en help mee de trossen aan te pakken. Die zijn zwaar: alleen dankzij de afgekeken techniek van Van Maanen lukt het me. Achterin de kuip worden de trossen gekruist in een hydraulische klem vastgezet. Die klem is ook alweer een uitvinding van de Rotterdamse roeiers en wordt nu in meerdere andere havens door roeiers aldaar gebruikt. De bemanning van de ‘Militos’ kijkt ondertussen nieuwsgierig over de reling omdat er een vrouw bij de roeiers is. Ik zwaai omhoog. Ze lachen en zwaaien uitgebreid terug.

Van Maanen bekent dat hij een voorkeur heeft voor het vastleggen van containerschepen. ‘Daar zit er meer tempo in, dan werken we samen met de jongens op de kade die de trossen aanpakken.’

Langs het anker

Als we toe zijn aan de derde set trossen wijst Van Maanen op de vastgezette trossen die ondertussen strak tussen het schip en de bolders staan. ‘Kijk hoe mooi die staan. Vrijwel horizontaal. Dat geeft een mooie krachtverdeling. Het schip ligt al zo goed als afgemeerd.’

De derde set moet langs het anker. Daar komt nu net het koelwater van de winches aan boord naar beneden. Van Maanen vraagt via de porto of het water omgeleid kan worden naar het anker aan de andere kant van het schip. ‘Anders worden we nat’. Door de trossen op tijd te laten vieren en met een bocht naar de bolder te varen, blijven ze niet achter het anker steken.

De hydraulische klem is een uitvinding van de Rotterdamse roeiers en wordt nu in meerdere andere havens door roeiers aldaar gebruikt. Foto: Martens Multimedia

De bootmannen van de KRVE zijn niet in vaste dienst. Het zijn allemaal zelfstandig ondernemers die gezamenlijk de regels rond het werk bepalen. De club is gebouwd op tradities, ‘maar wel met ruimte voor verandering’, zegt Van Maanen, die er zelf al zestien jaar bij hoort. ‘Toen ik net begon, hadden jongeren weinig te vertellen. Dat is nu wel anders.’

De opleiding tot roeier duurt drie jaar en wordt gegeven in samenwerking met het Scheepvaart- en Transport College. Bij het diploma horen ook de papieren voor onder meer werken met gevaarlijke stoffen, VCA (Veiligheid, gezondheid en milieu Checklist Aannemers), EHBO en een radardiploma. De nieuwe aanwas begint jong, zo rond de 18 jaar. Vanaf het tweede opleidingsjaar draaien ze mee op de wacht. Vaak is het een beroep voor het leven. De ouderen doen vaker lichter werk op de kade.

Krachten op de kade

Wind en golven veroorzaken deining en wanneer touwen aan een bolder liggen, wisselt steeds de spanning. De ShoreTension zorgt ervoor dat de touwen strak blijven staan, waardoor een schip stabieler in het water ligt. De KRVE is de uitvinder van het hulpmiddel. Het is een hydraulisch werkende constructie die op de kade tussen twee bolders kan worden geplaatst en waarmee de krachten op de touwen bij ruwe omstandigheden beter worden verdeeld. Eén kant van de ShoreTension wordt bevestigd aan de kade. Aan de andere kant van de ShoreTension, het beweegbare deel, gaat een tros naar het schip. Het systeem wordt nu in 28 havens wereldwijd gebruikt.

Zelfstandige leden

Dat de club uit zelfstandige leden bestaat en niet uit personeelsleden, moet ongeacht de leeftijd zorgen voor onderlinge gelijkwaardigheid. Die gelijkwaardigheid zit ook in de beloning: het is voor de jongeren eveneens goedbetaald werk. Opvallend is de afwezigheid van vrouwen bij de club, behalve dan op kantoor. ‘Wellicht ook iets wat verandert in de toekomst,’ zegt Van Maanen.

De KRVE heeft een eigen ziekteregeling en een eigen pensioenfonds. Iedereen is hetzelfde aantal uren beschikbaar. Binnen de club is er geen ruimte voor parttime werken, dat laat het model niet toe. ‘Er is wel flexibiliteit’, legt Van Maanen uit. ‘Bijvoorbeeld door diensten te ruilen. Een collega heeft in februari een kleintje gekregen, hij heeft veel diensten geruild om juist in die periode vrij te zijn.’

Opvallend is de afwezigheid van vrouwen bij de club, behalve dan op kantoor.

We varen door naar de tweede klus, containerschip ‘Constantia’ in de Amazonehaven, bij de ECT Terminal. Het is een containerschip van 260 meter onder Liberiaanse vlag. Er zit een vrouw bij de bemanning, ik word vrij snel op haar aanwezigheid gewezen en zij op de mijne. We zwaaien vrolijk naar elkaar.

Het is me snel duidelijk waarom Van Maanen een voorkeur heeft voor dit type schepen. Het werk gaat veel vlotter. We hoeven niet zelf naar boven te klimmen om de touwen om de bolder te krijgen. Een roeier op de kade pakt ze aan. ‘Met de auto’s rijden we jaarlijkse drie miljoen kilometer op de kade.’ Van Maanen heeft nog meer cijfers paraat: ‘Per dag varen we gezamenlijk 260 uur met de vletten. En de taxidienst die we verzorgen om de loodsen van en naar schepen te brengen, rijdt zo’n twee miljoen kilometer op jaarbasis.’

Na de ‘Constantia’ varen we terug naar de uitvalsbasis op de Maasvlakte om terug te rijden naar Heijplaat voor hete koffie en een lunch. Door zijn bestuursfunctie staat Van Maanen niet vaak meer in de kuip om de trossen op te vangen. ‘Lekker om het vandaag met het zonnetje erbij weer te doen.’

De bootmannen van de KRVE zijn niet in vaste dienst. Het zijn allemaal zelfstandig ondernemers die gezamenlijk de regels rond het werk bepalen. Foto: Martens Multimedia

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement

Meevaren met de roeiers: ‘Volle bak touwtje trekken’ | NT

Meevaren met de roeiers: ‘Volle bak touwtje trekken’

Reportage

Het afmeren en ontmeren van zeeschepen gebeurt in de Rotterdamse haven door de Koninklijke Roeiers Vereeniging Eendracht (KRVE). NT vaart een ochtend mee om ‘volle bak touwtje te trekken’, zoals de bootmannen het zelf noemen.

Foto: Martens Multimedia

‘Een duppie erbij’, hoor ik galmen vanuit de portofoon die roeier Sjoerd van Maanen op zijn schouder draagt. De sleepboot die aan het assisteren is bij het afmeren van containerschip ‘Constantia’ in de Amazonehaven op de Maasvlakte, geeft vervolgens 10% meer kracht om het vrachtschip naar de kant te krijgen. De roeier staat bij het afmeerproces continu in contact met de loods en de sleepboten.

Van Maanen is bootman, alias roeier, en bestuurslid bij de KRVE. Naast het vast- en losmaken van de trossen houdt de vereniging zich onder meer bezig met het vervoer van loodsen en het bieden van hulp bij calamiteiten in de haven.

Meer dan 270 mannen werken in de Rotterdamse haven als roeier. Dat doen ze in wisseldiensten van steeds twaalf uur. De roeiers zijn zeven dagen per week en in alle weersomstandigheden beschikbaar. Er zijn altijd ongeveer zeventig mannen tegelijk aan het werk. De KRVE bestaat sinds 1895. Het is de enige partij in de Rotterdamse haven die de zeeschepen aan- en afmeert. Dat is zo gereguleerd in de Havenverordening.

Tekst gaat verder onder de foto

Voor het vastleggen van containerschepen wordt samengewerkt met de mannen op de kade die de trossen aanpakken. Foto: Martens Multimedia

Daadwerkelijk roeien doen de bootmannen niet meer. Het werk op het water wordt gedaan met vletten, kleine en wendbare gele bootjes die op de eigen scheepswerf van de KRVE worden gebouwd en onderhouden. Langs de kades rijden de roeiers in door de KRVE ontworpen wagens met in de laadbak een gemotoriseerde katrol, de zogenoemde winch, waarmee de trossen omhoog worden geholpen.

Afmeerconfiguraties

Vanuit het hoofdkantoor op Heijplaat vaart uw NT-reporter eerder die ochtend mee naar de MOT, de Maasvlakte Olie Terminal, om de tanker ‘Militos’ vast te leggen. De tanker wordt op acht punten vastgelegd, steeds met twee trossen per aanlegpunt. ‘De kapitein bepaalt hoeveel trossen we vastmaken, de terminal bepaalt waar we ze plaatsen en wij maken veilig en efficiënt de verbinding’, legt Van Maanen uit.

Er zijn altijd ongeveer zeventig mannen tegelijk aan het werk

Aan de hand van afmeerconfiguraties die door de terminal geleverd zijn, wordt het schip vastgelegd. ‘Het werk houdt meer in dan alleen touwtje trekken, ook al noemen we het zo’, vertelt de ‘boatman’. ‘We weten hoe de krachten op de bolders en de kades zijn. Binnen de KRVE meten en bestuderen we dit.’

Zo’n anderhalf uur voordat een schip aan de trossen moet worden gelegd, kunnen de planners van de KRVE aan de slag met het werkschema. Via een eigen app krijgen de roeiers door waar ze moeten zijn en wat er moet gebeuren.

Van Maanen en zijn collega’s nemen het werk en de regels rondom het veilig doen van dat werk bloedserieus. Tegelijkertijd gebruikt hij overal verkleinwoordjes voor en stelt hij zaken simpeler voor dan ze zijn. Voor de ‘Militos’ gaan twee ‘vletjes’ aan de slag. De bootmannen leggen steeds vier keer twee ‘touwtjes’ aan de ‘paaltjes’.

Tekst gaat verder onder de foto

‘Het werk houdt meer in dan alleen touwtje trekken, ook al noemen we het zo’, vertelt Sjoerd van Maanen (links).

Vanaf het dek van de ‘Militos’ piepen de eerste trossen tevoorschijn. Met een helm op en zijn veiligheidsschoenen, werkjas en reddingsvest aan, vangt Van Maanen de touwen op in de kuip van de vlet. Hij legt de trossen zo neer dat ze niet met elkaar verstrengeld raken en straks makkelijk om de bolder kunnen. Het is werk wat om spierballen vraagt. Ik krijg handschoenen aangereikt en help mee de trossen aan te pakken. Die zijn zwaar: alleen dankzij de afgekeken techniek van Van Maanen lukt het me. Achterin de kuip worden de trossen gekruist in een hydraulische klem vastgezet. Die klem is ook alweer een uitvinding van de Rotterdamse roeiers en wordt nu in meerdere andere havens door roeiers aldaar gebruikt. De bemanning van de ‘Militos’ kijkt ondertussen nieuwsgierig over de reling omdat er een vrouw bij de roeiers is. Ik zwaai omhoog. Ze lachen en zwaaien uitgebreid terug.

Van Maanen bekent dat hij een voorkeur heeft voor het vastleggen van containerschepen. ‘Daar zit er meer tempo in, dan werken we samen met de jongens op de kade die de trossen aanpakken.’

Langs het anker

Als we toe zijn aan de derde set trossen wijst Van Maanen op de vastgezette trossen die ondertussen strak tussen het schip en de bolders staan. ‘Kijk hoe mooi die staan. Vrijwel horizontaal. Dat geeft een mooie krachtverdeling. Het schip ligt al zo goed als afgemeerd.’

De derde set moet langs het anker. Daar komt nu net het koelwater van de winches aan boord naar beneden. Van Maanen vraagt via de porto of het water omgeleid kan worden naar het anker aan de andere kant van het schip. ‘Anders worden we nat’. Door de trossen op tijd te laten vieren en met een bocht naar de bolder te varen, blijven ze niet achter het anker steken.

De hydraulische klem is een uitvinding van de Rotterdamse roeiers en wordt nu in meerdere andere havens door roeiers aldaar gebruikt. Foto: Martens Multimedia

De bootmannen van de KRVE zijn niet in vaste dienst. Het zijn allemaal zelfstandig ondernemers die gezamenlijk de regels rond het werk bepalen. De club is gebouwd op tradities, ‘maar wel met ruimte voor verandering’, zegt Van Maanen, die er zelf al zestien jaar bij hoort. ‘Toen ik net begon, hadden jongeren weinig te vertellen. Dat is nu wel anders.’

De opleiding tot roeier duurt drie jaar en wordt gegeven in samenwerking met het Scheepvaart- en Transport College. Bij het diploma horen ook de papieren voor onder meer werken met gevaarlijke stoffen, VCA (Veiligheid, gezondheid en milieu Checklist Aannemers), EHBO en een radardiploma. De nieuwe aanwas begint jong, zo rond de 18 jaar. Vanaf het tweede opleidingsjaar draaien ze mee op de wacht. Vaak is het een beroep voor het leven. De ouderen doen vaker lichter werk op de kade.

Krachten op de kade

Wind en golven veroorzaken deining en wanneer touwen aan een bolder liggen, wisselt steeds de spanning. De ShoreTension zorgt ervoor dat de touwen strak blijven staan, waardoor een schip stabieler in het water ligt. De KRVE is de uitvinder van het hulpmiddel. Het is een hydraulisch werkende constructie die op de kade tussen twee bolders kan worden geplaatst en waarmee de krachten op de touwen bij ruwe omstandigheden beter worden verdeeld. Eén kant van de ShoreTension wordt bevestigd aan de kade. Aan de andere kant van de ShoreTension, het beweegbare deel, gaat een tros naar het schip. Het systeem wordt nu in 28 havens wereldwijd gebruikt.

Zelfstandige leden

Dat de club uit zelfstandige leden bestaat en niet uit personeelsleden, moet ongeacht de leeftijd zorgen voor onderlinge gelijkwaardigheid. Die gelijkwaardigheid zit ook in de beloning: het is voor de jongeren eveneens goedbetaald werk. Opvallend is de afwezigheid van vrouwen bij de club, behalve dan op kantoor. ‘Wellicht ook iets wat verandert in de toekomst,’ zegt Van Maanen.

De KRVE heeft een eigen ziekteregeling en een eigen pensioenfonds. Iedereen is hetzelfde aantal uren beschikbaar. Binnen de club is er geen ruimte voor parttime werken, dat laat het model niet toe. ‘Er is wel flexibiliteit’, legt Van Maanen uit. ‘Bijvoorbeeld door diensten te ruilen. Een collega heeft in februari een kleintje gekregen, hij heeft veel diensten geruild om juist in die periode vrij te zijn.’

Opvallend is de afwezigheid van vrouwen bij de club, behalve dan op kantoor.

We varen door naar de tweede klus, containerschip ‘Constantia’ in de Amazonehaven, bij de ECT Terminal. Het is een containerschip van 260 meter onder Liberiaanse vlag. Er zit een vrouw bij de bemanning, ik word vrij snel op haar aanwezigheid gewezen en zij op de mijne. We zwaaien vrolijk naar elkaar.

Het is me snel duidelijk waarom Van Maanen een voorkeur heeft voor dit type schepen. Het werk gaat veel vlotter. We hoeven niet zelf naar boven te klimmen om de touwen om de bolder te krijgen. Een roeier op de kade pakt ze aan. ‘Met de auto’s rijden we jaarlijkse drie miljoen kilometer op de kade.’ Van Maanen heeft nog meer cijfers paraat: ‘Per dag varen we gezamenlijk 260 uur met de vletten. En de taxidienst die we verzorgen om de loodsen van en naar schepen te brengen, rijdt zo’n twee miljoen kilometer op jaarbasis.’

Na de ‘Constantia’ varen we terug naar de uitvalsbasis op de Maasvlakte om terug te rijden naar Heijplaat voor hete koffie en een lunch. Door zijn bestuursfunctie staat Van Maanen niet vaak meer in de kuip om de trossen op te vangen. ‘Lekker om het vandaag met het zonnetje erbij weer te doen.’

De bootmannen van de KRVE zijn niet in vaste dienst. Het zijn allemaal zelfstandig ondernemers die gezamenlijk de regels rond het werk bepalen. Foto: Martens Multimedia

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement