In de kwestie-Qatar heeft onze regering tegen de zin van de Tweede Kamer besloten toch hoogwaardigheidsbekleders naar het WK te sturen, omdat we de Arabische gasleveranciers niet voor het hoofd willen stoten en die voetbalstadions er nou eenmaal toch staan. Ook in de scheepvaart zorgt de economische realiteit ervoor dat bezwaren uit praktisch oogpunt maar voor lief worden genomen en gaat het werk op de sloopstranden in Azië door, ook al heeft de EU ze op de zwarte lijst gezet. Volgens het NGO Shipbreaking Platform, de internationale organisatie die de reders in deze kwestie achter de broek blijft zitten, slopen de sloopstranden van India, Pakistan en Bangladesh nog altijd het leeuwendeel, 90%, van alle wereldtonnage. Om er niet zelf op te worden aangekeken, verkopen rederijen hun oude schepen aan zogenoemde cash buyers, die op hun beurt deals sluiten met de Aziatische sloopstranden.

Redersorganisatie Bimco waarschuwde op basis van een zelf georkestreerd onderzoeksrapport dat er een nijpend tekort is aan legale sloopfaciliteiten voor schepen. Op de lijst van door de EU goedgekeurde sloopbedrijven staan alleen enkele geschikte Turkse locaties en verder Europese nichebedrijven die geen grote zeeschepen kunnen behappen, en geen enkel bedrijf uit India, Pakistan of Bangladesh, aldus een mopperend Bimco, dat stelt dat de genoemde Aziatische landen ‘aanzienlijke inspanningen hebben gedaan om hun faciliteiten te verbeteren’. Het NGO Shipbreaking Platform ontkent die verbeteringen en vindt de situatie nog steeds bar en boos. Waar alle betrokkenen het over eens zullen zijn, is dat het van groot belang is om het sloopprobleem eens echt uit de wereld te helpen. In het voetbal kan je stellen dat het leed al is geschied en dat helaas het lot van de stadionbouwers waarschijnlijk in de vergetelheid zal raken nadat Oranje zijn ereronde met de wereldcup heeft gelopen, maar het slopen van schepen blijft een actueel pijndossier.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement