North Sea Port gaat onder meer het toezicht verbeteren op de ISPS, de Internationale Code voor de Beveiliging van Schepen en Havenfaciliteiten, zo vertelt Schalck. De ISPS moet volgens hem tot in de puntjes worden nageleefd om de haven weerbaar te maken tegen criminaliteit. In de code staan de minimumeisen beschreven voor de beveiliging van schepen, havenfaciliteiten en overheidsinstellingen.

Verder wil de fusiehaven meer inspanningen leveren om partijen zoals de politie, de marechaussee en de douane samen te brengen. Daarbij wil het havenbedrijf de havencommunity weerbaar maken door te voorkomen dat medewerkers in de haven informatie van terminals, zoals de aankomsttijd van schepen, doorgeven aan mogelijke criminelen.

Het verscherpen van de ondermijningsaanpak maakt onderdeel uit van het strategisch plan waarin doelen staan beschreven die in 2025 behaald moeten zijn. Schalck hoopt dat het plan medio oktober goedgekeurd is door de acht aandeelhouders, waaronder de Provincie Zeeland en de gemeente Zelzate.

CO2 afvoeren

De eerste concrete stap die het havenbedrijf, nu het plan op tafel ligt, gaat zetten, is het afvoeren van CO2. Schalck: ‘We kijken nu al hoe we de terminals moeten gaan inrichten, ontwerpen, plannen en financieren om CO2 af te kunnen voeren.’ Volgens Schalck ligt de formele goedkeuring al een tijdje op de plank en wordt binnenkort gesproken met de industrie in North Sea Port.

Er moet volgens de fusiehaven 50 miljoen euro in infrastructuur geïnvesteerd worden om tegen 2025 minstens 3 miljoen ton CO2 per jaar af te kunnen vangen. Het is nog niet bepaald wie dat bedrag gaat betalen. Met infrastructuur om CO2 af te vangen, bedoelt Schalck pijpleidingen en terminals. Over het realiseren van de infrastructuur en de financiering ervan lopen gesprekken met de grote industrie in North Sea Port, de Belgische netbeheerder Fluxys en de Nederlandse netbeheerder Gasunie.

Het hoeft volgens Schalck geen kapitaalinjectie van het havenbedrijf te zijn. ‘We gaan niet investeren in CO2-afvang van bedrijven.’ Daarentegen kan Schalck zich wel indenken dat hij een investering doet voor terminals. North Sea Port streeft vooral na dat er een open source-netwerk komt voor waterstof en CO2, waarop verschillende bedrijven kunnen aansluiten.

En wat levert het strategisch plan uiteindelijk op? Schalck: ‘Dat er bijkomende jobs worden gecreëerd in de sectoren waar North Sea Port op inzet.’ Die sectoren zijn: chemie, staal, bouwmaterialen, energie, de auto- en trucksector, voeding en (vee)voeder, en logistiek met toegevoegde waarde. Daarnaast wil het havenbedrijf de CO2-uitstoot verminderen én meer duurzame bedrijven aantrekken. Schalck noemt als grootste uitdaging financieel gezond blijven. ‘Het kost veel geld om een duurzame haven te ontwikkelen.’

Circulaire havenindustrie

In april berichtte deze krant al, dat North Sea Port de komende jaren niet gaat inzetten op containers, maar op een circulaire havenindustrie. ‘Een partij die zich richt op Transatlantische ladingstromen per container, is niet welkom om zich hier te vestigen.’ De fusiehaven wil wel blijven mikken op sectoren als fruit en suiker, ongeacht of de lading wordt vervoerd per container of niet.

Volgens Schalck zijn bedrijven die een toegevoegde waarde bieden wel welkom. ‘Bijvoorbeeld vrieshuizen of specialistische opslagcapaciteiten zoals suikerterminals en graanterminals. Wij ondersteunen de verregaande containerisatie van de bedrijven in deze sectoren.’

Maar het havenbedrijf zal zijn pijlen niet richten op grote namen als Maersk en DP World. ‘North Sea Port gaat niet proberen om Rotterdam en Antwerpen het vuur aan de schenen te leggen.’ Dat betekent volgens Schalck dus echt ‘nee’ zeggen als bijvoorbeeld Maersk toch met een initiatief bij de fusiehaven zou uitkomen. ‘Want uiteindelijk kan je een hectare maar één keer uitgeven.’

Schalck zegt dat er geen grote diepzee-containerterminal meer komt in de Westerschelde, geen WCT. Drie jaar geleden viel voor de derde keer het plan voor zo’n terminal in duigen. ‘De ruimte willen we nu aan circulaire bedrijven laten. Niet alleen het belang van circulariteit is toegenomen, de consolidatie in de containersector is ook van dien aard dat het voor North Sea Port geen goede keuze zou zijn om als kleine haven, met grote omliggende havens als Antwerpen en Rotterdam, nog een nieuwe macht als containerhaven te ontwikkelen.’

Staal en chemie

Het havenbedrijf wil tegen 2025 minstens tien nieuwe bedrijven, actief in de circulaire economie, in het havengebied verwelkomen. North Sea Port wil 150 hectare voor circulaire projecten beschikbaar hebben. ‘Er wordt regelmatig interesse getoond door partijen. Vooral door bedrijven uit sectoren die al sterk vertegenwoordigd zijn in North Sea Port, zoals staal en chemie.’ Schalck kan geen namen noemen van partijen waar nu gesprekken mee lopen.

North Sea Port wil ook in de sector bouwmaterialen de circulariteit verhogen. De markt van circulaire bouwmaterialen in Europa heeft volgens Schalck nog enorm groeipotentieel. ‘Daarover lopen ook gesprekken.’ Vorig jaar gaf de havenbeheerder al een circulair startsein met de komst van een nieuwe recyclingterminal op Kluizendok in North Sea Port.

En wat heeft North Sea Port nodig om dit strategisch plan te doen slagen? Volgens Schalck is commitment van de hele havencommunity belangrijk, ‘en dat gaat verder dan bedrijven in North Sea Port’. Daarmee doelt Schalck op de klimaatambities die Europa heeft. ‘Steunmaatregelen en overheidsinvesteringen moeten hieraan bijdragen. Het kan niet zo zijn dat Europa miljoenen ton CO2 wil reduceren tegen 2030 en dat de overheid zelf aan de kant blijft staan. Stel dat van alle subsidiestromen 0% naar onze regio komt, dan hebben we een probleem.’

Gelukkig komt de essentiële financiële steun beschikbaar, zegt hij. Zo heeft Nederland de Stimulering Duurzame Energieproductie en Klimaattransitie (SDE++)-regeling. Bedrijven komen in aanmerking voor deze subsidie als zij hernieuwbare energie produceren of CO2-verminderende technieken toepassen. Zeker in de beginfase van het reduceren van CO2 zijn subsidies onontbeerlijk, benadrukt Schalck. ‘Dat hebben we ook gezien bij de offshore windparken, die eerst subsidie nodig hadden en later niet meer.’

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding