De deelnemers werden tijdens de door NT en TKI Dinalog georganiseerde bijeenkomst getrakteerd op een breed uitzicht over de bouwplaats van het project ‘Wonderwoods’. Op deze locatie midden in het centrum van Utrecht verrijzen twee woontorens van 105 en 70 meter hoog, waar na de voltooiing in 2024 300 woningen beschikbaar komen. Ook moet het complex dan 27.000 vierkante meter ruimte bieden voor andere voorzieningen. Architect Stefano Boeri spreekt zelf overigens niet van een gebouw, maar van een verticaal bos vanwege de 360 bomen en bijna 10.000 planten die in bakken aan de gevel worden bevestigd.

Logistieke puzzel

Een bouwproject van dit type vormt door de schaal en ligging een logistieke puzzel die niet gemakkelijk te leggen is, vertelde Frazer. VolkerWessels zoekt de oplossing in het gebruik van bouwhubs. Het bouwconcern heeft in Utrecht al een aantal jaren de beschikking over een hub, een locatie aan de rand van de stad van waaruit de logistiek wordt gecoördineerd. Leveringen van meerdere leveranciers worden er geconsolideerd tot dagpakketten voor op de bouwplaats. Ook dient de hub als opslag en prefabricatielocatie. Ten slotte vindt vanuit de hubs het vervoer van medewerkers naar de bouwlocatie plaats. De busjes nemen op de terugweg naar de BouwHub afval van de bouwplaats mee. Frazer: ‘Het hubconcept betekent in de basis dat je de regie neemt in de ruwbouwfase en zaken slim bundelt in de afbouwfase.’

​Volgens Ruben Vrijhoef, lector ‘Building Future Cities’ aan de Hoge School Utrecht is vernieuwing hard nodig in de bouwlogistiek. Hij wees tijdens zijn presentatie op de bouwambities in Utrecht, die groei van het inwoneraantal van 350.000 naar 455.000 in 2040 mogelijk moeten maken. Het bouwvervoer is nu al goed voor bijna 5% van al het verkeer in de stad en dat zal alleen maar toenemen, terwijl de openbare ruimte niet meegroeit. Verder werkt Utrecht net als veel andere steden aan invoering van een zero-emissiezone, waardoor ook verduurzaming hoog op de agenda staat.

Vrijhoef constateert dat gemeenten zich realiseren dat het anders moet en steeds strengere eisen opnemen in aanbestedingen. ‘Zij sturen niet langer alleen op kosten, maar schijven bijvoorbeeld de uitstootklasse van de te gebruiken trucks of een maximum aantal voertuigkilometers voor. Ook het gebruik van een bouwhub duikt steeds vaker op in uitvragen.’

Volkerwessels heeft zijn netwerk van bouwhubs de afgelopen jaren flink uitgebreid. Inmiddels beschikt het bouwbedrijf naast de hub in Utrecht ook over locaties in Amsterdam, Rotterdam, Groningen, Arnhem/Nijmegen, Den Bosch en Eindhoven.

Beladingsgraad

Het bedrijf claimt dat het slim bundelen van lading een verhoging van de beladingsgraad oplevert van 40% naar 90%. Daardoor zijn 69% minder voertuigbewegingen nodig en bespaart VolkerWessels 1 uur en 21 minuten per rit. Volgens Frazer heeft VolkerWessels daardoor de uitstoot van zowel CO2 als stikstof kunnen verlagen met 68%. De bouwer zag de arbeidsproductiviteit door de efficiëntere logistiek bovendien met 39% stijgen,waardoor de bouwhub ook voor het personeelstekort een deel van de oplossing is. Onder de streep levert dat alles een verlaging op van de bouwkosten met 15 euro per vierkante meter, aldus Frazer. Ook andere bouwbedrijven boeken goede resultaten met bouwhubs, blijkt uit onderzoek door TNO. Zo bespaarde Dura Vermeer in de afbouw van het Utrechtse Noordgebouw 65% van de ritten en wist Van Wijnen in de ruwbouwfase van het nieuwbouwproject Mariskwartier in Vlaardingen een reductie van maar liefst 80% te realiseren.

Ondanks de klinkende resultaten, staan niet alle klanten van VolkerWessels direct open voor toepassing van de bouwhub in hun projecten, vertelde Frazer. Het concept is volgens hem wel rijp voor opschaling. ‘Ik denk dat we 80% van de projecten op deze manier zouden kunnen uitvoeren’.

Het gaat daarbij volgens hem niet alleen om nieuwbouw, maar ook om renovatie- en verduurzamingsprojecten. Zo heeft het concern in Utrecht net de renovatie afgerond van 84 monumentale portiekwoningen. Tijdens dat project kwam nog een ander voordeel van de bouwhub aan het licht, vertelde Frazer. Doordat de prefabricatie en opslag elders plaatsvonden, bleef de overlast door de levring van bouwmaterialen beperkt en ontvingen de bouwers daarover geen klachten van bewoners en omwonenden.

Toch blijft grootschalig gebruik van hubs tot nu toe uit. Volgens consultant Arjen de Feijter is dat vooral te wijten aan inkopers en leveranciers, die geen belang hebben bij een hub en liever direct op de bouwplaats leveren. ‘Die afstemming vereist samenwerking, maar dat verloopt moeilijk’, zei hij.

De vraag hoe het concept kan worden opgeschaald houdt ook operationeel directeur Bas van Bree van TKI Dinalog bezig, zo beaamde hij. ‘Daarvoor zijn een ‘mindshift’ en leiderschap nodig. Het gebruik van een bouwhub moet uiteindelijk een nobrainer worden.’

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement