Op 6 september wordt in de Tweede Kamer een rondetafelgesprek gehouden over digitale weerbaarheid. Het Havenbedrijf Rotterdam is een van de gesprekspartners hierin, de position paper is ter voorbereiding als Kamerstuk ingediend.

Een van de kritiekpunten die het HbR aandraagt is dat in de haven slechts een handvol bedrijven zijn aangemerkt als ‘vitaal’ vanuit de overheid. Alleen deze bedrijven hebben toegang tot dreigingsinformatie. Gezien de toenemende digitale verbondenheid en de stijgende dreiging van een cyberaanval, is dat zorgelijk, vindt het Havenbedrijf. Ook waarschuwt het HbR voor een te grote afhankelijkheid Amerikaanse cloudproviders.

Digitale data-uitwisseling

In de haven van Rotterdam zijn zo’n 3.000 bedrijven gevestigd, dat biedt direct en indirect werk aan meer dan een half miljoen mensen in Nederland. Die duizenden bedrijven staan digitaal met elkaar in verbinding, bijvoorbeeld door informatie te delen over bezettingsgraden, aankomsttijden van schepen bij terminals en transportdocumenten.

De digitale samenhang maakt de haven een ‘kwetsbaar’ en ‘strategisch doelwit’ voor kwaadwillenden, is te lezen in de notitie. Een aanval ‘verstoort de logistieke ketens en scheepvaartafwikkeling en zorgt mogelijk voor risico’s op het gebied van veiligheid (incidenten en integriteit), bereikbaarheid (congesties) en het imago van de betrouwbaarheid van de haven als geheel’.

HbR pleit daarom voor een crisisplan en een samenhangende vorm van cybertoezicht. ‘Hierdoor kan de kwaliteit van het cybertoezicht worden verhoogd en de (administratieve) lasten voor bedrijven worden verlaagd.’

Rotterdam heeft met cybersecurityprogramma FERM een netwerk van bedrijven die onderling dreigingsinformatie uitwisselen, ongeacht de vitale of essentiële status van een bedrijf daarin.

Lees ook: Continuïteit van de haven is afhankelijk van de cyberveiligheid

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement