Cas König, ceo van Groningen Seaports, begint met een oproep aan de landelijke overheid om haast te maken met de uitgifte van kavels voor offshore windenergie in Groningen. ‘Het vrijgeven van die kavels voor windprojecten duurt langer dan verwacht. En zonder offshore wind heeft het geen zin om elektrolysers neer te zetten voor de waterstofproductie’, zegt König.

‘Er is meer bestuurlijke moed nodig om het proces van kaveluitgifte te versnellen. De overheid probeert kavels te bundelen, maar dat leidt tot vertraging. We hebben in 2028 in dit gebied al een factor zeven meer elektriciteit nodig dan nu het geval is.’

Waterstof

Veel grote bedrijven willen graag met waterstof aan de gang, heeft de haventopman gemerkt. De bedoeling is dat er straks in Groningen grootschalig stroom via offshore wind naar de Eemshaven getransporteerd wordt om er daar waterstof van te maken via elektrolysers.

König: ‘Die waterstof stoppen we vervolgens in het gasnetwerk van Gasunie (dat netwerk is relatief makkelijk om te bouwen voor waterstofdistributie, red.) en de naastgelegen zoutopslag. Natuurlijk is het ook voor lokale afnemers, maar we verwachten voornamelijk de rest van Nederland en Noordwest-Europa te gaan beleveren met waterstof.’

Eerste spade

Een consortium met daarin grote spelers als Shell, Eneco, Gasunie, Equinor en RWE werkt nu aan de waterstofplannen. Er zijn nog geen keuzes gemaakt over wie de elektrolysers gaat bouwen. ‘Er is nu nog vooral sprake van studies, al worden er echt enorme stappen gezet. Zo zaten we laatst in een vergadering met iedereen die aan het project werkt, dat waren wel honderdvijftig mensen. Er wordt serieus geld aan uitgegeven. Het gaat gebeuren, de vraag is nog alleen in welk tempo.’

Als het kabinet deze zomer helderheid geeft aan de bedrijven over hoe de subsidieregelingen en de wetgeving rondom waterstof eruit komen te zien, gaat eind dit jaar de eerste spade de grond in, verwacht de ceo.

Vergunningen

‘We hebben zeven – volgens huidige begrippen relatief grote – waterstofprojecten in de planning. De vergunningen zijn er deels al. Als er morgen helderheid is vanuit de overheid, gaan ze overmorgen van start. We zullen met deze projecten moeten beginnen om het systeem aan de gang te krijgen. Net zoals vroeger de eerste windenergieprojecten subsidie nodig hadden en we nu grootschalige parken kunnen bouwen met veel lagere kosten per opgewekte megawattuur.’

De rol van het havenbedrijf is daarbij om de lokale gebruikers te koppelen aan alle initiatieven en de infrastructuur te verzorgen, vertelt König. ‘Zo hebben we in het verleden al bedrijven aan elkaar gekoppeld via onder andere de stoomleidingen.’

Zolang niet duidelijk is wanneer er waterstof beschikbaar is, zijn productiebedrijven geneigd naar elektrificatie te kijken om hun CO2-uitstoot te beperken. ‘Dat kan hier gelukkig nog, omdat we zoveel stroom beschikbaar hebben. De problemen in het westen van het land en nu ook in Noord-Brabant en Limburg, zoiets hebben we hier nog niet omdat hier ontzettend veel opgesteld vermogen staat. Daardoor hebben we nog ruimte in ons elektriciteitsnet. Maar bedrijven willen vooral groene elektriciteit hebben, geen grijze.’

Dit is deel 2/9 in een serie interviews over de rol die Nederlandse en Vlaamse havens spelen in de energietransitie. Meer weten? Kom naar de Vlaams-Nederlandse Havendag op 30 juni 2022 in Rotterdam.

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een abonnement af

Start abonnement