De Erck Rickmers Gruppe, een bedrijf van Erck Rickmers, een Duitse zakenman en SPD-politicus en een grote naam in het scheepvaartwereldje, was het voornaamste doelwit van wat door de Duitse krant Bild werd omschreven als een ‘Großrazzia in feinsten Kreisen’: een grote inval in de chicste kringen.

De drie containerschepen waarop het justitieel onderzoek zich volgens de Duitse omroep NDR toespitst, waren tot in 2017 stuk voor stuk eigendom van Rickmers-bedrijven en vonden alle drie in datzelfde jaar hun einde op het sloopstrand van Gadani in Pakistan.

Traditie

Het is op de sloopstranden een traditie dat vrachtschepen worden ontmanteld onder een andere naam dan waaronder ze gevaren hebben. Daar zagen we toevallig twee weken in deze krant nog een voorbeeld van: de wereldberoemde reuzenbulkcarrier ‘Berge Stahl’, die met wat klodders verf in extremis werd omgedoopt tot ‘Geostahl’.

Hetzelfde gebeurde het trio Hamburgse vaartuigen dat nu de interesse van de Duitse justitie heeft gewekt. De ‘E. R. Rickmers’ zag de zon op het Pakistaanse sloopstrand voor eeuwig ondergaan onder de naam ‘Sun 1’, terwijl de ‘MSC Florida’ werd gesloopt als de ‘Florida 1’. Alleen de ‘Alexandra Rickmers’ verliet de transportwereld met opgeheven hoofd, daar werd alleen een ‘1’ achter gezet: ‘Alexandra Rickmers 1’.

Justitie in Hamburg heeft na vragen van de Duitse pers laten weten dat de Hamburgse scheepseigenaren ervan worden verdacht de sloop van de drie afgedankte schepen in kwestie niet op deugdelijke wijze te hebben geregeld. De eigenaren verkochten de schepen aan derden en wisten volgens justitie dondersgoed dat de varende wrakken op die manier zouden eindigen op een Aziatisch sloopstrand.

Privéwoningen

De Erck Rickmers Gruppe is de hoge boom die de meeste wind vangt; bij veel Duitse nieuwsartikelen over de politie-inval wordt een foto getoond van de witte villa van het bedrijf aan het rustieke Alstermeer in het centrum van Hamburg. Maar het lijkt erop dat er nog veel meer betrokkenen nu in de rats zitten. Volgens de Duitse pers heeft justitie in deze zaak meer dan duizend ondernemers in het vizier. De politiemacht deed invallen in zeker twintig kantoren en privéwoningen.

De Erck Rickmers Gruppe schrijft in een statement op haar website dat het onderzoek zich wat haar betreft richt op een schip dat in 2017 ‘in moeilijke marktomstandigheden’ aan de hoogstbiedende werd verkocht. Het vaartuig werd in augustus 2017 in de Egyptische haven Port Said overgedragen aan de koper, en daarna lag de verantwoordelijkheid voor het schip in handen van die nieuwe eigenaar, aldus de Rickmers-groep. Het schip was voordien voor minder dan 1% eigendom van Rickmers, aldus het bedrijf: ‘Het schip behoorde aan ongeveer 350 investeerders’.

Wat die ‘moeilijke marktomstandigheden’ betreft: de NT-archieven bevatten in de periode 2016-2017 inderdaad heel wat smartelijke Rickmers-berichten met koppen als ‘Rickmers zwaar onder water‘. In november 2016 baarde het scheepvaartbedrijf opzien door een record te vestigen en het jongste schip ooit naar de sloop te brengen.

Opkopers

De opkopers van de drie varende wrakken lieten er destijds geen gras over groeien. In september 2017 lagen de ‘Alexandra Rickmers’ en de ‘ER Hamburg’ reeds op het strand in Pakistan, een maand later gevolgd door de ‘Florida 1’.

De in het nauw gebrachte Hamburgse scheepvaartonderneming zegt in haar statement ‘toe te juichen als inbreuk op milieuvoorschriften wordt opgehelderd’. En, voegt de onderneming eraan toe: ‘De Erck Rickmers Gruppe is zich van geen kwaad bewust en werkt volledig mee met de opsporingsinstanties’.

Het beachen van scheepswrakken op Aziatische sloopstranden staat in een kwaad daglicht omdat er weinig oog is voor milieuregels en de arbeidsomstandigheden er gevaarlijk zijn. Toch is het gebruik ervan nog schering en inslag in de scheepvaartwereld. Scheepseigenaren kunnen voor hun oude schepen nog behoorlijk wat geld krijgen door ze te verpatsen aan de zogenoemde ‘cash buyers’, tussenpersonen die de vaartuigen vervolgens naar de stranden brengen. De opkopers verdienen hun investering in Azië terug met de doorverkoop van het staal van de gesloopte schepen.

NGO Shipbreaking Platform, een in Brussel gevestigde internationale organisatie die strijdt tegen het beachen, telde vorig jaar 630 zeeschepen en offshore installaties die aan sloopwerven werden verkocht. 90% van dit wereldwijde tonnage eindigde volgens de organisatie op welgeteld drie sloopstranden. Naast Gadani waren dat Chattogram (Bangladesh) en Alang (India).

Uitgebuit

Arbeiders, onder wie zelfs kinderen, worden op de stranden uitgebuit, aldus het Platform, en blootgesteld aan allerlei gevaren, variërend van giftige stoffen tot vallende stalen platen. ‘Het is schandaal dat wetten en regels die bedoeld zijn om mensen en het milieu te beschermen, worden genegeerd bij het slopen van bijna de complete wereldvloot’, aldus Ingvild Jenssen, directeur van NGO Shipbreaking Platform.

Het is nu de vraag welke wetboeken justitie in Hamburg uit de kast zal trekken om in de zaak van de Rickmers-schepen mensen ter verantwoording te roepen. Nieuwe regelgeving die de Europese Unie twee jaar geleden heeft aangenomen, stelt dat schepen die onder Europese vlag varen alleen bij erkende bedrijven gesloopt mogen worden, en de sloopstranden in Azië behoren daar duidelijk niet toe. Maar het geval wil dat op de drie Hamburgse containerschepen geen Europese vlag wapperde: twee voeren onder Liberiaanse vlag en een onder die van Saint Kitts and Nevis. Om op wereldschaal voor een nettere slooppraktijk te zorgen, heeft de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) de Hong Kong Conventie in het leven geroepen, maar die is tot nu toe een tandeloze tijger gebleken omdat landen huiverig zijn om ze te ratificeren.

Gevangenisstraf

De strafvervolgingen die er tot toe zijn geweest vanwege illegaal slopen, zijn op de vingers van een hand te tellen en waren gebaseerd op regelgeving voor het wegwerken van afval: de Europese Verordening Overbrenging Afvalstoffen (EVOA). In 2018 slaagde het Openbaar Ministerie in Nederland erin om de rechter ervan te overtuigen dat sloopschepen inderdaad afval zijn. Twee bestuurders van de Groningse rederij Seatrade kregen een boete van 50.000 euro opgelegd en mochten hun functie een jaar lang niet uitoefenen als straf voor het laten slopen van de reeferschepen ‘Spring Bear’, ‘Spring Bob’, ‘Spring Deli’ en ‘Spring Panda’ in Bangladesh, India en Turkije. De zes maanden gevangenisstraf die het OM had geëist, werd door de rechter weliswaar gerechtvaardigd genoemd, maar uiteindelijk niet opgelegd omdat de twee bestuurders niets anders hadden gedaan dan wat in de scheepvaartsector heel gebruikelijk is.

Vorig jaar werd in Noorwegen wél een celstraf opgelegd wegens beachen. De 54-jarige scheepseigenaar Georg Teide kreeg zes maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd omdat hij als de kwade genius wordt gezien van het verkopen van het LASH-schip ‘Tide Carrier’ aan een cash buyer in 2017. Onder de dekmantel van niet-bestaand reparatiewerk in Oman had het vaartuig destijds koers gezet richting het sloopstrand van Gadani, maar in zware weersomstandigheden was het schip in zulke grote problemen gekomen dat de kustwacht de bemanning moest komen redden. Waarmee de Noorse autoriteiten een heterdaadje hadden en het ultieme bewijsstuk in de schoot geworpen kregen.

Lees ook: ‘Berge Stahl’ glorieloos gebeached

U las zojuist één van de gratis premium artikelen

Onbeperkt lezen? Sluit nu een gratis proefabonnement af

Bekijk de aanbieding